Woordenlijst

betekenissen:

  • A

    • A001 formulier

      (Oude term)
      Het A001-formulier was het algemene inschrijvingsformulier bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Met dit formulier kon je je bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap registreren als een persoon met een handicap. Het formulier bestaat nog in het kader van de Individuele Materiele Bijstand, maar de term is veranderd naar: aanvraagformulier hulpmiddelen en aanpassingen.

    • Aandachts(tekort)stoornis met hyperactiviteit (ADHD)

      ADHD is de afkorting van het Engelse woord “Attention Deficit Hyperactivity Disorder”. In het Nederlands zeg je “Aandachts(tekort)stoornis met hyperactiviteit”.
       
      ADHD is een stoornis in het gedrag van mensen. De voornaamste kenmerken zijn onoplettendheid, een tekort aan aandacht (snel afgeleid zijn), overdreven activiteit (‘druk’ zijn) en impulsiviteit. Impulsiviteit wil zeggen dat iemand iets doet zonder er vooraf genoeg over na te denken.

    • Aanmelder

      (Oude term)
      Een aanmelder is iedere individuele persoon of organisatie (Multidisciplinair Team, voorziening, sociale dienst, gebruikersvereniging,...) die een persoon met een handicap met een vraag naar ondersteuning in contact brengt met de gegevensbank van wachtende zorgvragen (kortweg de Centrale Registratie Zorgvragen of CRZ). De aanmelder noteert de ondersteuningsvraag van de persoon met een handicap in deze digitale gegevensbank. Vanaf dan kan de zoektocht naar een gepaste oplossing beginnen.

    • Absoluut vzw

      Absoluut vzw is een bijstandsorganisatie. Daarnaast zijn ook Alin vzw en Onafhankelijk Leven vzw bijstandsorganisaties.
      Absoluut vzw helpt personen met een handicap met een persoonsvolgend budget om zelf hun handicapspecifieke zorg en ondersteuning te regelen. Deze vereniging helpt mensen met een cashbudget, maar ook mensen met een voucher. De vereniging helpt de budgethouders bij het opstarten, uitgeven en beheren van hun budget. Op vraag van de budgethouder kan deze vereniging ook helpen in de onderhandeling met de zorgaanbieders

      Absoluut vzw was vroeger een budgethoudersvereniging.Meer informatie vind je op : www.absoluutvzw.be

    • Actieve zorgvraag

      (Oude term)
      Een ondersteuningsvrager die binnen het jaar gepaste VAPH-ondersteuning of assistentie wil, heeft een actieve zorgvraag. Actieve zorgvragen zitten in toenmalige prioriteitengroep 2. Gepaste VAPH-ondersteuning betekent: opvang, ondersteuning of begeleiding door een VAPH-voorziening of VAPH-dienst.
      Assistentie verwijst naar het Persoonlijke-Assistentiebudget. Wie een heel dringende actieve zorgvraag heeft, kan een status prioritair te bemiddelen aanvragen. Actieve zorgvragen met een status prioritair te bemiddelen zitten samen met migratievragen in prioriteitengroep 1. Actieve vragen met de status prioritair te bemiddelen krijgen voorrang op andere actieve vragen.

    • Activiteiten van het dagelijks leven (ADL) - assistentie

      Activiteiten van het dagelijks leven (of kortweg, ADL-activiteiten) zijn dagelijkse activiteiten zoals wassen, aankleden, eten, naar toilet gaan, ... . Voor mensen met een handicap is het soms moeilijk om deze activiteiten zelfstandig of zonder hulp te doen. Zij hebben hulp of assistentie nodig van een assistent(e) voor deze activiteiten. Een assistent(e) kan dan de nodige ondersteuning bieden, zodat de persoon met een handicap deze activiteiten toch kan uitvoeren. De persoon met een handicap beslist steeds zelf welke ondersteuning de assistent(e) moet geven, en hoe de ondersteuning juist moet gebeuren.

    • Ad hoc commissie (AhC)

      Ad hoc commissie

    • Adolescent

      Een adolescent is een jongere die in de overgangsfase zit tussen jeugd en volledige volwassenheid. Volgens de Wereldsgezondheidsorganisatie (WHO) situeert de adolescentie zich tussen 10 en 20 jaar.

    • Adviescommissie

      De Adviescommissie is een andere naam voor de heroverwegingscommissie.

    • Afstemming & Planning (A&P)

      (oude term) 
      Afstemming en Planning (A&P) zijn twee van de vier thema’s van de regie van zorg en ondersteuning. Samen met de registratie  en de bemiddeling vormen de afstemming en de planning de doelstellingen van elk provinciaal Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg (ROG).
      Bij afstemming van de zorg en ondersteuning probeert men het bestaande aanbod aan zorg en ondersteuning zo goed als mogelijk af te stemmen op de ondersteuningsvragen van de ondersteuningsvragers. Dit wil zeggen dat men in kaart brengt wat ondersteuningsvragers precies nodig hebben, en er dan voor zorgt dat de vergunde zorgaanbieders dat ook (voldoende) aanbieden.
      Bij planning van zorg en ondersteuning wil men een planning over meerdere jaren uitwerken om zoveel mogelijk huidige en toekomstige ondersteuningsvragen te kunnen beantwoorden. 

    • Agence Wallone pour l’integration des personnes handicapées (AWIPH)

      Het Agence Wallone Pour l’Integration des Personnes Handicapés is het agentschap voor personen met een handicap in Wallonië. Zij doen wat het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap in Vlaanderen doet voor personen met een handicap. 

    • Algemeen Welzijnswerk (AWW)

      Algemeen Welzijnswerk biedt psychosociale hulp- en dienstverlening aan personen die het sociaal, emotioneel, psychologisch en vaak ook financieel moeilijker hebben in de samenleving. Ze zijn erg kwetsbaar. De oorzaken van hun kwetsbaarheid kunnen heel verschillend zijn: persoonlijke problemen, criminaliteit, sociale uitsluiting, ziekte, verslaving, enz.
      Algemeen Welzijnswerk helpt mensen om zich persoonlijk en sociaal te ontplooien. Zij leren mensen ook wat hun rechten zijn zodat zij weer een volwaardig leven kunnen leiden.

    • Algemeen Ziekenhuis (AZ)

      In een algemeen ziekenhuis kunnen mensen tijdens de dag en tijdens de nacht terecht voor medische, gespecialiseerde hulp voor allerlei problemen en aandoeningen. Een
      algemeen ziekenhuis heeft vele verschillende afdelingen met elk een eigen specialisatie. 

    • Algemene Vergadering (AV)

      De Algemene Vergadering is het hoogste (gezags)orgaan van een vereniging of organisatie. Deze vergadering staat bovenaan de vereniging of organisatie en stuurt de Raad van Bestuur aan. In de Algemene Vergadering zitten leden met stemrecht (effectieve leden) en leden zonder stemrecht (niet-effectieve leden). De leden van de Algemene Vergadering komen minimaal 1 keer per jaar samen. Zij vergaderen onder andere over het wijzigen van de statuten en huishoudelijk reglement, het benoemen en afzetten van bestuurders (uit de Raad van Bestuur), het goedkeuren van de begroting en de jaarrekening, de ontbinding van de vereniging of organisatie, enzovoort
    • Alin vzw

      Alin vzw is een bijstandsorganisatie. Daarnaast zijn ook Zoom vzw, Absoluut vzw en Onafhankelijk Leven vzw bijstandsorganisaties.

      Alin vzw helpt personen met een handicap met een persoonsvolgend budget om zelf hun handicapspecifieke zorg en ondersteuning te regelen. Deze vereniging helpt mensen met een cashbudget, maar ook mensen met een voucher. De vereniging helpt de budgethouders bij het opstarten, uitgeven en beheren van hun budget. Op vraag van de budgethouder kan deze vereniging ook helpen in de onderhandeling met de zorgaanbieders.
       
      Meer informatie vind je op : www.alin-vzw.be

    • ALS Liga België vzw

      De ALS Liga België vzw is een gebruikersvereniging voor mensen met Amyotrofische Laterale Sclerose en hun netwerk. De vereniging komt op voor de belangen van mensen met Amyotrofische Laterale Sclerose en hun netwerk. Deze vereniging informeert over de ziekte, geeft psychosociale ondersteuning, kan helpen bij de organisatie van zorg en ondersteuning, organiseert contactmomenten in het binnenland en buitenland, enzovoort.
       
      Meer informatie vind je op: www.alsliga.be

    • Als Misdrijf Omschreven Feit (MOF)

      Jongeren in een MOFsituatie hebben een strafbaar feit gepleegd. Voorbeelden van strafbare feiten zijn iets stelen, geweld gebruiken tegen andere mensen, drugs verkopen. Het parket beslist of de zaak voor de jeugdrechtbank moet komen of er kunnen andere maatregelen worden voorgesteld, zoals bijvoorbeeld een bemiddeling tussen de jongere en het slachtoffer. Als de jongere voor de jeugdrechtbank moet komen, start de sociale dienst een onderzoek naar de situatie. De jeugdrechter neemt een beslissing, rekening houdende met het misdrijf en met de oorzaken van het gedrag. De jeugdrechter kan de jongeren laten plaatsen in een voorziening (begeleidingstehuis, gezinstehuis, dagcentrum, etc.) of een gemeenschapsinstelling (open of gesloten afdeling).

    • Ambulant

      Ambulant betekent dat iets niet gebonden is aan een vaste plaats. Ambulante begeleiding is begeleiding zonder opname. Bij  ambulante begeleiding verplaats jij je naar de hulpverlener.

    • Ambulante zorg of ondersteuning

      Ondersteuning die niet op een vaste plaats (bijvoorbeeld bij een vergunde aanbieder) wordt gegeven, maar in de thuissituatie van de ondersteuningsvrager. 

    • Amyotrofe/Amyotrofische lateraal sclerose (ALS)

      Amyotrofische Laterale Sclerose is een ziekte van de zenuwcellen die de spieren aansturen. Deze neuromusculaire (zenuw-/spier-) aandoening tast geleidelijk meer spieren aan. De motorische zenuwcellen in het onderste deel van de hersenen en het ruggenmerg sterven af. De signalen die de spieren normaal krijgen vanuit de hersenen komen hierdoor niet meer aan. Daardoor zal een persoon met Amyotrofische Laterale Sclerose steeds minder kunnen bewegen en uiteindelijk verlamd geraken. Het uitvallen van de ademhalingsspieren is meestal de oorzaak van het overlijden van iemand met Amyotorifische Laterale Sclerose. Hoe snel dat gaat, verschilt per persoon. 

    • Antwerpen

      Antwerpen is een Vlaamse stad, maar is ook de naam van één van de vijf Vlaamse provincies. In kader van het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg bedoelt men eerder de provincie Antwerpen dan de stad. De andere zijn: West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Limburg en Vlaams-Brabant

    • Arbeidsovereenkomst (AO)

      De arbeidsovereenkomst is een overeenkomst waarbij een persoon, de werknemer, zich ertoe verbindt tegen loon arbeid te verrichten voor een andere persoon, de werkgever, en dit werk onder zijn gezag uit te voeren.

    • Arbeidsrechtbank

      Personen die vinden dat hen onrecht is aangedaan, kunnen naar een rechtbank stappen met hun zaak.  Een rechtbank is een officiële instantie  die beslissingen neemt over zaken waar burgers discussie of ruzie over hebben.
      De arbeidsrechtbank is een gespecialiseerde rechtbank voor zaken waarin er ruzie of discussie is over onder andere sociale zekerheid (bv. werkloosheid, pensioen) en sociale bijstand (bv. sociale uitkeringen).

    • Arbeidszorg

      Arbeidszorg is een vorm van arbeid voor personen met een (arbeids)handicap die niet, nog niet of niet meer terechtkunnen in het gewone economische circuit of in een maatwerkbedrijf voor betaald werk, maar die wel de behoefte voelen om te werken.  Personen die via arbeidszorg werken, hebben geen arbeidsovereenkomst en krijgen geen loon.

    • Auditieve handicap

      Een persoon met een blijvend gehoorprobleem heeft een auditieve handicap. Dat kan  variëren van minder goed horen (slechthorend), oorsuizingen, overgevoeligheid voor geluid tot volledig niets meer horen (doof). Een auditieve handicap kan aangeboren zijn of op latere leeftijd ontstaan door een trauma, ziekte of een erfelijke aandoening.

    • Autisme (autismespectrumstoornis of ASS)

      De term autisme verwijst naar het autismespectrumstoornis. Er zijn verschillende soorten ontwikkelingsstoornissen die binnen het autismespectrumstoornis vallen. Mensen met autisme ervaren vaak problemen met communicatie, met sociale interactie, en met flexibel denken en handelen. Zo is omgang en praten met andere mensen vaak moeilijk voor personen met autisme, omdat ze intuïtief sociaal gevoel missen, of omdat ze beeldspraak, gelaatsuitdrukkingen en lichaamstaal niet kunnen interpreteren. De sociale regels die onze omgang met andere mensen bepalen, zijn heel wisselend en vaak niet zichtbaar voor mensen met autisme. Hierdoor lijkt hun communicatie en gedrag soms een beetje vreemd of “anders”. Omdat mensen met autisme het dikwijls ook moeilijk hebben met verandering, gaan zij vaste routines ontwikkelen en vaak steeds terugkomend gedrag stellen. 
      Autisme komt zowel voor bij mensen met een verstandelijke handicap als bij mensen met een normale begaafdheid. Wel is het zo dat mensen met een normale begaafdheid de stoornis vaak beter kunnen compenseren en/of camoufleren.

    • Autistem vzw

      Vzw Autistem is een gebruikersvereniging voor mensen met autisme, ouders, familieleden en begeleiders/deskundigen. Autistem geeft stem aan de actuele noden van mensen met autisme. De organisatie zet zich in om de kwaliteit van bestaan van normaal begaafde personen met autisme in West- en Oost- Vlaanderen te bevorderen. Dit wordt gerealiseerd via initiatieven die groeien vanuit de nood die personen met autisme en/of hun naaste omgeving ervaren. Meer info vind je op: www.autistem.be

    • Automatische toekenningsgroep

      De automatische toekenningsgroep is een groep van personen met een handicap die binnen het systeem van Persoonsvolgende Financiering onmiddellijk een budget toegekend krijgen. Ambtenaren van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap doen deze toekenning, en niet de Regionale Prioriteitencommissie.
      Het gaat om

      • personen in noodsituatie,
      • personen met een snel degeneratieve aandoening,
      • jongeren met handicapspecifieke ondersteuning die de overstap maken naar ondersteuning voor volwassenen
      • en personen bij wie er sprake is van ernstige verwaarlozing of misbruik. (toekenning omwille van maatschappelijke noodzaak)
  • B

    • B-waarde

      Dit is een inschatting van het aantal begeleidingen een persoon met een handicap nodig heeft. De B-waarde is één van de elementen die de zorgzwaarte van een persoon met een handicap bepalen, en dus ook de grootte van het Persoonsvolgend Budget

    • Basisondersteuningsbudget (BOB) of trap 1

      Het Basisondersteuningsbudget is een maandelijks vast (en niet belastbaar) bedrag waarmee een persoon met een erkende handicap én een vastgestelde ondersteuningsnood een basis aan ondersteuning kan inkopen, zoals bijvoorbeeld thuiszorg, aangepast vervoer, oppas, …. . De Zorgkas waar de persoon met handicap is aangesloten, betaalt het Basisondersteuningsbudget uit. Wie dus niet aangesloten is bij een zorgkas, heeft geen recht op een Basisondersteuningsbudget.  Momenteel is het Basisondersteuningsbudget 300 euro per maand. Men noemt het Basisondersteuningsbudget ook wel trap 1. Het persoonsvolgend budget wordt trap 2 genoemd. Persoonsvolgende Financiering bestaat uit 2 trappen. Het Basisondersteuningsbudget en het Persoonsvolgend budget kunnen niet met elkaar gecombineerd worden.

    • Basisonderwijs (BAO)

      Het kleuteronderwijs en het lager onderwijs vormen in Vlaanderen samen het basisonderwijs. Het kleuteronderwijs is voor kleuters tussen 2,5 en 6 jaar. Het lager onderwijs richt zich tot kinderen tussen 6 en 12 jaar. In Vlaanderen bestaat er leerplicht voor alle kinderen vanaf het lager onderwijs en tot 18 jaar. Dit houdt in dat alle kinderen één of andere vorm van onderwijs moeten krijgen.

    • Begeleid Werken (BeWe of BW)

      (oude term)
      Begeleid werken is een vorm van onbetaalde arbeid voor personen met een ondersteuningsnood. Binnen Begeleid Werken kan de persoon met een handicap zinvol aan het werk gaan onder begeleiding  van een jobcoach. Het werk wordt opgestart na overleg met de persoon zelf en met de mogelijke werkplaats..
      Begeleid werken wordt niet betaald, maar het is belangrijk voor wie geen betaalde job kan uitoefenen. Het geeft personen met een handicap de kans om nieuwe dingen te leren en andere mensen te ontmoeten. 

    • Begeleid Wonen (BeWo of BW)

      (oude term) 
      Begeleid Wonen is een vorm van ondersteuning voor volwas­senen met een handicap die alleen wonen of in kleine groep en slechts enkele uren per week nood hebben aan begeleiding. De (ambulante) begeleiding kan zowel praktisch als psychosociaal zijn.

      Praktisch: bv. ondersteuning bij dagelijkse activiteiten.
      Psychosociaal: bv. ondersteu­ning bij de opvoeding van kinderen, relaties, enz.

      Begeleid Wonen staat open voor mensen met een ver­standelijke handicap en mensen met een fysieke handicap. De persoon met een handicap betaalt zelf alle woon- en leefkosten.

    • Begeleid Zelfstandig Wonen (BZW)

      (Oude term)
      Begeleid Zelfstandig Wonen (voor jongeren binnen Bijzondere Jeugdzorg)

    • Beheersovereenkomst

      (oude term)
      Een beheersovereenkomst is een overeenkomst of afspraak tussen een eigenaar of subsidieverstrekker én een uitvoerder of beheerder. Binnen het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap betekent dit concreet dat het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (als de subsidieverstrekker) afspraken maakt met de voorzieningen over het uitvoeren van hun taak. De taak van de voorzieningen bestaat uit de opvang, ondersteuning en begeleiding van personen met een handicap. Enkel wanneer een voorziening de afspraken met het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap nakomt, krijgt zij de nodige subsidies of werkingsmiddelen van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.

    • Belangenbehartiger

      Een belangenbehartiger is iemand die opkomt voor iemand anders en de rechten en belangen van die andere persoon verdedigt.

    • Beleidsgroep Zorgregie (BZ)

      De Beleidsgroep Zorgregie is een vergadering binnen het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap. Gebruikersvertegenwoordigers vanuit alle provincies in Vlaanderen komen op deze vergadering samen om gezamenlijke standpunten te bepalen en nota’s uit te werken. Vijf gebruikersvertegenwoordigers verdedigen de afgesproken standpunten vanuit de Beleidsgroep Zorgregie op de Permanente Werkgroep Regie. Ook de gebruikersvertegenwoordigers in de provincies verdedigen mee deze standpunten op de verschillende overlegmomenten van het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg.

    • Belgisch Staatsblad (BS)

      Het Belgisch Staatsblad is de officiële publicatie van de Belgische staat. Zij publiceert de regelgeving van de federale overheid en van de gemeenschappen en gewesten. Nieuwe wetten, nieuwe decreten, en hun uitvoerende besluiten worden pas van kracht vanaf het moment dat ze in het Belgisch Staatsblad verschijnen.

    • Belgische vereniging voor dystoniepatiënten vzw

      De Belgische vereniging voor dystoniepatiënten vzw is een gebruikersvereniging voor mensen met dystonie en het netwerk. Dystonie is een stoornis in de spierspanning.  De spierspanning is vaak te hoog, maar is op andere momenten weer normaal. Dit zorgt voor aanhoudende en onwillekeurige spiersamentrekkingen en verkrampingen. Ook de normale samenwerking tussen de getroffen spieren is verstoord. Over het algemeen zijn de hersenfuncties niet aangetast: de andere lichaamsfuncties (bijvoorbeeld het intellect, de persoonlijkheid, het geheugen, het gezicht, het gehoor, enzovoort) zijn meestal niet aangetast door deze stoornis. De Belgische Vereniging Dystoniepatiënten vzw verspreidt informatie over dystonie onder haar leden en stimuleert  een ervaringsuitwisseling over de aandoening. Meer informatie vind je op: www.dystonie.be

    • Bemiddelingscommissie (BC)

      BemiddelingsCommissie (West-Vlaanderen, nu: Adviesen Opvolgingscommissie CRZ)

    • Beroepssecundair Onderwijs (BSO)

      Het Beroepssecundair Onderwijs is een zeer praktische onderwijsvorm van het secundair onderwijs in Vlaanderen. Via dit systeem maakt de jongere de combinatie tussen leren op school en leren op een werkplek (in de vorm van stages). Theoretische vakken dienen in deze richting ter ondersteuning van de praktijk. Het Beroepssecundair Onderwijs leidt de jongere op naar een specifiek beroep zoals bakker, slager, zorgkundige enzovoort. 

    • Beschermd wonen (BesWo of BW)

      (oude term)
      Beschermd Wonen was een zorgvorm tot  2009. Vanaf dan werden alle projecten Be­schermd Wonen projecten Geïntegreerd Wo­nen. In de praktijk gebruikt men wel nog vaak de term Beschermd Wonen. Beschermd Wonen is een woon­vorm voor mensen met een licht tot matige verstandelijke of fysieke handicap. Ze wonen alleen of in een kleine groepswoning en worden op maat ondersteund bij hun dagelijks huishouden, hun papierwerk en dagbesteding.
      Beschermd Wonen biedt meer ondersteuning en begeleiding dan Begeleid Wo­nen.

    • Beschut Wonen (BW)

      Beschut Wonen is een woonvorm voor mensen met psychiatrische problemen die geen ziekenhuisbehandeling meer nodig hebben. De bewoners wonen individueel of in kleine groepjes. Enkele keren per week komt een begeleider langs. De bewoner kan ook deelnemen aan dagactiviteiten, aangepast aan de noden van de bewoner op vlak van psychisch en lichamelijk functioneren, praktische leef- en woonvaardigheden, dagbesteding, sociaal netwerk, sociale vaardigheden, ... 

    • Beschutte Werkplaats (BW)

      (oude term)
      Beschutte Werkplaats is de oude term voor maatwerkbedrijf. Een Beschutte Werkplaats is een bedrijf dat personen met een (arbeids)handicap tewerkstelt. Een Beschutte Werkplaats biedt werk op maat van de cliënt, begeleiding op en naast de werkvloer, sociaal-emotionele ondersteuning en loopbaanbegeleiding. Het uiteindelijke doel is de doorstroming van de werknemer naar het gewone of reguliere arbeidscircuit, om zo zijn integratie in de maatschappij te bevorderen.


    • Beslissingscriteria

      De Regionale Prioriteitencommissie beslist op basis van onderstaande vragen of criteria of het dossier van de zorgvrager de status prioritair te bemiddelen krijgt:

      • Wat is er te kort in de bestaande ondersteuning en waaruit moet de noodzakelijke ondersteuning bestaan?
      • In welke mate  is de bestaande situatie onhoudbaar op korte termijn?
      • Kan de zorgvrager rekenen op steun uit de eigen omgeving en in welke mate?
      • Welke stappen hebben de contactpersoon en de zorgvrager al gezet om tot een gepaste ondersteuning te komen?
      • Hoe gaat het met de geestelijke en lichamelijke gezondheid van de zorgvrager of van mensen uit zijn omgeving? Kan de zorgvrager al ergens ondersteuning krijgen?
      • Wil de zorgvrager ingaan op de voorgestelde ondersteuning of wil hij/zij enkel hulp van één bepaalde VAPH-voorziening of dienst?
    • Besluit (van de) Vlaamse Regering (BVR)

      Er zijn  verschillende overheden in België. Die kunnen elk op zich regelgeving opstellen binnen hun bevoegdheden. De benaming van de regelgeving hangt af van de overheid. Wetten zijn de regelgeving van de federale overheid. De regelgeving van de regionale overheden, zoals de Vlaamse overheid, bestaat uit decreten. De verdere uitwerking van deze wetten en decreten zijn uitvoeringsbesluiten. In Vlaanderen heet zo’n uitvoeringsbesluit een Besluit van de Vlaamse Regering. In een Besluit van de Vlaamse Regering kan de Vlaamse Regering voorwaarden preciezer omschrijven, procedures verfijnen, systemen van evaluatie en controle inbouwen, enzovoort.

    • Besluit Zorgregie (BZ)

      Het verwijst naar het Besluit van de Vlaamse Regering van 17 maart 2006 (B.S. 16 juni 2006).
      Wat staat in het Besluit?

      • Het is de basis voor de bestaande Zorgregie.
      • Het bepaalt in grote lijnen hoe VAPH erkende voorzieningen zorgvragers moeten opnemen (regels, procedures, voorwaarden).
      • Het bepaalt de structuur en de opdrachten van de Regionale Overlegnetwerken Gehandicaptenzorg over zorgvraagregistratie, zorgbemiddeling, zorgafstemming en zorgplanning.
      • Het bepaalt in grote lijnen de uitbouw van de Permanente Cel en van een gegevensbank van wachtende zorgvragen (Centrale Registratie van Zorgvragen).
      • Het zorgt ervoor dat het Vlaams Gebruikersplatform voor Personen met een Handicap erkend en betaald wordt.
    • Beter bestuurlijk beleid (BBB)

      Beter bestuurlijk beleid

    • Bewindvoering

      Sinds 1  september 2014 is de nieuwe wetgeving over de beschermingsmaatregelen in werking getreden.  De ‘voorlopige bewindvoering’, de ‘verlengde minderjarigheid’, de ‘onbekwaamheidsverklaring’ en ‘bijstand van een gerechtelijk raadsman aan verkwisters’ bestaan niet meer.
      Voor wie nu een juridische beschermingsmaatregel aanvraagt, bestaat er alleen nog ‘bewindvoering’. De bewindvoering ‘op maat’ moet zo goed mogelijk aansluiten bij wat de persoon nodig heeft.
      Deze wet is er gekomen vanuit een visie op handicap, die we ondermeer ook terugvinden in het VN-verdrag voor gelijke kansen van personen met een handicap en die ervan uitgaat dat mensen met een handicap de kansen moeten krijgen om volop aan de samenleving deel te nemen, zelf keuzes te maken, zelf te doen wat kan. De visie die men hanteert in deze wet is dan ook: Iedereen is bekwaam, tenzij bescherming echt nodig is. Het is de vrederechter die een belangrijke rol krijgt om te oordelen wat echt nodig is en wat niet.
      Bescherming kan betrekking hebben op de gelden en goederen (de vermogens) van de betrokkene of op de persoon zelf (alles wat de persoon zelf aangaat: bijvoorbeeld verblijfplaats, huwen,…) of op beide. Het is een opdracht voor iedereen die bij de bewindvoering betrokken is (vrederechter, bewindvoerder, vertrouwenspersoon van de ‘beschermde persoon’) om de ‘beschermde persoon’ zo goed mogelijk te informeren en zoveel mogelijk te betrekken bij alle mogelijke beslissingen.
      Wanneer de vrederechter beschermingsmaatregelen uitspreekt, moet hij ervoor zorgen dat deze maatregelen zo weinig mogelijk ingrijpen in het leven van de persoon.

       

    • Bezigheidstehuis (BT)

      (oude term)
      Bezigheidstehuis is een andere benaming voor Tehuis Niet-Werkenden Bezigheid

    • Bijstandsorganisatie

      Een bijstandsorganisatie is een vereniging zonder winstoogmerk (vzw) en is vergund door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Deze organisatie kan personen met een handicap met een Persoonsvolgend Budget (of kortweg, budgethouders), wonend in Vlaanderen of Brussel,  helpen bij het opstarten, het besteden en beheren van hun Persoonsvolgend Budget om zelf hun zorg en ondersteuning te regelen. Een bijstandsorganisatie helpt budgethouders met een cashbudget, met een voucher of met een combinatie van beide budgetten. In Vlaanderen zijn er drie bijstandsorganisaties: Absoluut vzw, Alin vzw en Onafhankelijk Leven vzw. Er kunnen in totaal maximum vijf bijstandsorganisaties erkend worden.

    • Bijzondere Bijstandscommissie (BBC)

      De Bijzondere Bijstandscommissie behandelt de uitzonderlijke aanvragen voor hulpmiddelen. Een aanvraag is uitzonderlijk wanneer het hulmiddel niet is opgenomen in de refertelijst van de standaardtegemoetkomingen, of wanneer het aangevraagde hulpmiddel veel duurder is dan gelijkaardige standaardhulpmiddelen. 

    • Bijzondere Jeugdbijstand (BJB)

      Bijzondere Jeugdbijstand regelt de jeugdbescherming in Vlaanderen: de Comités voor Bijzondere Jeugdzorg, bemiddeling in Bijzondere Jeugdbijstand, gerechtelijke jeugdbijstand en de voortzetting van de hulpverlening aan een meerderjarige op 18 jaar. Bijzondere Jeugdbijstand regelt de vrijwillige jeugdhulpverlening, de gedwongen en de gerechtelijke jeugdhulpvereniging.

    • Bijzondere Jeugdzorg (BJZ)

      Kinderen en jongeren van 0 tot 18 jaar en hun gezinnen kunnen begeleid worden door een voorziening, een project of dienst op basis van een verwijzing door het Comité voor Bijzondere Jeugdzorg (CBJ) of de Jeugdrechtbank. Binnen de Bijzondere Jeugdzorg wordt een onderscheid gemaakt tussen vrijwillige en gedwongen of gerechtelijke hulpverlening. De Bijzondere Jeugdzorg omvat private voorzieningen, tal van projecten, twee gemeenschapsinstellingen (Ruislede en Mol) en twee federale Centra.

    • Bilaterale samenwerking (tussen beleidsdomeinen)

      Een bilaterale samenwerking tussen twee beleidsdomeinen is een technische samenwerking tussen deze twee beleidsdomeinen, zonder tussenkomst van derden. Een bilaterale samenwerking wordt geregeld door een overeenkomst tussen de betrokken actoren.
    • Bovengebruikelijke zorg

      Gezinsleden die onder hetzelfde dak wonen, nemen elke dag zorg en ondersteuning op voor elkaar. Zij doen dit omdat ze samen een huishouden vormen. Zij hebben samen ook een verantwoordelijkheid om dat huishouden goed te laten werken. Zo zorgt een ouder voor een kind. Deze zorg beschouwt men als normaal binnen elk gezin. Zodra deze zorg en ondersteuning door de beperking van een persoon groter is dan in de meeste gezinnen, spreekt men van bovengebruikelijke zorg

    • Brussels Aanmeldingspunt voor Personen met een Handicap (BRAP)

      Het Brussels Aanmeldingspunt voor Personen met een Handicap  is een telefonisch informatiepunt voor inwoners van het Brussels Gewest met een handicap. Het Brussels Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg nam dit initiatief, omdat de Brusselse regio zeer complex is, en omdat er weinig onthaaldiensten zijn voor Nederlandstalige personen met een handicap. Deze dienst kan je vergelijken met de Dienst Ondersteuningsplan, maar deze dienst doet meer: zij ondersteunen een persoon met een handicap en zijn netwerk tot zij ondersteuning of een oplossing voor hun vraag hebben gevonden. Zij komen ook aan huis. 

    • Brussels Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg (BROG)

      Het Brussels Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg maakt deel uit van het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg van Vlaams-Brabant en Brussel.

       

    • Brussen

      Het woord brus is een samentrekking van de woorden BRoer en zUS. Brussen zijn broers of zussen van bijvoorbeeld personen met een handicap of personen met een psychiatrische problematiek.

    • Budgethouder

      Een budgethouder is een persoon die een Persoonsvolgend Budget ontvangt. Vaak is de budgethouder de persoon met handicap zelf of zijn/haar wettelijke vertegenwoordiger. Met het persoonsvolgend budget kan de budgethouder zelf zijn ondersteuning betalen. Hij kan met het budget assistentie, ondersteuning en/of zorg inkopen. Op die manier kan hij zelf kiezen hoe, waar en wanneer hij ondersteuning wil. 
    • Budgethoudersvereniging

      De vereniging is erkend door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Ze informeert  en ondersteunt (kandidaat-)budgethouders  bij het werken met een Persoonlijke Assistentiebudget of Persoonsgebonden Budget.
      De vereniging zoekt bv. mee naar geschikte assistenten en helpt bij het bijhouden van de boekhouding en het juist toepassen van de sociale wetgeving.
      Een budgethouder is een persoon die een Persoonlijke Assistentiebudget heeft. Hij is niet verplicht samen te werken met een budgethoudersvereniging. 

    • Buitengewoon KleuterOnderwijs (BKO)

      Buitengewoon KleuterOnderwijs

    • Buitengewoon Lager Onderwijs (BLO of BULO)

      Buitengewoon Lager Onderwijs

    • Buitengewoon Onderwijs (BUO)

      Het Buitengewoon Onderwijs is de algemene term voor aangepast onderwijs en deskundige begeleiding op maat aan kinderen en jongeren tot 21 jaar (indien nodig tot 25 jaar) die een specifiek  aanbod nodig hebben door een handicap. Voor elke toelating tot het Buitengewoon Onderwijs is een verslag van een centrum voor leerlingbegeleiding nodig.
      Binnen het Buitengewoon Onderwijs onderscheiden we het Buitengewoon Kleuteronderwijs, Buitengewoon Basisonderwijs, en het Buitengewoon Secundair Onderwijs.
      De scholen van het buitengewoon onderwijs worden onderverdeeld op basis van het type.

      • Type 1 (Basisaanbod) kinderen met een lichte verstandelijke handicap en kinderen met leerstoornissen. Dit onderwijstype is voor jongeren met specifieke onderwijsbehoeften voor wie het gemeenschappelijk curriculum met redelijke aanpassingen niet haalbaar is in een school voor gewoon onderwijs.
      • Type 2: kinderen met een matige of ernstige verstandelijke handicap
      • Type 3: kinderen met ernstige emotionele of gedragsproblemen
      • Type 4: kinderen met een fysieke handicap
      • Type 5: kinderen die zijn opgenomen in een ziekenhuis of preventorium
      • Type 6: kinderen met een visuele handicap
      • Type 7: kinderen met een auditieve handicap
      • Type 8: kinderen met ernstige leerstoornissen
      • Type 9: kinderen met een autismespectrumstoornis zonder verstandelijke handicap 
    • Buitengewoon Secundair Onderwijs (BUSO)

      Het Buitengewoon Secundair Onderwijs biedt onderwijs aan jongeren met een handicap van 13 tot 21 jaar, en indien nodig tot 25 jaar. Het Buitengewoon Secundair Onderwijs is verdeeld in verschillende types (type 1 tot en met type 9, zie Buitengewoon Onderwijs).
      Er zijn in het buitengewoon secundair onderwijs vier verschillende opleidingsvormen.

    • Burgerschapsmodel of Burgerschapsparadigma

      Het burgerschapsmodel is een manier van kijken naar en denken over alle personen met een handicap ongeacht de aard van de handicap.
      In de jaren ’90 veranderde het denken over mensen met een handicap heel erg: mensen met een handicap werden eindelijk erkend als gelijkwaardige burgers. Daarom spreekt men van het burgerschapsmodel of het burgerschapsparadigma.
      Dit burgerschapsparadigma gaat uit van gelijkwaardig burgerschap van mensen met een handicap. Vier begrippen staan hierbij centraal: kwaliteit van bestaan, inclusie, empowerment en maatgerichte ondersteuning. Mensen met een handicap hebben evenveel recht op een goede kwaliteit van bestaan als ieder ander mens; zij zijn immers gelijkwaardige burgers.

  • C

    • Cashbudget

      Het cashbudget is een bedrag (in euro’s) dat het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap rechtstreeks betaalt aan de persoon met handicap met een persoonsvolgend budget (budgethouder). Met dat geld kan een budgethouder zelf zijn zorg en ondersteuning organiseren en inkopen.  Hij beheert zelf het budget, en legt verantwoording af bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. De budgethouder kan ook kiezen om het Persoonsvolgend Budget te besteden in de vorm van een voucher of een combinatie van beide: een cashbudget en een voucher. 

    • Centraal Informatie- en aanmeldpunt (CAP)

      Centraal Informatie- en aanmeldpunt

    • Centrale persoon

      De centrale persoon is de persoon die via de Dienst Ondersteuningsplan een ondersteuningsplan opmaakt.

    • Centrale Registratie van Zorgvragen (CRZ)

      (Oude term)
      De Centrale Registratie van Zorgvragen is een digitaal overzicht van vragen (databank) van meerderjarige personen met een handicap naar begeleiding, opvang, ondersteuning en assistentie. Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap verzamelt en bewaart deze vragen. Voorzieningen en contactpersonen kunnen dit overzicht raadplegen. Deze gegevens maken deel uit van de centrale gegevensbank van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. De contactpersoon van de ondersteuningsvrager zorgt ervoor dat de vraag in deze gegevensbank wordt opgenomen. Deze centrale gegevensbank wordt ook ‘de wachtlijst’ genoemd.  

        

    • Centrale Registratie Zorgvragen Centraal AanmeldingsPunt (CRZ CAP)

      In de provincie Antwerpen is dit de naam van het zorgbemiddelingsoverleg voor zorgvragen van minderjarigen met een matige tot diep verstandelijke handicap. CAP staat voor de verouderde benaming Centraal AanmeldingsPunt.

    • Centrale Registratie Zorgvragen Gedragsstoornis, Autismespectrumstoornis en Zintuiglijke handicap (CRZ GAZ)

      In de provincie Antwerpen is dit de naam van het zorgbemiddelingsoverleg voor zorgvragen van minderjarigen met een Gedrags- en Emotionele Stoornis (GES), Autismespectrumstoornis (ASS) en/of een Zintuiglijke Handicap, al dan niet met randnormale begaafdheid. 

    • Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW)

      Een Centrum Algemeen Welzijnswerk begeleidt en helpt mensen met om het even welke vraag over welzijn: relaties, persoonlijke problemen, financiële of materiële problemen, vragen over criminaliteit, enz.
      Een Centrum Algemeen Welzijnswerk biedt eerstelijnshulp: het is vlot toegankelijk voor iedereen en heeft meestal geen wachtlijsten. De hulp is gratis, vertrouwelijk en vrijwillig.
      Het Centrum Algemeen Welzijnswerk zoekt samen met de hulpvrager naar een oplossing. Het houdt hierbij rekening met de mogelijkheden van de hulpvrager en zijn omgeving. Een Centrum Algemeen Welzijnswerk kan helpen met informatie en advies, opvang, praktische hulp, crisishulp en begeleiding.

    • Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG of CGGZ)

      Een Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg helpt volwassenen, kinderen en jongeren met psychische of psychiatrische problemen. Elk team binnen het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg bestaat uit één of meer psychiaters, psychologen en maatschappelijk werkers. Dit Centrum biedt twee soorten hulpverlening: medisch-psychiatrische en psychotherapie. De hulpverlening in een Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg gebeurt tijdens consultaties of begeleidingsmomenten. Er is dus geen opname of verblijf mogelijk.

    • Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding (CGKR)

      Het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding is een openbare instelling met als opdracht de bevordering van gelijke kansen en de bestrijding van discriminatie. Concreet betekent dit dat zij onder meer klachten over discriminatie onderzoeken en zich burgerlijke partij stellen wanneer een klacht voor de rechtbank komt. Het Centrum werd in België ook aangeduid als het onafhankelijk mechanisme om te waken over de toepassing van het VNverdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap.

    • Centrum voor Integrale Gezinszorg (CIG)

      Een CIG ondersteunt en begeleidt gezinnen met ernstige opvoedingsproblemen. Het geeft intensieve opvoedingshulp en gezinszorg en zoekt daarbij naar dieperliggende problemen. Zo probeert een CIG het gezin beter en vlotter te laten opnemen in en deelnemen aan de samenleving.

    • Centrum voor Leerlingenbegeleiding (CLB)

      Elke school in Vlaanderen werkt samen met een Centrum voor Leerlingenbegeleiding of kortweg een CLB. Een Centrum voor Leerlingenbegeleiding informeert, ondersteunt, begeleidt en helpt  leerlingen, leerkrachten, ouders en directies zodat elke leerling zijn kennis, talenten en vaardigheden zo goed mogelijk kan ontwikkelen. Ook leerlingen met leermoeilijkheden, leerstoornissen en opvoedingsproblemen kunnen er terecht. 

    • Centrum voor Ontwikkelingsstoornissen (COS)

      Een COS probeert een handicap of ontwikkelingsstoornis zo vroeg mogelijk op te sporen en vast te stellen. Een COS werkt alleen met jonge kinderen. Naast het vaststellen van de handicap of de ontwikkelingsstoornis, geeft het Centrum voor Ontwikkelingsstoornissen ook raad over de best mogelijke ondersteuning, over de voorzieningen voor behandeling, over onderwijs en begeleiding, en eventueel over passende hulpmiddelen.
       

    • Cerebrovasculaire Aandoening of Cerebrovasculair Accident (CVA)

      CerebroVasculaire Aandoening of een CerebroVasculair Accident is een plotselinge verstoring van de doorbloeding van de hersenen door bijvoorbeeld een bloedklonter of een vernauwing van de bloedvaten in de hersenen.

    • Cerebrovasculaire Aandoening of Cerebrovasculair Accident (CVA)

      CerebroVasculaire Aandoening of een CerebroVasculair Accident is een plotselinge verstoring van de doorbloeding van de hersenen door bijvoorbeeld een bloedklonter of een vernauwing van de bloedvaten in de hersenen.

    • Christelijke Mutualiteit (CM)

      De Christelijke Mutualiteit is een ziekenfonds en vertrekt vanuit een christelijke levensvisie.

    • Cliëntoverleg (CO)

      Cliëntoverleg

    • Coördinatiepunt Handicap (coha, copunt, cph)

      (oude term)
      Elke provincie heeft een Coördinatiepunt Handicap. Elke persoon met een handicap die vragen of opmerkingen heeft over zijn dossier, kan  zich tot het Coördinatiepunt Handicap wenden. De ondersteuningsvrager kan dit zelf doen of via  zijn contactpersoon of iemand uit zijn omgeving.
      Het Coördinatiepunt Handicap ondersteunt de dagelijkse werking van het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg.. De medewerkers van het Coördinatiepunt Handicap maken verslagen, organiseren alle aanvragen voor de Regionale Prioriteitencommissie, maken overzichtslijsten, berekenen de begroting, enzovoort.
      Het Coördinatiepunt Handicap voert ook de beslissingen van de Regionale Prioriteitencommissie in de centrale gegevensbank of de  Centrale Registratie van Zorgvragen van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap in.

    • Coördinator Zorgregie

      (Oude term)
      De coördinator zorgregie is een medewerker van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap die het Zorgregie-proces in de provincie opvolgt. Elke provincie heeft een Coördinator Zorgregie. 

    • Comité voor Bijzondere Jeugdzorg (CBJ)

      Wanneer iemand vrijwillige hulp zoekt voor een kind of jongere, kan hij aankloppen bij het Comité voor Bijzondere Jeugdzorg. Iedereen kan hier terecht: zowel de jongere zelf, als de ouders, familie of vrienden. Samen met een consulent wordt er dan naar een goede oplossing voor het probleem gezocht. Jongeren vanaf 12 jaar moeten steeds zelf akkoord gaan met het voorstel van het Comité. Er zijn 20 Comités voor Bijzondere Jeugdzorg verspreid over heel Vlaanderen.

    • Commissie van Advies voor het Buitengewoon Onderwijs (CABO)

      De Commissie van Advies voor het Buitengewoon Onderwijs heeft twee belangrijke taken die verband houden met het buitengewoon onderwijs. Enerzijds neemt de Commissie gemotiveerde beslissingen over de tijdelijke of permanente vrijstelling van de leerplicht van een leerling. Anderzijds kan de Commissie ook gemotiveerde adviezen formuleren bij vragen van leerlingen en ouders naar (permanent) onderwijs aan huis of buitengewoon onderwijs.
    • Concentrische cirkels van ondersteuning (1 tem 5)

      Het nieuwe beleid wil met Persoonsvolgende Financiering zorgbehoevende personen ondersteunen om hen maximaal aan het maatschappelijk leven te laten deelnemen en om hen zo lang mogelijk in hun vertrouwde omgeving te laten blijven wonen.  Zorg en ondersteuning voor Personen met een Handicap is een gedeelde verantwoordelijkheid. Om dit zichtbaar voor te stellen, gebruikt men het model van de vijf concentrische cirkels. Dit is een dynamisch ondersteuningsmodel en bestaat uit vijf cirkels . De vijf concentrische cirkels tonen de verschillende ondersteuningsbronnen die een rol kunnen opnemen in de zorg en ondersteuning aan personen met een handicap. De ondersteuning door de verschillende ondersteuningsbronnen kan door elkaar en onafhankelijk van elkaar ingezet worden.

      • Cirkel 1 (de binnenste en kleinste cirkel): deze cirkel staat voor de persoon met een handicap zelf. De zorg en ondersteuning die de persoon met een handicap zelf opneemt, is zelfzorg.
      • Cirkel 2: cirkel 2 verwijst naar de samenwonende gezinsleden van de persoon met handicap. De normale dagelijkse zorg en ondersteuning van gezinsleden die onder hetzelfde dak wonen noemt men gebruikelijke zorg.
      • Cirkel 3: cirkel 3 is de cirkel van de familie, vrienden en andere vriendschappelijke en niet-professionele contacten van de persoon met een handicap.
      • Cirkel 4: deze vierde cirkel betreft de professionele algemene eerstelijnszorg en dienstverlening die voor iedereen toegankelijk is (dus niet alleen voor personen met een handicap). Dit zijn onder andere de diensten maatschappelijk werk van de verschillende mutualiteiten, de diensten gezinszorg, de Centra Algemeen Welzijnswerk, de kinderopvanginitiatieven,…
      • Cirkel 5 (de buitenste en grootste cirkel): de vijfde is deze van de gespecialiseerde zorg en dienstverlening voor personen met een handicap. Deze diensten worden door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap gefinancierd. 
    • Consultatiebureau

      Consultatiebureaus zijn ambulante diensten voor kinderen of volwassenen vanaf 6 jaar met een vermoeden van een handicap of belangrijke beperking. De consultatiebureaus zijn gespecialiseerd in het vaststellen van de beperking (diagnostiek), oriëntering en begeleiding. Iedere niet-schoolgaande persoon, die ernstige problemen ondervindt om zich in de maatschappij of op de arbeidsmarkt in te schakelen, kan zich bij één van de consultatiebureaus aanmelden. Samen wordt er dan gezocht naar antwoorden op vragen binnen de domeinen wonen, werk, materiële hulpmiddelen, persoonlijke assistentie en vrije tijd.
    • Contactorganisatie

      (oude term )
      Een contactorganisatie is een voorziening, een multidisciplinair team (verwijzende dienst) of een gebruikersvereniging die in de eigen organisatie één of meer contactpersonen aanduidt. Deze contactpersonen behandelen de zorgvragen die ondersteuningsvragers of hun netwerk bij die organisatie aanmelden. Het behandelen van de zorgvragen moet altijd in overleg met de ondersteuningsvrager gebeuren en volgens de richtlijnen van de Zorgregie. De regels van de zorgregie staan in het Besluit Zorgregie en in de uitvoeringsrichtlijnen Zorgregie

    • Contactpersoon (CP)

      (oude term)
      Een contactpersoon is een medewerker van een contactorganisatie. Het is de vertrouwenspersoon van personen met een handicap die een zorgvraag hebben bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. De contactpersoon vertegenwoordigt de persoon met een handicap en verdedigt zijn/haar belangen bij het zoeken naar ondersteuning door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap..
      De ondersteuningsvrager moet een contactpersoon hebben. Hij mag zelf een contactorganisatie en/of contactpersoon kiezen. De contactpersoon is een hoofdcontactpersoon of nevencontactpersoon

    • Convenant

      (Oude term)
      Zie persoonsvolgende convenant

  • D

    • Dagbesteding (DB) of dagopvang

      (oude term)
      Het is een (zinvolle) invulling van de dag. Er zijn verschillende vormen van dagbesteding: begeleid werk, vrijwilligers­werk, activiteiten in een dagcentrum, vorming,  Heel wat voorzieningen en diensten voor personen met een handicap bieden dagbesteding voor ondersteuningsvragers.

    • Dagcentrum (DC)

      (oude term)
      Een dagcentrum biedt dag­besteding of arbeidsvervangende activiteiten (tuinieren, bak­kerij, creatieve activiteiten) aan personen met een handicap. Een dagcentrum kan voltijds of deeltijds dagopvang aanbieden.

    • Dagelijks bestuur (DB)

      Dagelijks bestuur

    • Databank

      De centrale gegevensbank van het VAPH, zoals vermeld in het Besluit Zorgregie. Deze centrale databank bevat de gegevens van de cliëntregistratie, de Centrale Registratie van Zorgvragen (CRZ), de inschrijvingsgegevens, het voorzieningenaanbod en de bijkomende gegevens noodzakelijk om instroom en bemiddeling te vergemakkelijken.
    • De-institutionalisering

      De-institutionalisering is de beweging waarbij zorg en ondersteuning minder in voorzieningen (“instituten”) wordt geboden maar meer in de thuissituatie van de persoon.
      Dit begrip houdt in dat personen met een handicap meer deel uitmaken van de samenleving en er ook middenin leven. En minder in (grote) leefgroepen in een voorziening. Het beleid zet in op meer ondersteuning aan huis zodat mensen thuis kunnen wonen, en op woonvormen waar mensen in kleine groepjes van vier à vijf personen samenleven met ondersteuning. De-institutionalisering gebeurt ook in o.a. de sector van de psychiatrie.

    • Deeltijds (DT)

      Deeltijds staat in tegenstelling tot voltijds. In het kader van ondersteuning aan personen met een handicap wil men met deze term bijvoorbeeld aanduiden dat iemand geen 5 dagen op 5, maar slechts enkele dagen per week gebruik maakt van een bepaalde vorm van ondersteuning: die persoon maakt deeltijds gebruik van die specifieke ondersteuning.
    • Deskundigencommissie (DC)

      (Oude term)
      De Deskundigencommissie is een commissie binnen het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Ze beslist op basis van de inschaling over de toekenning en de hoogte van het Persoonlijke-Assistentiebudget. Als een ondersteuningsvrager een Persoonlijke-Assistentiebudget wil aanvragen, dan moet er een inschaling gebeuren. 

    • Diagnose- en indicatiestelling (D&I)

      De vaststelling van een handicap door een multidisciplinair team noemt men de Diagnosestelling. Diagnose duidt steeds op het benoemen van een ziekte, handicap of aandoening.
      Wanneer de handicap eenmaal is vastgesteld, zal het multidisciplinair team ook inschatten welke ondersteuning, bijstand of hulpmiddelen de persoon met een handicap nodig heeft. Dit noemt men de indicatiestelling.

    • Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM)

      Dit is een Amerikaans handboek dat in de meeste landen als standaard in de psychiatrische diagnostiek dient. De vertaling in het Nederlands is : 'diagnostisch en statistisch handboek voor psychische stoornissen’. Verschillende versies van dit handboek werden doorheen de jaren uitgebracht. Elke nieuwe versie bevat de meest recente ontwikkelingen en visies uit het psychiatrisch werkveld.
    • Dienst Ambulante Begeleiding (DAB)

      De Dienst Ambulante Begeleiding geeft begeleiding aan huis aan kinderen, jongeren en volwassenen met een handicap, in Limburg.

    • Dienst Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg (DAGG)

      Dienst Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg

    • Dienst Inclusieve Ondersteuning (DIO)

      (oude term)
      De zorgvormen Beschermd Wonen en Geïntegreerd Wonen zijn vervangen door zorgvorm Diensten Inclusieve ondersteuning.
      De Dienst Inclusieve Ondersteuning werkt net zoals Geïnte­greerd Wonen voor personen met een han­dicap die zelfstandig of in een kleine groepswoning wonen. Diensten Inclusieve Ondersteuning proberen bij de onder­steuning van de cliënten zo inclusief mogelijk te werken. Ze doen dit door reguliere diensten (thuisverpleging, gezins- of poetshulp, maaltijddiensten, thuiszorg) en het natuurlijke netwerk van de cliënt te betrekken. De cliënten van de Dienst Inclusieve Ondersteuning moeten zelf hun leef- en woonkosten betalen, maar de ondersteuning is gratis.
      Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap subsidieert de Diensten Inclusieve Ondersteuning op basis van personeelspunten. Deze personeels­punten zijn afhankelijk van het aantal opgenomen personen met een handicap en van hun zorgzwaarte.
      Een Dienst Inclusieve Ondersteuning is een erg flexibele zorgvorm die op veel verschillende soorten zorg­vragen kan inspelen. 

    • Dienst Ondersteuningsplan (DOP)

      Een Dienst Ondersteuningsplan wordt erkend en betaald door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Een Dienst Ondersteuningsplan begeleidt en ondersteunt ondersteuningsvragers bij de vraagverduidelijking en bij het uitstippelen van een ondersteuningsplan. De begeleider onderzoekt samen met de ondersteuningsvrager:

      • zijn wensen voor de toekomst
      • zijn mogelijkheden, beperkingen en ondersteuningsnoden:
        • mogelijkheden in de eigen omgeving;
        • mogelijkheden in algemene welzijns- en gezondheidsdiensten, bv. thuishulp, thuisverpleging, poetshulp;
        • mogelijkheden in handicapspecifieke ondersteuning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.

      Door dit samen te bespreken komen ze tot een realistisch ondersteuningsplan waarmee ze aan de slag kunnen.  Op vraag van de ondersteuningsvragen of van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap helpt de Dienst Ondersteuningsplan bij de opmaak van een Ondersteuningsplan Persoonsvolgend Budget.  Dit Ondersteuningsplan Persoonsvolgend Budget is nodig voor de aanvraag van intensieve handicapspecifieke ondersteuning bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. 

    • Domicilie(adres)

      Het is het adres waar je officieel woont: je vaste en wettelijke verblijfplaats. 

    • Draagkracht (van een netwerk)

      De draagkracht van een netwerk is de mogelijkheid die het netwerk van een persoon met een handicap heeft om zelf in te staan voor de ondersteuning, begeleiding en opvang van de persoon met een handicap. Er zijn verschillende aspecten die deze mogelijkheid bepalen: het aantal personen in het netwerk, de emotionele, fysieke en financiële draagkracht van de personen in het netwerk, de complexiteit van de ondersteuningsvraag van de persoon met een handicap, enzovoort. Wanneer de draagkracht van het netwerk wordt overschreden, belanden de zorgvrager en diens netwerk vaak in een crisissituatie. Op dat moment is er een dringende nood aan bijkomende ondersteuning van reguliere diensten of het VAPH.
    • Draaglast (van een netwerk)

      Dit is de belasting die het netwerk ondervindt als ze instaan voor de zorg en ondersteuning van een persoon met handicap. Deze term wordt vaak gebruikt in combinatie met de draagkracht. De draaglast is de belasting, de draagkracht is dan de belastbaarheid van het netwerk.

  • E

    • Eigenhandig Ervaringsdeskundig Plan (EEP)

      (oude  term)
      De gebruikersvereniging VFG vzw ontwikkelde een eigen methodiek om aan vraagverduidelijking te doen, namelijk het Eigenhandig Ervaringsdeskundig Plan. Onder begeleiding van een ervaringsdeskundige (een persoon met een handicap) wordt tijdens een zevental sessies – in een kleine groep - een eigen plan uitgewerkt. Hiertoe wordt eerst een persoonlijk dossier opgesteld. In dit dossier staat onder meer welke hulpmiddelen en assistentie iemand nodig heeft, wat de mogelijkheden en beperkingen van iemand zijn, hoe het persoonlijk netwerk van die persoon eruit ziet, enzovoort. Daarna wordt samen met de andere groepsleden naar oplossingen gezocht om de omgeving zo goed mogelijk aan te passen aan de noden en wensen van de persoon met een handicap in kwestie. Er wordt daarbij niet enkel gekeken naar de huidige situatie, maar ook naar de toekomst.

    • Elektronisch dossier

      Zie mijnvaph.be

    • Elektronische identiteitskaart (eID)

      Elke Belgische burger is in het bezit  van een identiteitskaart. De identiteitskaart is het bewijs dat iemand ingeschreven is in het Bevolkingsregister in België. Je kunt er je nationaliteit en je identiteit mee aantonen. Op de leeftijd van twaalf jaar krijg je als Belg automatisch een identiteitskaart. Daar zorgt de dienst Bevolking van je hoofdverblijfplaats voor. Vanaf vijftien jaar ben je verplicht om je identiteitskaart ook altijd op zak te hebben. Tegenwoordig is die identiteitskaart elektronisch. Dit wil zeggen dat ze een microchip bevat. Je kan er veel dingen mee doen: je kan bijvoorbeeld je dossier raadplegen op mijnvaph.be, je kan er een treinticket mee kopen of je belastingaangifte in orde maken. Er zijn nog vele andere mogelijke toepassingen.

    • Empowerment

      Empowerment betekent bepaalde mensen of maatschappelijke groepen sterker maken door hen meer mogelijkheden en kansen te bieden om hun leven zelf vorm en inhoud te geven. 
    • Erkenning

      Erkend worden is beantwoorden aan de criteria die daarvoor opgesteld zijn.
      Bijvoorbeeld: Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap kan een vergunde aanbieder erkennen om Rechtstreeks Toegankelijke Hulp aan te bieden. Hiervoor krijgt de vergunde aanbieder dan de toelating en bijhorende middelen.
      Bijvoorbeeld: Als je wil dat het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap je hulpmiddelen terugbetaalt, heb je een erkenning van het VAPH nodig. Dit betekent dat je een bepaalde procedure moet doorlopen om te bewijzen dat je aan de criteria van ‘handicap’ beantwoordt.

    • Ernstige Gedragsstoornissen (EGS of GES+)

      Ernstige GedragsStoornissen

    • Ervaringsdeskundig

      Mensen worden ervaringsdeskundig door de ken¬nis en ervaring die zij opdoen in hun dagelijkse leven: tijdens hun werk, in hun vrije tijd, in relaties, in de manier waarop zij wonen, enz. Zij leven met hun beperkingen, met de sociale gevolgen daarvan en met de voorzieningen die de sa-menleving voor hen  voorziet. Dit geldt ook voor hun familie en vrienden.

    • Ervaringsdeskundigheid

      Ervaringsdeskundigheid is de kennis en ervaring die mensen hebben over leven met een handicap vanuit dagdagelijkse doorleefde ervaringen. Het gaat over de kennis van en ervaring in het leven met hun beperkingen, met de sociale gevolgen en met het ondersteuningsaanbod. Mensen met een handicap, maar ook hun gezinsleden, zijn ervaringsdeskundig in verschillende aspecten van het leven met een handicap, zoals werken, vrije tijd, relaties, wonen, enzovoort. 
    • Essential Lifestyle Planning (ELP)

      Essential Lifestyle Planning is een vorm van Persoonlijk ToekomstPlanning. In Vlaanderen spreekt men ook wel van handelingsplan, Individueel Ondersteuningsplan of Persoonlijke Ondersteuningsplanning. Michael Smull ontwikkelde de strategie van Essential Lifestyle Planning voor personen met een grote ondersteuningsnood wiens leven zich geheel of grotendeels afspeelt binnen de residentiële zorg. Een Essential Lifestyle Planning bestaat uit vier luiken. Het is erop gericht de kwaliteit van bestaan van betrokken ondersteuningsvrager te verbeteren of te garanderen. Zo wordt er beschreven wat anderen (personeel, andere cliënten, enz.) moeten weten en doen om enerzijds tegemoet te komen aan de essentiële en belangrijke zaken in het leven van de ondersteuningsvrager en anderzijds te garanderen dat de ondersteuningsvrager gezond en veilig kan functioneren. Ook wordt er beschreven wat er moet behouden blijven of veranderen om de kwaliteit van bestaan van de ondersteuningsvrager te verbeteren.
    • European Association of Service Providers for Persons with Disabilities (EASDP)

      De EASPD promoot de belangen van Europese sociale organisaties, sociale ondernemingen en hun koepelstructuren die aan ongeveer 35 miljoen personen met een handicap in heel Europa diensten verlenen.
    • European Association of Service Providers for Persons with Disabilities (EASPD)

      De European Association of Service Providers for Persons with Disabilities promoot de belangen van Europese sociale organisaties, sociale ondernemingen en hun koepelstructuren die aan ongeveer 35 miljoen personen met een handicap in heel Europa diensten verlenen.

    • Evaluatie

      Een evaluatie is een toetsing of een beoordeling van hoe iets gegaan of geweest is. De positieve en negatieve elementen komen in beeld. Vanuit een evaluatie kan een bijsturing volgen.

       
    • Expertise

      Ervaring, kennis, kunde

  • F

    • Facilitator

      Binnen het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap betekent faciliteren: ondersteunen, informeren en coördineren. Het uiteindelijke doel van het faciliteren is het empoweren van personen met een handicap.
    • Faciliteren

      Binnen VGPH betekent faciliteren: ondersteunen, informeren en coördineren. Het uiteindelijke doel van het faciliteren is het ‘empoweren’ van personen met een handicap (zie Empowerment).
    • FAQ

      Frequently Asked Questions / veel gestelde vragen

    • Federale Overheidsdienst (FOD)

      Een federale overheidsdienst is de nieuwe benaming voor ministerie. Deze dienst ondersteunt een federale minister en verleent diensten aan de burgers.

    • Federatie Diensten Begeleid Wonen (FDWB)

      Oude term voor SPOND vzw

    • Federatie van OuderVerenigingen en Gebruikersraden in Voorzieningen (FOVIG vzw)

      Een overkoepelende gebruikersorganisatie voor de ouderverenigingen en gebruikersraden van personen met een handicap die in een voorziening verblijven. FOVIG vzw is gegroeid uit de behoefte aan wederzijds overleg, ondersteuning en informatie- uitwisseling tussen gebruikersverenigingen en gebruikersraden in voorzieningen. Het is de bedoeling de werking van gebruikersraden in voorzieningen te behartigen, te verdedigen en te stimuleren. Meer informatie vind je op:www.fovig.be
    • Federatie van Sociaal Ondernemen (SOM) (vroegere benaming: PPG, VSO, FSO)

      De Federatie van Sociale Ondernemingen is, zoals het Vlaams Welzijnsverbond, een koepelorganisatie die welzijnsvoorzieningen, - centra en – diensten groepeert.
      Een sociale onderneming is een onderneming met een maatschappelijke missie. Geld  verdienen is bij een sociale onderneming geen hoofddoel maar een middel om maatschappelijke waarde te creëren. SOM verenigt, ondersteunt en vertegenwoordigt sociale ondernemingen die bijdragen tot een kwaliteitsvolle zorg en een rechtvaardige sociale politiek. Als werkgeversfederatie neemt SOM het op voor haar leden in het sociaal overleg, is ze de sectorale en intersectorale belangenverdediger van haar leden, en ondersteunt en stimuleert ze tenslotte voortdurend sociaal ondernemerschap.
      SOM denkt steeds vooruitstrevend en werkt pluralistisch. De som van de delen is de meerwaarde van sociaal ondernemen.

    • Federatie van Vlaamse DovenOrganisaties (Fevlado vzw)

      De Federatie van Vlaamse DovenOrganisaties is een koepel van gebruikersorganisaties voor mensen met een auditieve handicap. Deze koepel vertegenwoordigt personen die doof, slechthorend of doofblind zijn. In het bijzonder vertegenwoordigt Fevlado vzw ook de gebruikers van de Vlaamse Gebarentaal.
      Meer informatie vind je op: www.fevlado.be
    • FID(-parameters)

      Frequentie, Intensiteit en Duur

    • Flexibel Aanbod Meerderjarigen (FAM)

      (oude term)
      Flexibel Aanbod Meerderjarigen

    • Focus Wonen

      Zie zelfstandig wonen.

    • Forensische Kinderpsychiatrische Dienst (FOR -K)

      Deze diensten richten zich tot jongeren die onder toezicht staan van de jeugdrechter en die wegens hun complexe psychiatrische problematiek vaak niet terecht kunnen in de reguliere kinderpsychiatrische diensten of de voorzieningen van Bijzondere Jeugdzorg. Het gaat om jongeren met een MOF-statuut (als Misdaad Omschreven Feit). De jongeren verblijven in een aparte, gesloten opname-eenheid.
    • FT(E)

      FullTime(-Equivalent)

  • G

    • Gauzz

      Centrum voor gedragsstoornissen bij autisme met zwaarzorgbehoevendheid

    • GBJ

      Gemeenschapsinstelling Bijzondere Jeugdzorg

    • Geïntegreerd Onderwijs (GOn)

      Geïntegreerd Onderwijs (GOn) is een samenwerkingsvorm tussen het gewoon onderwijs en buitengewoon onderwijs. Leerlingen met een handicap, of met leer- of opvoedingsbeperkingen kunnen door het GOn tijdelijk of permanent, gedeeltelijk of volledig in het gewone onderwijs terecht. GOn werd als proefproject gestart in 1970. Om voor Geïntegreerd onderwijs (GOn) in aanmerking te komen, moet de leerling beschikken over een “attest Buitengewoon Onderwijs”, dat na een onderzoek wordt opgesteld door een CLB (zie Centrum voor Leerlingenbegeleiding).
    • Geïntegreerd Wonen

      Personen met een handicap en een erkenning voor opvang in een Tehuis Niet-Werkenden die meer geïntegreerd willen wonen, kunnen in een project Geïntegreerd Wonen terecht. Het Tehuis Niet-Werkenden voorziet bij Geïntegreerd Wonen individuele woningen of kleine groepswoningen. Daar kunnen cliënten met ondersteuning door het Tehuis Niet-Werkenden wonen. De onder­steuning bestaat uit een algemene begeleiding bij het wonen en een specifieke begeleiding bij het wonen en de dagbesteding. De zorgvorm Geïntegreerd Wonen is vervangen door zorgvorm Diensten Inclusieve Ondersteuning.

    • Gebruiker (G)

      Binnen de sector Personen met een Handicap, en meer bepaald binnen de Zorgregie, bedoelt men met “gebruiker” de (ervaringsdeskundige) persoon met een handicap (of eventueel de actieve netwerkpersonen van de persoon met een handicap). De “gebruiker” maakt immers gebruik van opvang, begeleiding en ondersteuning aangeboden door de zorgaanbieders, en gesubsidieerd door het VAPH. Hiertoe moet de gebruiker een tenlasteneming door het VAPH aanvragen. Gebruikers hebben – net als alle burgers – rechten en plichten. Het Besluit Zorgregie bepaalt ook dat gebruikers – via hun gebruikersorganisatie – inspraak hebben in het beleid betreffende de Zorgregie.
    • Gebruikersorganisatie of Gebruikersvereniging of Vereniging voor personen met een handicap

      Het is een vereniging die:

      • de belangen en de rechten van (een groep van) personen met een handicap en hun omgeving verdedigt.
      • invloed uitoefent op het beleid om de situatie van personen met een handicap te verbeteren.
      • personen met een handicap informeert.

      Vele gebruikersverenigingen organiseren ook activiteiten voor personen met een handicap: reizen, culturele uitstappen en andere vrijetijdsbesteding.

    • Gedrags- en Emotionele Stoornissen (met verschillende gradaties) (GES+/++)

      De Provinciale Evaluatiecommissie kan beslissen dat een zorgvrager een persoon is met Gedrags- en Emotionele Stoornissen. Wanneer een jongere wordt beschouwd als een persoon met Gedrags- en Emotionele Stoornissen, dan zal het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap de opvang en begeleiding van deze jongere mee betalen. Het gaat om minderjarige zorgvragers die ernstig verstoord gedrag vertonen of ernstige emotionele problemen hebben. Daardoor niet kunnen functioneren thuis, op school, onder leeftijdsgenoten, enz.
      Vele jongeren met een statuut Gedrags- en Emotionele stoornissen hebben een bijkomende beperking. Meestal is dat een verstandelijke beperking of autisme.
      Gaat het om heel ernstige gedragsstoornissen, dan kan de jongere het statuut Gedrags- en emotionele Stoornissen met gradatie + of ++ krijgen. Hierdoor kan hij instromen in een speciale open plaats die is afgestemd op jongeren met een zeer ernstige gedragsstoornis.
      Ook volwassenen kunnen een Gedrags- en Emotionele stoornis hebben. Zij worden opgevangen en begeleid in de geestelijke gezondheidszorg of de psychiatrie. 

    • Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ)

      De geestelijke gezondheidszorg staat in voor de opvang, behandeling en begeleiding van mensen met psychiatrische of psychische problematieken en geestelijke gezondheidsproblemen in het algemeen. Deze sector zit vervat in het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid, dat - net als het VAPH - onder bevoegdheid staat van de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. Geestelijke Gezondheidszorg is dus een Vlaamse materie. Elke Vlaamse provincie heeft dan ook een eigen platform voor diensten die werken rond geestelijke gezondheidszorg. Verspreid over Vlaanderen zijn er verschillende Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg die deskundige hulpverlening bieden aan personen met een psychiatrische problematiek.
    • Gelijke Onderwijskansen (GOK)

      Het Decreet Gelijke Onderwijskansen (GOK) ontstond in 2002 en wil uitsluiting, sociale scheiding en discriminatie binnen het onderwijs tegengaan. Hiertoe heeft men speciale aandacht voor kinderen uit kansarme milieus, en ontwikkelde men een geïntegreerd ondersteuningsaanbod dat kinderen allemaal dezelfde optimale mogelijkheden wil bieden om te leren en zich te ontwikkelen.
    • Gelijke Rechten voor Iedere Persoon met een handicap vzw (GRIP)

      Deze organisatie werkt rond de rechten van personen met een handicap, en onderzoekt of de rechten van personen met een handicap zijn gegarandeerd in Vlaanderen. Hiervoor baseert men zich op het VN-verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap. Alle mogelijke domeinen van het leven worden hierbij betrokken (onderwijs, wonen, werken, zorg en ondersteuning, vrije tijd, enzovoort.)
    • Gemengde stuurgroep (GS)

      De Gemengde stuurgroep vergadert één keer per maand. Aan deze Vlaamse overlegtafel nemen afgevaardigden deel uit alle zeven jeugdhulpsectoren, zowel uit hun administratie, als hun werkgeverskoepels, als vanuit de cliëntvertegenwoordigers. In de Gemengde stuurgroep worden adviezen geformuleerd over alle onderwerpen betreffende jeugdhulp aan alle minderjarigen in Vlaanderen.

      Het VGPH heeft één effectieve (en één plaatsvervanger) in deze Gemengde Stuurgroep vanuit minderjarigen met een handicap (en hun ouders). Naast het VGPH zetelen er nog vier andere cliëntvertegenwoordigers.

    • Gespecialiseerd MultiDisciplinair Team (GMDT)

      Een Gespecialiseerd MultiDisciplinair Team is een Multidisciplinair Team (zie Multidisciplinair Team) met expertise en specialistische kennis inzake een bepaald type handicap of in een bepaalde materie.
    • Gespecialiseerde Arbeidsonderzoeksdienst (GA)

      Een dienstverlening vanuit de VDAB die de persoon met een (arbeids)handicap adviseert bij de keuze van een geschikt beroep of van geschikt werk. De dienst stelt een diagnose over de arbeidscompetentie van de cliënt en zorgt voor een doelmatige oriëntering naar de arbeidsmarkt. De GA geeft de cliënt ook advies over de tewerkstellingsondersteunende maatregelen waarop hij een beroep kan doen.
    • Gespecialiseerde Opleidings-, Begeleidings- en Bemiddelingsdienst (GOB)

      Deze dienst biedt gespecialiseerde opleidingen en bemiddeling aan personen met een (arbeids) handicap die willen werken in het gewone economische circuit. De opleiding en begeleiding bestaan uit opleidingen in gespecialiseerde centra, oriënterende stages en/of Gespecialiseerde Individuele BeroepsOpleiding (GIBO).
    • Gespecialiseerde Trajectbepaling en –Begeleiding(sdienst) (GTB)

      Deze gespecialiseerde dienst begeleidt personen met een (arbeids)handicap naar gepast werk, en ondersteunt hen ook om dat werk te houden. De begeleiding bestaat uit een intensief, planmatig en gefaseerd traject naar een plaats op de arbeidsmarkt. Dit traject wordt op maat van de cliënt uitgestippeld en houdt rekening met de individuele beperkingen en mogelijkheden van de cliënt. In de eerste plaats streeft men naar een geschikte (betaalde) job binnen het gewone economische circuit. Indien dit niet haalbaar is, kijkt men uit naar een passend alternatief, bijvoorbeeld een beschutte of beschermde werkplaats of een arbeidszorginitiatief.

    • Gezin en Handicap vzw

      Gezin en Handicap is een gebruikersorganisatie. Deze organisatie richt zich enerzijds tot gezinnen met een kind met een handicap en personen met een handicap. Gezin en Handicap wil hen informatie over specifieke problemen en ontmoetingskansen bieden. Daarnaast komen zij ook op voor gemeenschappelijke belangen van hun doelgroep. Anderzijds richt Gezin en Handicap zich ook tot iedereen die, beroepsmatig of vrijwillig, ouders van of mensen met een handicap begeleiden. Aan deze doelgroep biedt de organisatie informatie, begeleiding, ondersteuning en advisering bij het opzetten van vormings- en informatiemomenten. Meer informatie vindt u op: www.gezinenhandicap.be
    • GezinsPlaatsing (GP) of pleegzorg

      Gezinsplaatsing noemen we ook pleegzorg.
      Als ouders niet meer voor hun kind met een handicap kunnen zorgen dan kunnen ze het kind, op welke leeftijd ook,  laten opnemen in een pleeggezin. Dit pleeggezin zorgt dan voor de huisvesting, de op­vang en de begeleiding. Het pleeggezin kan ook een gezin binnen de eigen familie zijn.
      Alle personen met een handicap komen in aanmerking voor plaatsing in een pleeggezin: minder- en meerderjari­gen, personen met een verstandelijke en/of fysieke handicap, werkenden en niet-werkenden.
      Diensten voor plaatsing in gezinnen hebben een dubbele opdracht:

      • zoeken naar een geschikt pleeggezin voor het kind of de volwassene;
      • begeleiden en on­dersteunen voor en tijdens de plaat­sing het pleeggezin.
    • GI

      GemeenschapsInstelling

    • GIPSO

      Gids in zoektocht en uitbouw van Inclusieve Projecten vermaatschappelijking, en Samenlevingsopbouw en sociaal Ondernemingsschap. (advies- en coachingsbureau)

    • GOVAG

      Vlaamse Gebruikers- en OuderVereniging Antroposofische Gehandicaptenzorg vzw
  • H

    • Handicap

      Het begrip ‘handicap’ is erg moeilijk te omschrijven. De meeste mensen denken bij de term ‘handicap’ aan een medisch/fysisch of mentaal ‘probleem’ bij een persoon. Er zijn dan ook verschillende perspectieven om naar ‘handicap’ te kijken. Het oudste model is het religieuze model waarbij men dacht dat een handicap of beperking een straf was van God. In de Westerse wereld overheerste daarna lange tijd het medische model, waarbij een beperking of handicap werd/ wordt gezien als een ‘gebrek’ of ‘stoornis’ van een individu. De laatste decennia echter groeit het belang van het sociale model, waarbij ‘handicap’ een veranderend begrip is dat wordt gevormd door de samenleving. Zo stellen de Verenigde Naties dat een handicap het resultaat is van de interactie tussen enerzijds mensen met een (fysieke, mentale, intellectuele of zintuiglijke) beperking, en anderzijds attituden van mensen en omgevingsfactoren die verhinderen dat mensen met beperkingen volwaardig en op voet van gelijkheid met andere mensen, kunnen deelnemen aan de samenleving. 
      Samengevat kunnen we stellen dat elke persoon wel één of meerdere beperkingen heeft (fysiek, intellectueel, mentaal of sensoriëel), maar deze beperking wordt pas een handicap wanneer de maatschappij deze persoon niet volwaardig en als gelijke laat deelnemen aan de samenleving. M.a.w.: een handicap is geen ‘toestand’ van een persoon, maar wel iets dat gemaakt wordt door de samenleving.
      Het VAPH en andere overheidsinstanties gebruiken echter vaak een andere definitie van ‘handicap’, waarbij de nadruk vooral op de persoon met de beperking komt te liggen. Het VAPH geeft volgende definitie van ‘handicap’: “elk langdurig en belangrijk participatieprobleem van een persoon dat te wijten is aan het samenspel tussen functiestoornissen van mentale, psychische, lichamelijke of zintuiglijke aard, beperkingen bij het uitvoeren van activiteiten, en persoonlijke en externe factoren”. Deze benadering van ‘handicap’ heeft tot gevolg dat het al dan niet erkennen van een handicap door het VAPH, niet steeds overeenkomt met de ervaringen van personen met een beperking. Zo zullen bepaalde beperkingen niet in aanmerking komen om erkend te worden als ‘handicap’, hoewel sommige mensen met deze beperkingen het wel ervaren als een handicap. Omgekeerd worden andere beperkingen automatisch als een handicap gezien, hoewel niet alle mensen

    • Handicap Informatie en Tips (HINT)

      Een onafhankelijke informatiedienst voor personen met een handicap en andere betrokkenen in Oost-Vlaanderen. HINT behandelt alle vragen die op één of andere manier te maken hebben met handicap. HINT maakt deel uit van CADOR vzw, een Gespecialiseerde Arbeidsonderzoeksdienst (GA) in Oost-Vlaanderen.
    • Handicapspecifieke diensten

      Het zijn diensten of voorzieningen, erkend en mee betaald door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Ze geven extra ondersteuning aan personen met een Handicap. 

    • Heroverwegingscommissie (HOC)

      Als de Provinciale Evaluatiecommissie voorlopig weigert om de zorgvrager VAPH-ondersteuning te geven, dan ontvangt de zorgvrager deze voorlopige beslissing of dit voornemen van beslissing per brief.
      Gaat de zorgvrager niet akkoord met deze beslissing, dan kan hij een ‘verzoekschrift tot heroverweging’ indienen bij het Vlaams Agentschap voor Personen met Handicap. Hij vraagt dan aan het Vlaams Agentschap voor personen met een Handicap om zijn aanvraag opnieuw te onderzoeken. Een aparte commissie, beter bekend als de heroverwegingscommissie, zal de aanvraag dan opnieuw onderzoeken. 

    • Hoger Instituut voor de Arbeid (HIVA)

      Het Hoger Instituut voor de Arbeid (HIVA) is gespecialiseerd in wetenschappelijk, toegepast en beleidsondersteunend onderzoek. Het HIVA
      is een multidisciplinair Onderzoeksinstituut voor Arbeid en Samenleving en is verbonden aan de Katholieke Universiteit Leuven. De expertise van het HIVA omvat verschillende onderzoeksdomeinen, zoals arbeid en organisatie, arbeidsmarkt, middenveld en sociale economie, armoede en maatschappelijke integratie, migratie, milieubeleid en duurzame ontwikkeling, onderwijs en levenslang leren, ontwikkelingssamenwerking, de verzorgingsstaat en wonen.
    • Hoofdcontactpersoon (HCP)

      Het is de belangrijkste contactpersoon voor de zorgvrager.

      • Hij neemt de zorgvraag op in de Centrale Registratie Zorgvragen en volgt de vraag verder op.
      • Hij sluit de zorgvraag na opname af of past deze aan.
      • Hij vraagt de status Prioritair te Bemiddelen aan bij de Regionale Prioriteitencommissie.
      • Hij vraagt een convenant Prioritair te Bemiddelen aan bij de Regionale Prioriteitencommissie (RPC).
      • Hij vraagt de status Gedrags- en Emotionele Stoornissen aan bij de Regionale Instroomcommissie van Gedrags- en Emotionele Stoornissen ).

      Naast een hoofdcontactpersoon hebben sommige zorgvragers ook een nevencontactpersoon. Dit is vooral nuttig wanneer de zorgvrager een oplossing wil in een andere regio of provincie en daar dan ook bemiddeld moet worden. 

    • Huishoudelijk Reglement (HR of HHR)

      Elk overlegorgaan en elke vergadering heeft een Huishoudelijk Reglement. Hierin staat beschreven wat de doelstellingen en taken van de vergadering zijn, hoe de vergadering verloopt, wie er lid is of lid kan worden van de vergadering, hoe de standpunten en beslissingen tot stand komen, hoe een eventuele stemming moet gebeuren, enzovoort.
    • Huntington

      De ziekte van Huntington is een erfelijke aandoening die bepaalde delen van de hersenen aantast. De ziekte uit zich o.a. in onwillekeurige bewegingen die langzaam verergeren, verstandelijke achteruitgang en een verscheidenheid van psychische symptomen. De aandoening leidt gemiddeld na een achttiental jaren tot de dood van de patiënt(e), meestal door bijkomende oorzaken zoals longontsteking.
    • Huntington Liga vzw

      De Huntington-Liga werd in september 1974 opgericht. Het is een vereniging van patiënten met de ziekte van Huntington, risicodragers, partners, familieleden en overige betrokkenen. De Liga steunt voor een belangrijk deel op haar regiovertegenwoordigers. Meer informatie vindt u op: www.huntingtonliga.be
  • I

    • IC

      Individuele Convenant

    • IMB

      Individuele Materiële Bijstand

    • Inclusie

      Inclusie betekent de volwaardige insluiting van groepen in de samenleving die op sociaal vlak vaak worden uitgesloten, zoals personen met een handicap. Inclusie gaat uit van gelijkwaardige rechten en plichten voor mensen met een handicap (zie Burgerschapsmodel of Burgerschapsparadigma). Inclusie wordt vaak verward met integratie, maar gaat eigenlijk veel verder dan integratie. Bij inclusie past de omgeving zich aan aan de persoon met een handicap, bij integratie past de persoon met een handicap zich aan aan de omgeving.
    • Inclusie Vlaanderen vzw

      Een pluralistische gebruikersvereniging van en voor personen met een verstandelijke beperking, hun familieleden en vrienden en iedereen die inclusie nastreeft. Inclusie Vlaanderen verdedigt de rechten en belangen van personen met een verstandelijke handicap en streeft inclusie na. Meer informatie vindt u op: www.inclusievlaanderen.be
    • Inclusief onderwijs (ION)

      Inclusief onderwijs, afgekort ION, is een aanzet tot een alternatief voor buitengewoon onderwijs, waarbij de nadruk ligt op het aanvaarden van de verscheidenheid en gelijkwaardigheid van kinderen met een handicap. In plaats van kinderen met een handicap of leerproblemen uit de gewone schoolomgeving weg te halen en naar buitengwoon onderwijs te brengen, wordt bij inclusief onderwijs de specifieke ondersteuning naar het kind gebracht in de gewone school. Daar waar Geïntegreerd Onderwijs (GOn) (zie Geïntegreerd Onderwijs) de nadruk legt op integratie (waarbij het kind zich aanpast aan de bestaande schoolomgeving), wordt bij Inclusief Onderwijs de nadruk gelegd op het aanvaarden van de verscheidenheid van het kind. De school past zich aan aan de leerling en diens mogelijkheden en beperkingen, en niet omgekeerd.
    • Individueel of Persoonlijk Ondersteuningsplan

      Personen met een handicap geven in dit plan aan welke ondersteuning zij willen en nodig vinden en welke ondersteuning hen zou kunnen helpen.
      Wat staat er in het plan?

      • de noden naar ondersteuning op dit moment
      • de toekomstwensen en -plannen van de zorgvrager voor wonen, studeren, werken, vrije tijd, enz.
      • de ondersteuning die nodig is om aan deze wensen en dromen tegemoet te komen
      • de ondersteuning die haalbaar en mogelijk is.

      Hierbij kijkt men in de eerste plaats naar ondersteuning in het eigen netwerk of de omgeving van de zorgvrager en in de algemene welzijnssector (thuisverpleging, gezinshulp, enz.). Pas wanneer dit niet volstaat, zoekt men ondersteuning in het aanbod van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.  
      Een persoon met een ondersteuningsvraag kan dit plan zelf opstellen of met een Dienst Ondersteuningsplan.

    • Individueel OndersteuningsPlan (IOP)

      Een Individueel Ondersteuningsplan is een vorm van Persoonlijke Toekomstplanning (PTP), en wordt ook wel handelingsplan of Persoonlijk Ondersteuningsplan (POP) genoemd.
    • Individuele Materiële Bijstand (IMB)

      Het VAPH kan tussenkomen in de kosten voor hulpmiddelen en aanpassingen die een persoon met een handicap nodig heeft in het dagelijkse leven, zoals bijvoorbeeld een rolstoel, een tillift, het aanpassen van de woning en van de auto, enzovoort. De ondersteuning die in dat geval geboden wordt, wordt aangeduid als individuele materiële bijstand.
    • Informatieplicht

      De contactpersoon moet de zorgvrager altijd goed informeren over wat hij allemaal doet om de zorgvraag op te lossen. De contactpersoon moet ook altijd meteen de beslissingen van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap doorgeven aan de zorgvrager. 

    • Informatierecht

      De zorgvrager moet de contactpersoon informeren over belangrijke veranderingen in zijn dossier. 

    • Inkomensvervangende Tegemoetkoming (IVT)

      Een inkomensvervangende tegemoetkoming kan worden toegekend aan een persoon met een handicap als de handicap de mogelijkheden om een betaalde job uit te voeren beperkt. Het bedrag van de tegemoetkoming is afhankelijk enerzijds van de inkomsten van de persoon met een handicap en van de persoon met wie hij een huishouden vormt, en anderzijds
      van de gezinssamenstelling.
    • Inschaling

      Elke persoon met een handicap die zorg en ondersteuning wil, moet een proces doorlopen: de oorspronkelijke ondersteuningsbehoefte wordt omgezet naar een budget (ingeval van Persoonlijke Assistentiebudget) of naar een pakket zorg (of zorgmodule). Dat noemen we de inschaling.
      De inschaling gebeurt door een Multidisciplinair Team. Het team brengt  de noden en behoeften van personen met een handicap in kaart. 

    • Inschalingsverslag

      Dit verslag moet aantonen dat persoonlijke assistentie de mogelijkheden om zelfstandig thuis te wonen gevoelig zal verhogen. Het moet ook een aanwijzing geven van het nodige aantal uren assistentie. Het opmaken van het verslag gebeurt door een Multidisciplinair Team dat gespecialiseerd is in het Persoonlijke Assistentiebudget

    • INSISTO

      Intersectorale toegangspoort

    • Instapbereidheid

      Instapbereidheid is de bereidheid van een zorgvrager om in te gaan op elk (zorg)aanbod van opvang en begeleiding dat aansluit bij zijn zorgvraag. Concreet betekent dit dat zodra een voorziening of dienst bereid is een cliënt op te nemen, die cliënt ook effectief moet ingaan op dit aanbod. Wie een status Prioritair Te Bemiddelen wil aanvragen, moet instapbereid zijn.
    • Instroom en uitstroom

      In- en uitstroomgegevens tonen respectievelijk het aantal mensen dat in een bepaalde zorgvorm terechtkomt (instroom) en het aantal mensen dat een bepaalde zorgvorm verlaat (uitstroom).
    • Integrale Jeugdhulp (IJH)

      De Integrale Jeugdhulp wil de jeugdhulp in Vlaanderen verbeteren door gemeenschappelijke procedures voor alle jongeren die gebruik willen maken van de jeugdhulp. Integrale Jeugdhulp doet dit door de jeugdhulpsectoren beter op elkaar af te stemmen en meer te doen samenwerken.  
      Volgende sectoren zijn betrokken in Integrale Jeugdhulp:

      • Algemeen Welzijnswerk (AWW)
      • Bijzondere Jeugdbijstand (BJB)
      • Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG)
      • Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB)
      • Kind en Gezin (K&G)
      • Centra voor Integrale Gezinszorg (CIG)
      • Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH)

      Eens een jongere in het systeem van de Integrale Jeugdhulp zit, kan hij zonder verdere procedures ondersteuning of begeleiding krijgen van alle betrokken sectoren.

    • Integrale Toegangspoort (ITP)

      In het kader van de Integrale Jeugdhulp (zie Integrale Jeugdhulp) wil men één gemeenschappelijke procedure uitwerken voor alle jongeren die beroep willen of moeten doen op één of meerdere van de betrokken (bovenstaande) jeugdhulpsectoren. Een jongere die de Integrale Toegangspoort is gepasseerd, kan dan zonder verdere procedures ondersteuning of begeleiding krijgen vanuit alle betrokken sectoren.
    • Integratietegemoetkoming (IT)

      De Integratietegemoetkoming is een tegemoetkoming die personen met een handicap kunnen ontvangen om bijkomende kosten – die verband houden met de handicap – te dragen. Deze middelen kunnen gebruikt worden om bijvoorbeeld aanpassingen te doen aan de woning, aangepast materiaal te kopen voor werk of onderwijs, enzovoort. Het bedrag van de Integratietegemoetkoming wordt onder meer bepaald op basis van de mate van “zelfredzaamheid” van de aanvrager.
    • Internaat

      Het zijn voorzieningen die schoolgaande en niet-schoolgaande kinderen en jongeren opvangen en begeleiden.

    • Intersectoraal Regionaal Overlegorgaan (IRO)

      Het IRO is een intersectoraal overleg tussen het VAPH en het Agentschap Jongerenwelzijn. Concreet bepaalt het IRO per knelpuntdossier de nood aan een aanvullend geïndividualiseerd hulpaanbod in het hulpverleningsplan van de betrokken jongere (zie knelpuntdossier).
    • IROG

      Interregionaal overleg

    • IROJ

      Intersectoraal Regionaal Overlegnetwerk Jeugdhulp

    • IRPC

      Intersectorale regionale prioriteitencommissie

    • ITP

      Integrale Toegangspoort

    • IVT

      InkomensVervangende Tegemoetkoming

  • J

    • JHR

      Jeugdhulpregie

    • Jongerenwelzijn (JWZ)

      Jongerenwelzijn begeleidt jongeren in een moeilijke leefsituatie. Zij zoeken de juiste hulp voor de jongere en organiseren of ondersteunen het hulpverleningstraject. Jongeren worden meestal doorverwezen naar Jongerenwelzijn vanuit het Comité voor Bijzondere Jeugdzorg, de Bemiddelingscommissie of de Sociale Dienst van de Jeugdrechtbank.
    • JRB

      Jeugdrechtbank

  • K

    • K&J

      Kinderen en Jongeren

    • Katholieke Vereniging Gehandicapten vzw (KVG)

      Een gebruikersvereniging voor personen met een beperking, hun familieleden en vrienden, vrijwilligers en professionelen. KVG is een christelijk geïnspireerde socio-culturele vereniging en vrijetijdsbeweging. Verspreid over heel Vlaanderen zijn duizenden vrijwilligers voor KVG actief in 260 plaatselijke werkingen. Naast de plaatselijke groepen biedt KVG een gericht aanbod voor gezinnen, volwassenen met een verstandelijke handicap, jongvolwassenen met een fysieke handicap, enzovoort. KVG wil vertrekken vanuit de beleving van personen met een handicap en hun netwerk. Zij streven naar ‘kwaliteit van bestaan’ en een inclusieve samenleving. Meer info vindt u op: www.kvg.be
    • KB

      Koninklijk besluit

    • Kenniscentrum Hulpmiddelen (KO C; vroegere benaming: Kennis- en OndersteuningsCentrum)

      Het KOC is een dienst binnen de afdeling Ondersteuning Doelgroepenbeleid van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH). De opdracht van het KOC bestaat erin kennis over hulpmiddelen en aanpassingen te verzamelen en te verspreiden. Daarnaast ondersteunt het KOC het werkveld (adviesverlening) en bereiden zij het beleid voor inzake de materie hulpmiddelen en aanpassingen. De hulpmiddelendatabank van het KOC, de Vlibank, bevat gegevens over duizenden hulpmiddelen en aanpassingen. Meer info vindt u op: www.koc.be en www.vlibank.be
    • Kind en Gezin (K&G)

      Het is een dienst van de Vlaamse overheid die het welzijn van jonge kinderen en hun gezinnen wil vergroten. Kind en Gezin doet dit door:

      • preventieve gezinsondersteuning Kind en Gezin begeleidt elke (nieuwe) ouder van bij de zwangerschap tot het kind 3 jaar is met informatie, praktische tips en ondersteuning. De dienstverlening is gratis.
      • kinderopvang Kind en Gezin organiseert zelf geen opvang, maar regelt de kinderopvang in Vlaanderen en in Brussel en volgt deze nauw op. Dit geldt zowel voor de opvang van allerkleinsten als voor de opvang van de kinderen uit het basisonderwijs.
      • adoptie Kind en Gezin informeert en begeleidt iedereen met een adoptiewens doorheen de volledige adoptieprocedure. Specifiek gebeurt dat door de het Vlaams Centrum voor Adoptie (VCA): een dienst binnen Kind en Gezin.
    • Kinderpsychiatrische Dienst (K-dienst)

      De reguliere Kinderpsychiatrische diensten richten zich naar kinderen en jongeren met een psychiatrische of psychische problematiek. K-diensten bieden crisisopname, observatie en behandeling aan. Deze diensten werken meestal via verschillende zorgvormen, zoals residentiële opname, dagopname, ambulant, mobiel, etc.
    • Klare Taal

      Klare Taal is taalgebruik dat toegankelijk en begrijpelijk is voor personen met een verstandelijke beperking en/of personen met leermoeilijkheden.
    • Knelpunt(dossier) (binnen Bijzondere Jeugdbijstand en Integrale Jeugdhulp)

      Knelpuntdossiers zijn dossiers binnen de jeugdhulpverlening waarvan de complexiteit van de hulpvraag een combinatie van hulpaanbod vraagt van verschillende personen of voorzieningen die jeugdhulpverlening aanbieden, en dat voldoet aan de erkenningsvoorwaarden. Het zijn jongeren voor wie de reguliere hulpverlening binnen VAPH of Jongerenwelzijn niet volstaat, en voor wie er nood is aan een aanvullend geïndividualiseerd hulpaanbod.
    • Kortverblijf of Kortopvang (KV of KO)

      Het is een voorziening die opvang en begeleiding biedt voor een korte periode. Soms kan het sociaal netwerk gedurende een korte periode, door welke om­standigheden ook, de persoon met een handicap niet ondersteunen. Dan kan het nodig zijn om de persoon met een handicap tijdelijk ergens anders op te nemen. In die gevallen is kortopvang een mogelijke oplossing.
      Ook zorgvragers in een crisissituatie kunnen met middelen noodsituatie en voor maximaal tien weken in kortopvang terecht. Kortopvang kan zowel overdag als ‘s nachts, ook in het weekend en tijdens vakantieperiodes. Kortopvang is voor elke zorgvrager beperkt tot 92 dagen per vijf jaar.

    • Kwaliteit van Bestaan

      Kwaliteit van Bestaan is een mengeling van objectief meetbare en subjectieve factoren die bepalen of iemand tevreden is over zijn leven. Heel wat verschillende aspecten en factoren spelen een rol bij kwaliteit van bestaan: 
      • Het emotioneel welbevinden
      • Persoonlijke relaties
      • Materiaal welbevinden
      • Persoonlijke ontwikkeling
      • Lichamelijk welbevinden
      • Zelfbeschikking
      • Sociale integratie
      • Rechten
      De term “Kwaliteit van Bestaan” is een vertaling van het Engelse “Quality of Life”. “Kwaliteit van Leven” in het Nederlands is echter veel beperkter, en gaat enkel over de basiszorgen (dak boven het hoofd, eten en lichamelijke verzorging) die een persoon al dan niet krijgt.

  • L

    • Leerzorg

      Leerzorg is het geheel van zorgmaatregelen die in het onderwijs worden aangeboden om leerlingen met specifieke noden te begeleiden en te ondersteunen tijdens hun schoolloopbaan.
    • Liberale Vereniging van Personen met een Handicap vzw (LVPH)

      Een gebruikersvereniging voor personen met een beperking en hun familieleden en vrienden. Vanuit een liberale overtuiging streven zij naar een gelijkwaardige behandeling en een versterking van personen met een handicap. Het doel van LVPH is een samenleving waar iedereen gelijk en vrij is. Meer info vindt u op: www.lvph.mut400.be
    • Lijstpatiënt

      De term lijstpatiënten verwijst naar mensen die via het RIZIV zijn opgelijst met het oog op een langdurig verblijf in een psychiatrische voorziening. In 1990 werden door het RIZIV ongeveer 7000 personen in België op een lijst geplaatst (de zogenaamde lijstpatiënten). Voor hen werden ‘uitdovende’ bedden in de psychiatrie voorbehouden. Het zijn uitdovende bedden: als de patiënten overlijden of het Psychiatrisch VerzorgingsTehuis (PVT) verlaten, wordt het bed niet langer gefinancierd.
    • Logeerfunctie

      Internaten en Tehuizen (Werkenden en Niet-Werkenden) kunnen de mogelijkheid bieden om personen met een handicap voor een korte duur (minstens 12 uur, overnachting inbegrepen) op te vangen. Gedurende deze logeerperiode staat de voorziening in voor de noodzakelijke begeleiding en behandeling. Een persoon met een handicap kan maximaal 30 dagen per jaar gaan logeren. Om gebruik te maken van deze opvangvorm is een positieve beslissing van het VAPH voor gelijk welke zorgvorm voldoende als toegangsticket.
    • Lokaal OverlegPlatform (LOP)

      Alle Vlaamse regio’s en de grote steden hebben een eigen Lokaal OverlegPlatform. De Lokale OverlegPlatformen (LOP’s) werden ingeschreven in het GOK-I Decreet van 1 januari 2003. Dit decreet handelt over Gelijke OnderwijsKansen (GOK) voor alle leerlingen. De doelstelling van de LOP’s is dan ook het realiseren van gelijke kansen voor alle leerlingen om te leren en zich te ontwikkelen. Het LOP is samengesteld uit alle onderwijsverstrekkers uit de regio en vertegenwoordigers van lokale socio-culturele organisaties die van nabij worden geconfronteerd met (on) gelijke kansen binnen het onderwijs. Dit platform heeft naast een onderzoeks- en adviesopdracht ook een bemiddelende en ondersteunende rol.
    • Lus vzw

      De Lus vzw is een kennis- en ervaringscentrum over netwerkontwikkeling en gemeenschapsvorming. Waarbij kunnen ze helpen?

      • Mensen met elkaar in contact brengen.
      • Een sterk persoonlijk netwerk uitbouwen.
      • De levenskwaliteit van personen met een beperking verhogen. 

      Deze organisatie krijgt subsidies van het departement Welzijn.

  • M

    • McGill Action Planning System (MAPS)

      McGill Action Planning System is een strategie die ouders van jonge kinderen met een handicap helpt bij het uitstippelen en vormgeven van het leven en de toekomst van hun kind. Vertrekpunt is het zoeken naar de hoogst mogelijke kwaliteit van bestaan voor het kind en zijn netwerk. Daarbij gaat men uit van een leven in de gewone samenleving. MAPS wordt bijvoorbeeld gebruikt om inclusief onderwijs vorm te geven. Indien nodig kunnen ook oplossingen worden gezocht in specifieke voorzieningen.
    • Medisch-Pedagogisch Instituut (MPI) IJH

      Jongeren met een (zware) handicap die niet in het thuismilieu meer kunnen opgevangen worden, kunnen terecht in een special voorziening. Dit is een Medisch-Pedagogisch Instituut (MPI). Het bestaat uit een aangepaste verblijfsvoorziening (internaat) en een school voor buitengewoon onderwijs. Vaak is aan een Medisch-Pedagogisch Instituut ook een revalidatiecentrum verbonden. Een Medisch-Pedagogisch Instituut richt zich meestal specifiek naar een bepaald type handicap. Zo zijn er Medisch-Pedagogisch Instituten voor personen met een auditieve, visuele, motorische of verstandelijke handicap.

    • Medische ondersteuningsnood (personen met een zware medische ondersteuningsnood) (MED +/++)

      (oude term)
      Sommige personen hebben veel medische zorg, ondersteuning en omkadering nodig. Men noemt hen personen met zware medische ondersteuningsnood. Er zijn verschillende gradaties: MED, MED+ en MED++. Voor personen met de status MED++ zijn er speciale plaatsen voorzien waar het aanbod is afgestemd op de specifieke noden van de ondersteuningsvragers.

    • Meerderjarigen (M+)

      Wettelijk gezien zijn personen meerderjarig vanaf 18 jaar. Binnen de VAPH-sector kunnen meerderjarige zorgvragers echter vaak tot de leeftijd van 21 jaar in een minderjarigen- voorziening (bv. een internaat of MPI) blijven.
      Wanneer er na de leeftijd van 21 jaar geen opvang of begeleiding wordt gevonden in een meerderjarigen-voorziening, mag de zorgvrager tot maximaal 25 jaar in de minderjarigenvoorziening blijven. Personen met een ernstige verstandelijke beperking kunnen ook verlengd minderjarig worden verklaard. In dat geval komen zij onder het toezicht van een voogd of bewindvoerder te staan.
    • Meerjarenanalyse (MJA)

      Het beleid verzamelt gegevens gedurende enkele jaren. Het beleid onderzoekt en analyseert die gegevens. Dit onderzoek en de analyse geeft het beleid weer in een meerjarenanalyse. Op basis van deze gegevens stelt het beleid mogelijkheden voor van hoe het beleid eruit kan gaan zien in de komende jaren, en men stelt een planning op. Dit noemt het meerjarenplan.
    • Meerjarenplan (MJP)

      Een meerjarenplan is planning van de activiteiten van de komende jaren. Vele bedrijven, organisaties en de overheid stellen een meerjarenplan op om een duidelijk overzicht te hebben van wat er in de volgende jaren allemaal moet gebeuren en hoe dat moet gebeuren. Ook het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap maakt telkens een meerjarenplan op over de zorgregie.
    • Middelen noodsituatie

      Een noodsituatie is (binnen de zorgregie) een onverwachte, acuut beleefde situatie (bijvoorbeeld door het wegvallen van de sociale context) waarbij onmiddellijke opvang of begeleiding dient geboden te worden aan een zorgvrager (zie Noodsituatie). Om die onmiddellijke opvang of begeleiding te realiseren, voorziet het VAPH bijkomende middelen noodsituatie voor de betrokken zorgvrager. Deze middelen volstaan om voor de betrokken zorgvrager zes tot maximaal tien weken opvang, begeleiding en ondersteuning te organiseren. Het bedrag hangt af van de zorgvorm die door de Provinciale Evaluatiecommissie (zie Provinciale Evaluatiecommissie) werd toegekend aan de zorgvrager.

    • Migratievraag

      (oude term)
      De ondersteuningsvrager krijgt al zorg en ondersteuning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap en heeft nog een vraag naar een zorgvorm met eenzelfde soort ondersteuning of naar minder ondersteuning. Dan krijgt de ondersteuningsvrager automatisch de toelating voor een nieuwe vraag naar zorg en ondersteuning. De ondersteuningsvrager moet niet meer de lange procedures doorlopen. 

    • Mijn.vaph.be

      Een ondersteuningsvrager kan zijn persoonlijk dossier bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap digitaal (of elektronisch) inkijken en opvolgen. Het persoonlijke dossier is raadpleegbaar op mijnvaph.be. Hij heeft een elektronische identiteitskaart en een kaartlezer hiervoor nodig. In de toekomst zal men langs deze weg ook aanvragen en wijzigingen in het dossier kunnen doen.

    • Minderjarigen (M-)

      Wettelijk gezien zijn alle personen onder 18 jaar minderjarig.
      In de sector van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap kunnen meerderjarige ondersteuningsvragers tot de leeftijd van 21 jaar in een minderjarigenvoorziening blijven. Vindt de ondersteuningsvrager na de leeftijd van 21 jaar geen opvang of begeleiding in een meerderjarigenvoorziening, dan mag hij tot maximum 25 jaar in de minderjarigenvoorziening blijven. Personen die een juridische beschermingsmaatregel nodig hebben, kunnen onder bewindvoering geplaatst worden.  Sinds 1 maart 2014 behandelt de Integrale Jeugdhulp de aanvragen van minderjarige personen met een handicap.
    • Ministerieel Besluit (MB)

      Een Ministerieel Besluit is een besluit van een minister. Een Koninklijk Besluit beschrijft hoe een wet moet uitgevoerd worden. Het is de regering die een Koninklijk Besluit opstelt.  Voor meer details over de uitvoering kan de bevoegde minister individueel een ministerieel besluit opstellen. Vanaf verschijning in het Belgisch Staatsblad, wordt het ministerieel besluit bindend.

    • Mobiel

      Mobiel betekent verplaatsbaar.
      Bij mobiele ondersteuning gaat de persoon die (professionele) ondersteuning biedt, naar de cliënt, om hem in zijn thuisomgeving te ondersteunen.

    • Motorische handicap

      De term motorisch verwijst naar het vermogen om te bewegen. Een persoon met een motorische handicap beperkt de fysieke mogelijkheden van een persoon om zich te kunnen bewegen.

    • MS-Liga Vlaanderen vzw

      De MS-liga is een gebruikersvereniging voor personen met Multiple Sclerose en hun familieleden en vrienden. Enkele doelstellingen van deze vereniging zijn:

      • Informeren;
      • Geven van psychosociale begeleiding aan personen met Multiple Sclerose en hun netwerk;
      • Bemiddelen en begeleiden van de doelgroep in het ingewikkelde netwerk van sociale en financiële voorzieningen;
      • Sensibiliseren van de maatschappij;
      • Wetenschappelijk onderzoek stimuleren.

      Meer informatie vind je op: www.ms-sep.be

    • Multidisciplinair Onderzoek (MDO)

      Een Multidisciplinair Onderzoek is een onderzoek dat vaststelt of iemand een handicap heeft, en of die ernstig genoeg is om ondersteuning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een handicap te kunnen krijgen. Verder moet uit een multidisciplinair onderzoek ook blijken wat de persoon met handicap nodig heeft aan zorg en/of aan hulpmiddelen voor zijn sociale participatie (wonen, werken, vrije tijd). Dit onderzoek dient te gebeuren door een Multidisciplinair Team dat hiervoor erkend is door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.

    • Multidisciplinair team (MDT) of verwijzende instantie

      De multidisciplinaire teams zijn door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap erkend om een multidisciplinair verslag op te stellen. Een multidisciplinair team bestaat uit mensen met een verschillende specifieke opleiding en beroep (bv. een psycholoog, een dokter, een maatschappelijk werker). Ze gaan de handicap samen onderzoeken en vaststellen wat de persoon met een handicap nodig heeft. De persoon met een handicap wordt op die manier ingeschaald
      Een Multidisciplinair Team noemt men ook een ‘verwijzende instantie’ omdat zij personen met een handicap doorverwijzen naar een ondersteuningsaanbod van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.

      De meeste teams zijn gespecialiseerd, bv.:
      • in een bepaalde leeftijdsgroep: kinderen en/of volwassenen
      • in een bepaald type handicap: bijvoorbeeld blinden en slechtzienden
      • in een bepaald soort ondersteuning: bv. hulpmiddelen, Persoonlijke-Assistentiebudget, begeleidingen door diensten of opvang in voorzieningen.
    • Multidisciplinair verslag (MDV)

      Wie hulp en bijstand van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap  wil, moet naar een Multidisciplinair Team gaan. Dat team stelt een multidisciplinair verslag op. In dit verslag komen alle gegevens:

      • die belangrijk zijn om de handicap en de aard van de handicap vast te stellen.
      • die de vraag voor bijstand van een persoon met een handicap erkennen.
      • over de medische, psychosociale en sociale achtergrond van de ondersteuningsvrager.
    • Multifunctioneel Centrum (MFC) IJH

      Het maakt deel uit van een zorgvernieuwingsexperiment. Alle vergunde aanbieders van zorg en ondersteuning voor minderjarige personen met een handicap zijn multifunctionele Centra. Het is een dienstverleningscentrum dat op een heel soepel manier verblijf, dagondersteuning én mobiele begeleiding biedt. Een Multifunctioneel Centrum werkt voor minderjarigen die door hun problemen een tenlasteneming voor residentiële of semi-residentiële opvang kregen. Doordat ze verschillende begeleidingsmodules heel soepel aanbieden kunnen ze de gemiddelde duur van residentiële opvang van de betrokken jongere inperken. Ze voorzien een degelijke ondersteuning van het netwerk voor, tijdens, als na de periodes van residentiële opvang. Dit moet leiden tot minder residentiële opvang en meer jongeren in begeleiding. 
       
      Alternatief voorstel Inge: Alle vergunde aanbieders van zorg en ondersteuning voor minderjarige personen met een handicap en erkenning voor residentiële of semi-residentiële opvang, zijn MultiFunctionele Centra. Een multifunctioneel centrum is een dienstverleningscentrum voor minderjarigen, dat op een soepele manier verblijf, dagondersteuning én mobiele begeleiding kan bieden.  Vroeger konden de aanbieders van zorg en ondersteuning voor minderjarigen alleen de zorgvorm aanbieden waarvoor ze een erkenning hadden: internaat of dagondersteuning. Mobiele begeleiding kon alleen geboden worden door de thuisbegeleidingsdiensten. De versoepeling in de regelgeving is er gekomen met het doel een soepeler zorgaanbod te kunnen doen en de gemiddelde duur van residentiële opvang in te perken.
       
    • Multifunctioneel Centrum (MFC) IJH

      Het maakt deel uit van een zorgvernieuwingsexperiment. Alle vergunde aanbieders van zorg en ondersteuning voor minderjarige personen met een handicap zijn multifunctionele Centra. Het is een dienstverleningscentrum dat op een heel soepel manier verblijf, dagondersteuning én mobiele begeleiding biedt. Een Multifunctioneel Centrum werkt voor minderjarigen die door hun problemen een tenlasteneming voor residentiële of semi-residentiële opvang kregen. Doordat ze verschillende begeleidingsmodules heel soepel aanbieden kunnen ze de gemiddelde duur van residentiële opvang van de betrokken jongere inperken. Ze voorzien een degelijke ondersteuning van het netwerk voor, tijdens, als na de periodes van residentiële opvang. Dit moet leiden tot minder residentiële opvang en meer jongeren in begeleiding. 


    • Multiple Sclerose (MS)

      Multiple Sclerose is een aandoening van het centrale zenuwstelsel (de hersenen en het ruggenmerg). De ziekte heeft heel wat beperkingen tot gevolg. Multiple Sclerose is een progressieve ziekte. Dat wil zeggen dat de ziekte evolueert en de lichamelijke toestand van de patiënt(e) steeds meer aantast.
  • N

    • N-waarde

      Deze waarde geeft de nood aan oproepbare nachtpermanentie van een persoon met een handicap weer. De N-waarde is één van de elementen die de zorgzwaarte van een persoon met handicap bepalen, en via deze weg dus ook de grootte van het Persoonsvolgend Budget

    • NEMA vzw

      zie Vlaamse vereniging neuromusculaire aandoeningen vzw

    • Netwerk

      Een netwerk is een groep/geheel van mensen of diensten die met elkaar in verbinding staat en die mogelijk zorg of ondersteuning voor elkaar opneemt. Het netwerk van mensen met een handicap bestaat in de eerste plaats uit hun gezin, familie, vrienden, hun buurt. Dit is het sociale of natuurlijke netwerk. Een netwerk kan ook ruimer en professioneel zijn. Zo kan bijvoorbeeld een huisarts, een dienst voor poetshulp of een voorziening voor personen met een handicap deel uitmaken van iemands netwerk.

    • Netwerk Onafhankelijke Cliëntondersteuning (NOC)

      Het Netwerk Onafhankelijke Cliëntondersteuning is een samenwerkingsverband in Limburg tussen:

      • Zorgaanbieders erkend door het VAPH
      • Gebruikersorganisaties
      • Verwijzers
      • Welzijnsorganisaties uit aangrenzende sectoren

      Zij bieden cliëntondersteuning aan vanuit de visie van trajectbegeleiding: ondersteuning van personen met een handicap in heel hun traject van kennismaking, intake tot effectieve ondersteuning.

    • Nevencontactpersoon

      (oude term)
      Naast een hoofdcontactpersoon hebben ondersteuningsvragers soms ook een nevencontactpersoon. Dit is vooral nuttig wanneer de ondersteuningsvrager een oplossing wil in een andere regio of provincie en daar dan ook bemiddeld moet worden. De nevencontactpersoon heeft niet dezelfde rechten als een hoofdcontactpersoon. Deze persoon kan de gegevens van de zorgvraag enkel inkijken. Hij kan niets veranderen in het dossier. Een nevencontactpersoon kan een ondersteuningsvrager ook aanmelden voor open plaatsen.

    • Nevencontactpersoon

      Naast een hoofdcontactpersoon hebben zorgvragers soms ook een nevencontactpersoon. Dit is vooral nuttig wanneer de zorgvrager een oplossing wil in een andere regio of provincie en daar dan ook bemiddeld moet worden. De nevencontactpersoon heeft niet dezelfde rechten als een hoofdcontactpersoon. Deze persoon kan de gegevens van de zorgvraag enkel inkijken. Hij kan niets veranderen in het dossier. Een nevencontactpersoon kan een zorgvrager ook aanmelden voor open plaatsen.  

    • Niet-Aangeboren Hersenletsel (NAH)

      Niet-aangeboren hersenletsel is een verzamelterm voor alle letsels aan de hersenen die ontstaan zijn na de geboorte. De oorzaken van niet-aangeboren hersenletsel zijn zeer gevarieerd:
      • Langdurig zuurstofgebrek van de hersenen (bijvoorbeeld bij verdrinking of verstikking);
      • Stoornis in de bloedtoevoer naar de hersenen (bijvoorbeeld bij een hersenbloeding of bij een hartstilstand);
      • Trauma (een ongeluk met hersenletsel),
      • Infectie van het hersenweefsel,
      • Enzovoort.
      Niet-aangeboren hersenletsels kunnen een invloed hebben op de motoriek en/of de cognitieve functies van de patiënten. 
    • Niet-Rechtstreeks Toegankelijke Hulp (NRTH) of trap 2

      Niet-Rechtstreeks Toegankelijke Hulp is langdurige, intensieve en handicapspecifieke zorg en ondersteuning waarvoor je een goedkeuring van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap nodig hebt. Deze hulp krijgt de ondersteuningsvrager niet zomaar. Hij moet een aanvraag indienen bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, en doorloopt een hele procedure. Indien hij een goedkeuring krijgt van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, krijgt hij een Persoonsvolgend Budget op basis van zijn noden.
      Niet-Rechtstreeks Toegankelijke Hulp noemt men ook trap 2 van de Persoonsvolgende Financiering. 
    • Niet-Rechtstreeks Toegankelijke Jeugdhulp (NRTJ) IJH

      Niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp is langdurige, intensieve en handicapspecifieke hulpverlening voor minderjarige personen met een handicap. Deze hulpverlening kan enkel starten met het akkoord en de tussenkomst van de Integrale Toegangspoort. Daarvoor dient de minderjarige persoon met handicap een procedure te doorlopen bij de Integrale Jeugdhulp.
      Tot de niet-Rechtstreeks Toegankelijke Jeugdhulp behoren de voorzieningen binnen de sector van de bijzondere jeugdbijstand (Jongerenwelzijn) en van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Ook de langdurige opvang binnen de Centra voor Kinderzorg en Gezinsondersteuning, en het aanbod van de Centra voor Integrale Gezinszorg zijn niet-rechtstreeks toegankelijk. 

    • Niets over ons zonder ons (NOOZO)

      ‘Niets over ons zonder ons’ is een project van 22 gebruikersverenigingen en organisaties van personen met een handicap. Het project wil het VN-verdrag over de rechten van mensen met een handicap integreren in de gemeenten en de gewesten. De bedoeling is ervoor te zorgen dat mensen met een handicap meer inspraak krijgen in het beleid.
    • Noodsituatie

      Het is een onverwachte, plotse situatie waarbij begeleiding of opvang direct nodig is. Zonder deze directe begeleiding of opvang komt de lichamelijke of geestelijke gezondheid van de persoon met handicap en/of van zijn omgeving in groot gevaar. Met een noodsituatie kunnen zorgvragers meteen opgevangen of begeleid worden in een voorziening of dienst voor een maximale periode van tien weken. De coördinator Zorgregie van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap moet de noodsituatie eerst goedkeuren. Dit gebeurt slechts in heel uitzonderlijke situaties.
      Wie een noodsituatie aanvraagt, heeft een medisch attest van het Multidisciplinair Team nodig of een attest van de arts waarin staat dat men een handicap heeft.
      Vindt de contactpersoon (in overleg met de zorgvrager) na tien weken nog geen blijvende oplossing? Dan kan hij een aanvraag tot zorg en/of ondersteuning bij de Regionale Prioriteitencommissie  indienen om de status prioritair te bemiddelen te krijgen. Krijgt hij deze status, dan krijgt hij ook weer voorrang op de wachtlijst.

    • Noodsituatie (NS)

      Een noodsituatie is een onvoorziene, plotse situatie waarbij begeleiding of opvang voor de persoon met handicap direct nodig is, doordat de zorgdragers en ondersteuners niet meer in staat zijn de zorg en ondersteuning voor de persoon met handicap op te nemen (bvb door overlijden of crisisopname van de zorgdrager in het ziekenhuis). Zonder deze directe begeleiding of opvang komt de lichamelijke of geestelijke gezondheid van de persoon met handicap en/of van zijn omgeving in groot gevaar. Het plotse en onvoorziene van de situatie moet je zeer strikt interpreteren om een erkenning van de noodsituatie te kunnen krijgen.
      Als het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap de situatie erkent als noodsituatie, krijgt de ondersteuningsvrager een budget voor een periode van maximaal 22 weken.
      Na 10 weken moet de ondersteuningsvrager zijn situatie evalueren via een vragenlijst van het Vlaams Agentschap voor personen met een handicap. Als het Vlaams Agentschap voor Personen met een handicap erkent dat de noodsituatie van blijvende aard is, kan zij een persoonsvolgend budget na noodsituatie toekennen. Dit budget is blijvend. De ondersteuningsvrager moet een aanvraag voor een persoonsvolgend budget indienen volgens de gewone weg (via een ondersteuningsplan en een multidisciplinair verslag). Het enige verschil is dat nu de Regionale Prioriteitencommissie geen rol meer heeft: zij hoeven de aanvraag niet toe te wijzen aan een prioriteitengroep.
      De ondersteuningsvrager kan eerst een voorlopig ondersteuningsplan indienen op basis waarvan het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap de budgethoogte kan bepalen. Voor het definitieve plan en het multidisciplinair onderzoek heeft de ondersteuningsvragen maximaal 1 jaar de tijd.

    • Nursingstehuis (NT)

      (oude term)
      Andere benaming voor Tehuis Niet-Werkenden – Nursing.
  • O

    • Observatie en BehandelingsCentrum (OBC) IJH

      Het is een centrum voor diagnose en hulpverlening aan jongeren met een ver­standelijke handicap en gedragsproblemen of emotionele stoornissen. Het doel van een Observatie en Behandelingscentrum is om door intensieve observatie te komen tot een genuanceerde diagnose van de beperking, het probleem of de stoornis en daarna, op basis van de bevindingen, passend door te verwijzen. Het verblijf in een Observatie en Behandelingscentrum bedraagt minimaal 3 maanden en is maximaal verlengbaar tot 36 maanden.
    • Onafhankelijk Leven vzw (OL)

      Onafhankelijk Leven vzw is een bijstandsorganisatie. Daarnaast zijn ook Absoluut vzw en Alin vzw bijstandsorganisaties.
      Onafhankelijk Leven vzw helpt personen met een handicap met een persoonsvolgend budget om zelf hun handicapspecifieke zorg en ondersteuning te regelen. Deze vereniging helpt mensen met een cashbudget, maar ook mensen met een voucher. De vereniging helpt de budgethouders bij het opstarten, uitgeven en beheren van hun budget. Op vraag van de budgethouder kan deze vereniging ook helpen in de onderhandeling met de zorgaanbieders.
       
      Onafhankelijk Leven was vroeger een budgethoudersvereniging.
      Meer informatie vind je op : www.onafhankelijkleven.be.  
    • Onbekwaamverklaring

      Zie Bewindvoering

    • Ondersteuning (op maat)

      Ondersteuning is het geheel van dienstverlening die een persoon met handicap nodig heeft om te kunnen leven zoals hij wil.  Het is met andere woorden die vorm van dienstverlening die optimaal is afgestemd op de noden, verwachtingen en mogelijkheden van de persoon met een handicap. Dit is ondersteuning op maat. Gebruikersorganisaties verkiezen de term ondersteuning boven de term zorg, omdat deze term meer de autonomie van de persoon met handicap onderstreept. De term zorg impliceert een meer afhankelijke positie van de persoon met handicap.
    • Ondersteuningsbron

      Ondersteuningsbron is een verzamelnaam voor alle personen en organisaties in de omgeving van de persoon met handicap die hem kunnen helpen om zijn ondersteuningsnoden te realiseren. Een ondersteuningsbron is bijvoorbeeld een persoonlijke assistent, sociaal netwerk, familielid, een dienst buiten de sector van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, een vergunde (zorg)aanbieder, enzovoort. 

    • Ondersteuningscentrum Jeugdzorg (OCJ) IJH

      Het is een gemandateerde voorziening. Het biedt vooral advies en ondersteuning aan hulpverleners. Ze zijn enkel toegankelijk voor jeugdhulpvoorzieningen die er zelf niet in slagen om een verontrustende situatie in te schatten en/of op te volgen.
      Zij streven altijd naar ‘vrijwillig aanvaarde’ hulp in een aanklampende context. Indien nodig kunnen zij dossiers overmaken aan het parket.

    • Ondersteuningsnood

      De ondersteuningsnood is de ondersteuning die een persoon met een handicap nodig heeft en wenst om zijn leven te kunnen organiseren zoals hij zelf wil. 

    • Ondersteuningsplan (Individueel of Persoonlijk) (OP of O.P. of I.O.P.)

      Personen met een handicap geven in dit plan aan welke ondersteuning zij willen en nodig vinden en welke ondersteuning hen zou kunnen helpen.
      Wat staat er in het ondersteuningsplan?
      • de noden naar ondersteuning op dit moment
      • de toekomstwensen en -plannen van de ondersteuningsvrager voor wonen, studeren, werken, vrije tijd, enz.
      • de ondersteuning die nodig is om aan deze wensen en dromen tegemoet te komen
      • de ondersteuning die haalbaar en mogelijk is.
      Voor het opstellen van een ondersteuningsplan bekijkt men de vijf concentrische cirkels. Deze vijf concentrische tonen de verschillende partijen (groepen?bronnen?) die een rol kunnen opnemen in de zorgen ondersteuning aan personen met een handicap. Dit gaat van de persoon met handicap zelf, zijn familie, zijn netwerk tot de reguliere diensten en de handicapspecifieke diensten. Een persoon met een ondersteuningsvraag kan dit ondersteuningsplan zelf opstellen of met een Dienst Ondersteuningsplan
    • Ondersteuningsplan (OP) (Individueel versus Persoonsvolgend Budget)

      Een individueel ondersteuningsplan is een plan waarbij de persoon met handicap nagaat welke ondersteuningsnoden hij heeft. En dit op alle vlakken van het leven. In het ondersteuningsplan bekijkt hij ook op welke ondersteuningsbronnen hij beroep kan doen. Dit betekent dat hij bekijkt welke hulpmiddelen hij zelf zou kunnen gebruiken (1), en wie hem welke ondersteuning kan geven: zijn gezin (2), zijn familie en kennissen (3), de reguliere diensten (4) en/of de handicapspecifieke diensten erkend door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (5). Dit zijn de vijf concentrische cirkels.
      Het ondersteuningsplan Persoonsvolgend Budget  is een meer beknopte versie van het Individueel Ondersteuningsplan. De nadruk van het ondersteuningsplan Persoonsvolgend Budget wordt vooral gelegd op de handicapspecifieke ondersteuning die betaald wordt door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. 
      De persoon met handicap kan het ondersteuningsplan Persoonsvolgend Budget zelf invullen. Hij kan zich ook laten helpen door iemand uit zijn familie of omgeving, of door een Dienst Ondersteuningsplan of door een andere rechtstreeks toegankelijke dienst

    • Ondersteuningsvraag of zorgvraag

      Een ondersteuningsvraag of een zorgvraag is een concrete vraag naar zorg en ondersteuning door een persoon met handicap die hij stelt aan het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. De gebruikersgeleding verkiest de term ondersteuningsvragers. 
    • Ondersteuningsvrager of zorgvrager

      Dit is de persoon met een handicap met een (geregis­treerde) ondersteuningsvraag of zorgvraag. De gebruikersgeleding verkiest de term ondersteuningsvragers. Ondersteuning is ruimer dan zorg. 

    • Onderwijstype IJH

      In het Buitengewoon Onderwijs (BUO) zijn er 8 types onderwijs:

      • Type 1 (Basisaanbod) kinderen met een lichte verstandelijke handicap en kinderen met leerstoornissen. Dit onderwijstype is voor jongeren met specifieke onderwijsbehoeften voor wie het gemeenschappelijk curriculum met redelijke aanpassingen niet haalbaar is in een school voor gewoon onderwijs.
      • Type 2: kinderen met een matige of ernstige verstandelijke handicap
      • Type 3: kinderen met ernstige emotionele of gedragsproblemen
      • Type 4: kinderen met een fysieke handicap
      • Type 5: kinderen die zijn opgenomen in een ziekenhuis of preventorium
      • Type 6: kinderen met een visuele handicap
      • Type 7: kinderen met een auditieve handicap
      • Type 8: kinderen met ernstige leerstoornissen
      • Type 9: kinderen met een autismespectrumstoornis zonder verstandelijke handicap 
    • Onthaal-, Oriëntatie- en Observatiecentrum (OOOC) IJH

      Een Onthaal-, Oriëntatie- en Observatiecentrum (OOOC) biedt tijdelijke opvang, begeleiding, onderzoek en advies aan jongeren die in een Problematische Opvoedingssituatie zitten of een als misdrijf omschreven feit gepleegd hebben. Jongeren kunnen – in samenspraak met het Comité voor Bijzondere Jeugdzorg – vrijwillig instappen, of zij kunnen geplaatst worden door de jeugdrechter.
    • Onze Nieuwe Toekomst vzw (ONT)

      Onze Nieuwe Toekomst is een gebruikersvereniging van en voor mensen met een verstandelijke handicap. Onze Nieuwe Toekomst is een beweging die vooral wil laten zien dat mensen met een verstandelijke handicap mensen zijn met eigen mogelijkheden. Zij verdedigen de mensenrechten van mensen met een verstandelijke beperking, en zij willen gezien worden als sterke mannen en vrouwen. Meer informatie vind je op: www.ont.be
    • Oost-Vlaanderen (OVL)

      Dit is één van de vijf Vlaamse provincies. De andere zijn: West-Vlaanderen, Antwerpen, Limburg en Vlaams-Brabant. In het kader van zorgregie, wordt het Vlaams gedeelte van Brussel bij de provincie Vlaams-Brabant genomen. 
    • Open Kandidatenlijst (OKL)

      (oude term)
      Dit is een lijst waarop voorzieningen met een erkenning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap melden wanneer zij een open plaats hebben waarin zij een persoon met een handicap kunnen opnemen, begeleiden of ondersteunen.

    • Open plaats

      (oude term)
      Een (zorg)voorziening voor volwassenen, erkend door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, moet voor bepaalde zorgvormen in de Centrale Registratie van Zorgvragen melden wanneer er een plaats (kamer, bed of begeleiding) is vrijgekomen.  
      De open plaats wordt omschreven met een bepaald profiel. In dat profiel staat het aanbod en voor welke doelgroep en leeftijdsgroep de voorziening ondersteuning kan bieden.
      De contactpersoon krijgt elke dag melding van alle open plaatsen en kan de profielen bekijken. Vindt de contactpersoon dat het profiel van de ondersteuningsvrager overeenkomt met het profiel van de voorziening of dienst, dan kan hij de ondersteuningsvrager (altijd na overleg met de ondersteuningsvrager) aanmelden op de open plaats.
      De voorziening kiest uit alle aanvragen dan een passende kandidaat en houdt rekening met de meest dringende zorgvragen (of de zorgvragen met een status Prioritair te Bemiddelen). De voorziening meldt de definitieve opname ook in de Centrale Registratie van Zorgvragen.
      Het melden van open plaatsen door de voorzieningen is verplicht voor de zorgvormen:

      • een tehuis bezigheid voor niet-werkenden
      • een tehuis verzorging voor niet-werkenden
      • een tehuis voor werkenden,
      • een dagcentrum
      • dienst inclusieve ondersteuning
      • beschermd wonen
      • zelfstandig wonen
      • begeleid werken

      Het melden van open plaatsen is niet verplicht voor de zorgvormen:
       

      • (semi)-internaat
      • thuisbegeleiding
      • begeleid wonen
      • pleegzorg
      • observatie- en behandelingscentrum
      • Multifunctionele Centra
      • Kortverblijf en logeren.

      Elke persoon met een handicap kan het aanbod van open plaatsen zelf volgen in zijn elektronisch dossier op www.mijnvaph.be of via: http://www.vaph.be/data/open-plaatsen/.  Een persoon met een handicap kan zichzelf nooit aanmelden op een interessante open plaats. Dat gebeurt door zijn/haar contactpersoon.

    • Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn (OCMW)

      Het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn is een openbare instantie. Elke gemeente of stad heeft een eigen Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn. De OCMW’s bieden maatschappelijke dienstverlening om het voor elke inwoner van de gemeente mogelijk te maken een leven te leiden dat beantwoordt aan de menselijke waardigheid.
      • Het geeft een minimuminkomen aan mensen die onvoldoende bestaansmiddelen hebben.
      • Het geeft huisvesting, medische of psychosociale hulp, rechtsbijstand en crisisopvang.
      • Het ondersteunt mensen bij het zoeken naar werk, bij schuldbemiddeling, enz.

       

    • Operationele Doelstelling (OD) IJH

      Operationele Doelstelling

    • Opleidingsvormen (OV) IJH

      In het Buitengewoon Secundair Onderwijs zijn er 4 opleidingsvormen (OV):
      • Opleidingsvorm 1 (OV 1): bereidt de leerlingen voor op integratie in een beschermd leefmilieu;
      • Opleidingsvorm 2 (OV 2): bereidt de leerlingen voor op integratie in een beschermd leef- en arbeidsmilieu;
      • Opleidingsvorm 3 (OV 3): bereidt de leerlingen voor op integratie in een gewoon leef- en arbeidsmilieu;
      • Opleidingsvorm 4 (OV 4): dit secundair algemeen, technisch, kunst- en beroepsonderwijs bereidt leerlingen voor op het voortzetten van de studies of op het actieve leven.
      • Opleidingsvorm 1: maatschappelijke participatie en eventueel arbeidsdeelname in een omgeving met ondersteuning
        Deze opleidingsvorm biedt een algemene en sociale vorming gericht op maatschappelijk functioneren en participeren in een omgeving met ondersteuning. Voor zover mogelijk is het de bedoeling dat de leerling na het afstuderen deelneemt aan arbeid in een omgeving met ondersteuning. Deze opleidingsvorm kan georganiseerd worden voor de types 2, 3, 4, 6, 7 en 9.
      • Opleidingsvorm 2: maatschappelijke participatie en tewerkstelling in een omgeving met ondersteuning
        Deze opleidingsvorm biedt een algemene en sociale vorming en een arbeidstraining gericht op maatschappelijk functioneren en participeren in een omgeving met ondersteuning en werken in een omgeving met ondersteuning. Deze opleidingsvorm kan georganiseerd worden voor de types 2, 3, 4, 6, 7 en 9.
      • Opleidingsvorm 3: maatschappelijke participatie en tewerkstelling in het gewone arbeidsmilieu
        Deze opleidingsvorm biedt een algemene, sociale en beroepsvorming gericht op maatschappelijk functioneren en participerenen op werken in een gewone werkomgeving. Deze opleidingsvorm kan georganiseerd worden voor de types 1, 3, 4, 6, 7 en 9. Je kan er kiezen tussen verschillende opleidingen.
         
      • Opleidingsvorm 4: algemeen, beroeps-, kunst- en technisch onderwijs
        Deze opleidingsvorm is gericht op maatschappelijk functioneren en participeren, eventueel in een omgeving met ondersteuning. Het is ook gericht op verder studeren of werken in een gewone werkomgeving, eventueel met ondersteuning. Het kan georganiseerd worden voor de types 3, 4, 5, 6, 7 en 9. Je kan er kiezen tussen verschillende studierichtingen, die overeenkomen met de studierichtingen uit het voltijds gewoon secundair onderwijs.
    • Opleidingsvormen (OV) in het BuSO

      In het Buitengewoon Secundair Onderwijs zijn er 4 opleidingsvormen (OV):
      • OV 1: bereidt de leerlingen voor op integratie in een beschermd leefmilieu;
      • OV 2: bereidt de leerlingen voor op integratie in een beschermd leef- en arbeidsmilieu;
      • OV 3: bereidt de leerlingen voor op integratie in een gewoon leef- en arbeidsmilieu;
      • OV 4: dit secundair algemeen, technisch, kunst- en beroepsonderwijs bereidt leerlingen voor op het voortzetten van de studies of op het actieve leven.
    • Opstartbereid

      (oude term)
      Opstartbereidheid is de bereidheid van een ondersteuningsvrager om binnen de 3 maanden na de toekenning van het Persoonlijke-AssistentieBudget, ook effectief met het Persoonlijke-Assistentiebudget te starten.
    • Organisatie gemachtigd door het ROG

      (Oude term)
      Gemachtigd worden betekent in algemene zin het erkend worden om een opdracht op te nemen en een taak uit te voeren. Zo konden organisaties bijvoorbeeld een machtiging vragen aan het ROG om het contactpersoonschap te mogen opnemen. Als het ROG hiermee akkoord gaat, is de organisatie vanaf dan gemachtigd om de rol van contactpersoon op te nemen.
    • Orthopedagogisch Centrum (OC) IJH

      Orthopedagogisch centrum

    • Ouders voor Inclusie vzw (OVI)

      Een gebruikersvereniging van en voor ouders van kinderen met een handicap. Ouders voor Inclusie is in 2001 ontstaan als een beweging van ouders die zich verenigd hebben rond hun streven naar inclusie voor hun kinderen. De vereniging wil er zijn voor alle ouders van alle kinderen, ongeacht de aard of graad van hun handicap. Ouders voor Inclusie heeft in eerste instantie aandacht voor inclusief onderwijs, omdat de school een groot deel van het leven van hun kinderen uitmaakt. Daarnaast willen zij ook breder kijken naar inclusie binnen andere levensdomeinen, zoals vrijetijdsbesteding, gezinsleven, arbeid, enzovoort. Meer algemeen wil de vereniging ook aandacht besteden aan de beeldvorming rond personen met een handicap. Meer informatie vind je op: www.oudersvoorinclusie.be
    • Outreach

      Outreach is specifieke kennis en expertise overdragen naar (professionele of vrijwillige) ondersteuners die de specifieke kennis niet hebben. Het doel is dat die ondersteuners hun hulpverlening (nog) beter kunnen afstemmen op de vragen en noden van de ondersteuningsvragers.

    • Overtal

      (oude term)
      Soms nemen voorzieningen meer mensen op dan het aantal waarvoor ze erkend zijn. De opname van de persoon in die plaatsen wordt niet gesubsidieerd. De ondersteuningsvragers die in niet-erkende plaatsen zijn opgenomen zijn eigenlijk “in overtal” opgenomen. Het opnemen “in overtal” is officieel niet meer toegelaten. Toch gebeurt het in de praktijk soms nog, gezien het grote tekort aan beschikbare plaatsen.
  • P

    • P-waarde

      De P-waarde is een inschatting van hoeveel permanentie of toezicht dat er tijdens de dag nodig is. De P-waarde is één van de elementen die de zorgzwaarte van een persoon met handicap bepalen, en via deze weg dus ook de grootte van het Persoonsvolgend Budget.

    • P.L.A.N. vzw

      Plan vzw is de organisatie die Persoonlijke Toekomstplanning (zie PTP) voor personen met een handicap in Vlaanderen promoot en inhoudelijk/praktisch ondersteunt. Binnen P.L.A.N. vzw zijn enkele professionals en een grote groep vrijwilligers actief. P.L.A.N. vzw is erkend door het VAPH.
    • PAC

      Provinciaal Administratief Centrum

    • Paradigmaomslag

      Een paradigma is een geheel van maatschappelijke en wetenschappelijke opvattingen (bijvoorbeeld over mensen met een handicap). Een paradigma is tijdsgebonden en veranderlijk. De geleidelijke verandering in het denken over een bepaald fenomeen wordt aangeduid met de term paradigmaomslag. Met andere woorden, de wijze waarop wij vandaag over mensen met een handicap denken is aan het veranderen. We maken de omslag van ‘het zorgen voor’ naar ‘het aanbieden van ondersteuning waar nodig’. Het is in deze context dat het woord paradigmaomslag vandaag wordt gebruikt. Het burgerschapsmodel of het burgerschapsparadigma is waar we op dit moment naar toe willen. 
    • Paritair Comité

      Een Paritair Comité is een Belgisch overlegorgaan tussen werkgevers en werknemers, voornamelijk met het oog op het onderhandelen van de collectieve arbeidsovereenkomst en op de uitvoering ervan.

    • Passieve vraag

      Bij een toekomstgerichte vraag of passieve vraag is ondersteuning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap ten vroegste nodig over één jaar. De zorgvrager beslist samen met de contactpersoon of de zorgvraag toekomstgericht is. De vraag staat wel al geregistreerd in de Centrale Registratie van Zorgvragen, maar een oplossing op korte termijn is nog niet noodzakelijk. De registratie van passieve vragen laat toe om de behoeften aan ondersteuning op langere termijn in te schatten.

    • PCH (PCoHa)

      Provinciaal Coördinatiepunt Handicap

    • PEC-ticket

      Wie aanspraak wil maken op terugbetaling van hulpmiddelen door het Vlaams Agentschap voor personen met een Handicap of wie niet-rechtstreeks toegankelijke hulp van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap wil, moet eerst een erkenning van zijn handicap hebben. Hij dient die erkenning aan te vragen bij de Provinciale Evaluatiecommissie van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Bij een positieve beslissing van de Provinciale Evaluatiecommissie zegt men dat de persoon ‘een PEC-ticket heeft’.

    • Performaal Intelligentiequotiënt (PIQ)

      Het performaal intelligentiequotiënt is een getal dat uitdrukt hoe goed iemand denkhandelingen kan uitvoeren die niet in woorden kunnen worden uitgedrukt. Een voorbeeld is: plaatjes in de juiste volgorde leggen zodat ze een logisch verhaal vormen. Samen met het verbaal intelligentiequotiënt (VIQ) vormt het performaal Intelligentiequotiënt het Totale Intelligentiequotiënt (TIQ).
    • Permanente Cel

      Het is een maandelijkse vergadering in het Agentschap voor Personen met een Handicap, die de directeur van het Agentschap voor Personen met een Handicap en de minister raad geeft over alles wat verband houdt met zorgvraagregistratie, zorgbemiddeling, zorgafstemming en zorgplanning.
      De Permanente Cel bestaat uit:

      • vijf provinciale vertegenwoordigers van de Regionale Overleg Gehandicaptenzorg
      • één vertegenwoordiger per koepel van voorzieningen
      • twee vertegenwoordigers van verwijzende diensten
      • vijf vertegenwoordigers van verenigingen van personen met een handicap
      • vier medewerkers van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap
      • twee personen uit het Coördinatiepunt Handicap.
    • Permanente Werkgroep Regie (PWR)

      De Permanente Werkgroep Regie is een maandelijkse vergadering in het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Deze vergadering adviseert  het Raadgevend Comité over alles wat in de Regionale Overlegnetwerken Gehandicaptenzorg aan bod komt.

    • Persoon met Beperking (PMB)

      Zie Persoon met een handicap
    • Persoon met een handicap (PmH)

      Volgens het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap is een handicap ‘‘Elk langdurig en belangrijk participatieprobleem van een persoon door een samenspel van functie­stoornissen van verstandelijke, psychische, lichamelijke of zintuig­lijke aard, beperkingen bij het uitvoeren van activiteiten, en persoonlijke en externe factoren’.
      Zie ook handicap.

    • Persoonlijk Ondersteuningsplan (POP)

      Personen met een beperking kunnen in een Persoonlijk Ondersteuningsplan weergeven welke ondersteuning zij wensen en nodig achten voor de verschillende aspecten van hun leven, en welke (mogelijke) ondersteuning hier aan tegemoet komt. In het Persoonlijk Ondersteuningsplan worden verschillende elementen weergegeven. Men vertrekt van de toekomstwensen en plannen die de cliënt heeft, zowel op vlak van wonen, studeren, werken, vrije tijd, etc. Vervolgens gaat men na welke ondersteuning er telkens nodig is, om aan deze wensen en dromen van de cliënt tegemoet te komen. Tenslotte kijkt men welke ondersteuning er haalbaar en mogelijk is, en ‘linkt’ men dit aan de ondersteuningsvraag van de cliënt. Hierbij kijkt men in de eerste plaats naar ondersteuning binnen het eigen netwerk en vanuit de reguliere sector (thuisverpleging, gezinshulp, etc.), en pas wanneer dit niet volstaat naar VAPH-ondersteuning. Een persoon met een ondersteuningsvraag kan dit Persoonlijk Ondersteuningsplan zelf opstellen, of – wanneer hij nog geen ondersteuning of zorg van het VAPH heeft - in samenspraak met de provinciale Dienst Ondersteuningsplan (DOP). Ook binnen sommige voorzieningen wordt samen met de cliënt een Persoonlijke Ondersteuningsplan of Individueel Ondersteuningsplan (IOP) opgesteld. In dat geval is het Persoonlijke of Individuele Ondersteuningsplan een leidraad om de kwaliteit van bestaan van de persoon met een handicap binnen de dagelijkse setting te verbeteren, door zoveel mogelijk in te spelen op de mogelijkheden en wensen van de cliënt.
    • Persoonlijke toekomstplanning (PTP)

      (oude term)
      Persoonlijke Toekomst Planning ontstond in de jaren 1980 in de Verenigde Staten en Canada. De oorsprong van Persoonlijke Toekomst Planning ligt enerzijds in werkgroepen die bezig waren met kwaliteit van zorg, en anderzijds ook in bepaalde methodieken afkomstig uit de bedrijfswereld (waar managers zochten naar een manier om een succesvolle carrière te combineren met een kwaliteitsvol persoonlijk leven). Persoonlijke Toekomst Planning vertrekt van de vaststelling dat wanneer mensen in de zorg terechtkomen, de controle over het eigen leven verloren gaat. Immers, in de zorg gaan “anderen” (meestal deskundigen) beslissen wat goed is en wat niet, en vanuit die beslissingen worden kansen geboden, maar vooral onthouden. Het lijkt alsof mensen die in de zorg terechtkomen, het recht afstaan om een eigen levensproject uit te tekenen en vorm te geven. Persoonlijke Toekomst Planning is dan ook een strategie die kadert binnen het burgerschapsmodel. Concreet is Persoonlijke ToekomstPlanning een planningsproces waarbij een persoon met een ondersteuningsnood (de centrale persoon) regelmatig samenkomt met enkele mensen uit zijn netwerk (de steungroep), om na te denken, te praten en actie te ondernemen om de kwaliteit van bestaan van de persoon met een handicap te verbeteren. Elk planningsproces wordt begeleid door één of twee facilitatoren die geschoold zijn in het ondersteunen van een proces Persoonlijke Toekomst Planning. Persoonlijke ToekomstPlanning was sinds 2006 een initiatief van P.L.A.N. vzw (het huidige LUS vzw), met de financiële steun van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.


    • Persoonlijke-Assistentiebudget (PAB)

      (oude term)
      Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap kent dit budget toe aan personen met een handicap. Met een Persoonlijke-Assistentiebudget kan de persoon met een handicap in hoge mate zelf zijn hulp en ondersteuning organiseren, plannen en betalen.
      De persoon met een handicap wordt werkgever van de personen die hij in dienst neemt. Of hij kan het werkgeverschap toevertrouwen aan een gespecialiseerde dienst. Mensen met een Persoonlijke-Assistentiebudget wonen altijd zelfstandig of thuis.
      Het Multidisciplinair Team zal de specifieke mogelijkheden, beperkingen en behoeften van de ondersteuningsvrager in kaart brengen en bepalen welk budget hij nodig heeft. Het Multidisciplinair Team zal ook inschatten in welke mate de ondersteuningsvrager het budget verantwoord kan beheren.
      Sinds de omschakeling naar de Persoonsvolgende Financiering wordt deze term niet meer in de sector van volwassenen met een handicap gebruikt, wel nog in de jeugdhulp.

    • Persoonsgebonden budget (PGB-experiment)

      (oude term)
      Een persoonsgebonden budget is een geldbedrag dat rechtstreeks gaat naar een persoon met een handicap. Hoeveel geld dat is, hangt af van de nood aan ondersteuning. Een persoon die dus zorg, begeleiding en/of hulp nodig heeft en daarvoor in aanmerking komt, kan met dit geld zelf hulpverleners en begeleiders uitkiezen en zelf beslissen waaraan hij het geld besteedt. Hij kan het geld besteden aan het aanwerven van assistenten of aan ondersteuning in een voorziening. Het PGB-experiment liep van 2008 tot 2010. Er werden 200 personen met een handicap geselecteerd die een budget kregen. Het is een voorloper van Persoonsvolgende Financiering.
    • Persoonsgebonden Financiering(ssysteem) (PGF)

      Binnen het Persoonsgebonden Financieringssysteem beheert de zorgvrager zelf het aan hem toegekende budget voor ondersteuning. Dit houdt in dat de zorgvrager beschikt over een rekening met daarop de toegekende middelen. De zorgvrager kiest zelf waar en hoeveel ondersteuning hij inkoopt, en op welke manier hij deze ondersteuning wenst te krijgen: via een voorziening of dienst, of via persoonlijke assistentie. Ook combinaties zijn mogelijk. Dit financieringssysteem is gebaseerd op de individuele ondersteuningsnood van de zorgvrager, en is ook zeer flexibel. De zorgvrager kan zelf zijn ondersteuning op maat organiseren. Dit systeem verhoogt de vrijheid en zelfregie van mensen met een ondersteuningsvraag, en verhoogt op die manier de kwaliteit van bestaan (zie Kwaliteit van Bestaan). We kunnen dus spreken van een vraaggestuurd financieringssysteem.
    • Persoonsvolgend Budget (PVB)

      Een persoonsvolgend budget is een specifiek bedrag waarmee een budgethouder jaarlijks zorg en ondersteuning kan inkopen. Het budget is beschikbaar in cash, voucher, of een combinatie van beide vormen. De budgethouder bepaalt zelf voor welke vorm hij kiest.
    • Persoonsvolgend convenant

      (Oude term)
      Sommige ondersteuningsvragers vinden door hun ingewikkelde vraag naar ondersteuning moeilijk een oplossing in het bestaande aanbod van zorg en ondersteuning. Voor hen zijn er bijkomende middelen (of ook budget genoemd): dat is het persoonsvolgend convenant. Met dat budget kan een organisatie die ondersteuning biedt, of een zorgbemiddelaar een oplossing op maat van de ondersteuningsvrager uitwerken.
      Een voorziening die een ondersteuningsvrager met  een convenant wil helpen, kan met deze persoonsvolgende middelen bijkomend personeel aanwerven om zorg en ondersteuning te bieden op maat van de ondersteuningsvrager. Een voorziening kan de middelen niet gebruiken voor infrastructuur. Infrastructuur verwijst naar bijvoorbeeld gebouwen, bedden, kamers, … . Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap kent langlopende convenanten toe. Deze langlopende convenanten zijn in principe levenslang. Als er te weinig middelen zijn, zoekt men soms ook naar oplossingen met een convenant voor korte duur. Wanneer een overeenkomst tussen een ondersteuningsvrager en een voorziening wordt beëindigd, dan blijft het budget ter beschikking van de ondersteuningsvrager. Deze kan hiermee een nieuwe overeenkomst afsluiten met een andere voorziening. 
    • Persoonsvolgende Financiering(ssysteem) (PVF)

      Het Persoonsvolgend Financieringssysteem laat de ondersteuningsvrager toe zelf te kiezen waar, hoe en hoeveel ondersteuning hij inkoopt, en op welke manier hij deze ondersteuning wenst te krijgen: via een (zorg)aanbieder of via persoonlijke assistentie. Wanneer hij kiest voor ondersteuning door een vergunde zorgaanbieder, kan hij zijn budget inzetten in de vorm van een voucher. Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap betaalt de middelen dan rechtstreeks uit aan de vergunde zorgaanbieder. De middelen zijn persoonlijk en volgen de ondersteuningsvrager steeds, ook als hij naar een andere voorziening of dienst overstapt. Indien de persoon voor cash kiest, betaalt hij zijn ondersteuning rechtstreeks. Ook combinaties zijn mogelijk. Dit financieringssysteem is gebaseerd op de individuele ondersteuningsnood van de ondersteuningsvrager. De ondersteuningsvrager kan zelf zijn ondersteuning op maat organiseren. Dit systeem verhoogt de vrijheid en zelfregie van mensen met een ondersteuningsvraag, en verhoogt op die manier de kwaliteit van bestaan. We kunnen dus spreken van een vraaggestuurd financieringssysteem.
    • Perspectiefplan 2020 (PP2020)

      Het perspectiefplan 2020 is een plan van de minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin uit 2010. Het is een toekomstplan voor de sector voor personen met een handicap. In dit plan wordt er van uitgegaan dat mensen met een handicap zoveel als mogelijk moeten kunnen deelnemen aan de samenleving. Om dit te bereiken wil de minister niet meer vertrekken vanuit het bestaande aanbod aan zorg en ondersteuning, maar wel vanuit de vraag naar ondersteuning van de persoon met een handicap zelf. Daarbij zouden personen met een handicap een ruimere keuzevrijheid moeten krijgen in hoe, waar en met wie zij hun ondersteuning organiseren. Dit betekent voor de hele sector van personen met een handicap een grote verandering in haar manier van werken. Zoals de naam van het plan al aangeeft, moet het doel van het plan bereikt worden tegen het jaar 2020. 

    • Planning Alternative Tommorows with Hope (PATH)

      Planning Alternative Tomorrows with Hope is een manier om toekomstverwachtingen van een persoon met een ondersteuningsnood in kaart te brengen via een stappenplan. In een korte tijdspanne van 3 tot 6 uur wordt ook een actieplan opgesteld.
    • Platform (PF)

      Een platform is een organisatie waarin men samenwerking en overleg tussen verschillende groeperingen tot stand brengen . Een platform kan bijvoorbeeld worden opgericht om samen nieuw beleid te formuleren of te beïnvloeden. Het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap is een voorbeeld van een platform. Ook de verwijzers zijn georganiseerd in een platform.


    • Platform Meerderjarigen (PF M+)

      (Oude Term)
      Het Platform Meerderjarigen is een overleg binnen het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg Oost-Vlaanderen. Zij adviseren de stuurgroep over evoluties die te maken hebben met de ondersteuning aan meerderjarige personen met een handicap in hun provincie, en voeren concrete opdrachten uit die hiermee te maken hebben. Vanuit een vereenvoudiging van het ROG is dit platform opgeheven. Momenteel volgt de stuurgroep ROG de werkzaamheden van het platform verder op.
    • Platform Minderjarigen (PF M-)

      Dit is een overleg binnen het ROG Oost-Vlaanderen. Zij adviseren de stuurgroep over evoluties die te maken hebben met de ondersteuning aan minderjarige personen met een handicap in hun provincie, en voeren concrete opdrachten uit die hiermee te maken hebben. Het platform minderjarigen adviseert het Intersectoraal Regionaal Overleg Jeugdhulp.
    • Pleeggezin (PG)

      Dit is een gezin dat een persoon met een handicap opneemt in hun gezin, wanneer deze persoon niet (meer) bij zijn ouders of niet zelfstandig kan wonen. Meer uitleg vind je onder pleegzorg of gezinsplaatsing.

    • Pleegzorg of gezinsplaatsing

      Pleegzorg noemen we ook gezinsplaatsing.
      Als ouders niet meer voor hun kind met een handicap kunnen zorgen dan kunnen ze het kind, op welke leeftijd ook, laten opnemen in een pleeggezin. Dit pleeggezin zorgt dan voor de huisvesting, de op­vang en de begeleiding. Het pleeggezin kan ook een gezin binnen de eigen familie zijn.
      Alle personen met een handicap komen in aanmerking voor plaatsing in een pleeggezin: minder- en meerderjari­gen, personen met een verstandelijke en/of fysieke beperking, werkenden en niet-werkenden.
      Diensten voor plaatsing in gezinnen hebben een dubbele opdracht:

      • Zoeken naar een geschikt pleeggezin voor het kind of de volwassene;
      • Begeleiden en on­dersteunen voor en tijdens de plaat­sing het pleeggezin.
    • Pluralistisch Platform Gehandicaptenzorg (PPG)

      Het Pluralistisch Platform Gehandicaptenzorg (PPG) vzw is de pluralistische koepel van dienstverleners uit de Vlaamse gehandicaptenzorg. Sinds 1 januari 2012 zijn PPG vzw, Moso vzw en de CAW-federatie samengegaan in de nieuwe intersectorale werkgeversorganisatie Federatie Sociale Ondernemingen (afgekort FSO vzw). 
    • Prioritair te Bemiddelen (PTB)

      (oude term)
      Alleen de Regionale Prioriteitencommissie kan een status Prioritair te Bemiddelen toekennen. Het gaat altijd over schrijnende situaties waarin meteen een oplossing voor de ondersteuningsvraag nodig is.
      Om de status Prioritair te Bemiddelen toe te kennen, gaat de Regionale Prioriteitencommissie na:
      • of de bestaande ondersteuning volstaat en welke hulp eventueel extra nodig is,
      • welke ondersteuning mogelijk is uit de eigen omgeving van de ondersteuningsvrager,
      • het bemiddelingstraject van de ondersteuningsvraag: Welke stappen heeft de contactpersoon, samen met de ondersteuningsvrager met een vraag naar zorg ondersteuning bij een voorziening erkend door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, al gezet om tot de gepaste ondersteuning te komen?
      Krijgt een ondersteuningsvraag de status Prioritair te Bemiddelen? Dan komt de ondersteuningsvrager als eerste in aanmerking voor opname bij een passende open plaats of hij krijgt als eerste een Persoonlijke-assistentiebudget toegekend.  De ondersteuningsvrager moet dus zo snel mogelijk een begeleidings-, behandelings-, opvangaanbod of assistentie zoeken.
    • Prioriteitengroep (PG)

      Vanuit de schaarste aan financiële middelen, kan niet iedere ondersteuningsvrager onmiddellijk een persoonsvolgend budget toegewezen krijgen. Daarom is er een systeem van prioriteren.
      Personen met een handicap die een geobjectiveerde ondersteuningsnood hebben, worden ingedeeld in prioriteitengroep 1, 2, of 3 of in een automatische toekenningsgroep. Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of een Regionale Prioriteitencommissie bepalen aan de hand van verschillende criteria in welke prioriteitengroep men terechtkomt.
      De criteria bepalen
      • hoe hoog de ondersteuningsnood van de persoon is,
      • hoe dringend zijn situatie is,
      • en in welke mate er bovengebruikelijke zorg is nu en in het verleden.
      De personen uit de automatische toekenningsgroepen krijgen onmiddellijk een budget. Ondersteuningsvragers in de hogere prioriteitengroep krijgen sneller een persoonsvolgend budget toegekend dan ondersteuningsvragers uit de lagere prioriteitengroepen.
    • Prioriteren

      Prioriteren is een rangschikking geven aan de ondersteuningsvragers: wie moet voorrang krijgen om een persoonsvolgend budget te krijgen en wie kan nog wat wachten (tot er voldoende financiële middelen zijn). Prioriteren is noodzakelijk omdat er niet voldoende financiële middelen zijn om iedereen op vraag te geven wat hij nodig heeft.

       

    • Problematische OpvoedingsSituatie (POS) IJH

      Jongeren in een Problematische Opvoedingssituatie (POS) ervaren (ernstige) problemen in hun leefwereld. Die leefwereld kan zijn thuis, op school, binnen hun vriendenkring, etc. De problemen kunnen allerlei zijn, en zijn van dien aard dat ze fysieke en/of psychische integriteit van de jongere bedreigen.
    • Provinciale Afdeling (P.A.)

      Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap heeft in iedere provincie een provinciale afdeling. In Brussel is er ook een antennepunt voor Brussel en Vlaams Brabant. In de provinciale afdelingen en in het antennepunt kunnen personen met een handicap en hun netwerk terecht voor vragen over hun dossier. De provinciale afdeling van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap behartigt de dossiers en de algemene belangen binnen haar provincie.


    • Provinciale Evaluatie Commissie (PEC)

      Wie aanspraak wil maken op terugbetaling van hulpmiddelen door het Vlaams Agentschap voor personen met een Handicap of wie niet-rechtstreeks toegankelijke hulp van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap wil, moet eerst een erkenning van zijn handicap hebben. Hij dient die erkenning aan te vragen bij de Provinciale EvaluatieCommissie van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.
      Een meerderjarige persoon die zich wil inschrijven bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap wordt altijd eerst besproken in de Provinciale EvaluatieCommissie (PEC). De persoon mag zijn aanvraag van inschrijving samen met zijn wettelijke vertegenwoordiger of vertrouwenspersoon toelichten op de vergadering. Elke provinciale afdeling van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap heeft een Provinciale Evaluatiecommissie. De Provinciale Evaluatiecommissie bestaat uit mensen met een verschillende opleiding en kennis: psychologen, pedagogen, juristen, artsen, maatschappelijk werkers en ervaringsdeskundigen.
      De commissie beslist:
      • of een persoon met een handicap voldoet aan de voorwaarden om ingeschreven te worden bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap: ernst en duur van de handicap. Bij een positieve beslissing, krijgt de ondersteuningsvrager een PEC-ticket.
      • Over functiebeperkingen en interventieniveaus bij vragen voor Individuele Materiële Bijstand.

       

    • Psychiatrisch VerzorgingsTehuis (PVT)

      In een Psychiatrisch VerzorgingsTehuis (PVT) verblijven twee types van bewoners: 
      • Personen met een langdurige en gestabiliseerde psychische stoornis;
      • Personen met een verstandelijke handicap.
      Deze personen hebben een psychische problematiek, maar hun toestand is in die mate gestabiliseerd dat zij hiervoor geen opname in een ziekenhuismilieu nodig hebben. De aanpak is vooral gericht op begeleiding. Ideaal staat het PVT niet op de campus van het ziekenhuis, zodat er voldoende integratie in de samenleving mogelijk is. Voor de meerderheid van de opgenomen personen wordt het verblijf in een PVT een definitief verblijf.
    • Psychiatrisch Ziekenhuis (PZ)

      Een psychiatrisch ziekenhuis is een ziekenhuis waar mensen met ernstige psychische problemen behandeld worden. Zij kunnen hiervoor opgenomen worden of enkel overdag therapie volgen. Opnames worden zo kort mogelijk gehouden

    • Psychiatrische Afdeling (van een) Algemeen Ziekenhuis (PAAZ)

      De Psychiatrische Afdeling van een Algemeen Ziekenhuis is een afdeling van een Algemeen Ziekenhuis waar personen met psychiatrische of emotionele problemen terechtkunnen voor opname en behandeling. Een opname in een Psychiatrische Afdeling van een Algemeen Ziekenhuis is meestal kortdurend (normaal maximaal 3 maanden) en volgt vaak op een crisissituatie. Sommige cliënten doen na een opname in een Psychiatrische Afdeling van een Algemeen Ziekenhuis beroep op een ambulante dienst voor verdere opvolging thuis. Andere cliënten worden dan weer doorverwezen naar een Psychiatrisch Ziekenhuis. Psychiatrische Afdelingen van een Algemeen Ziekenhuis kunnen open of gesloten zijn. Cliënten kunnen zich vrijwillig laten opnemen of kunnen gedwongen opgenomen worden.
    • Psychosociale begeleiding

      Psychosociale begeleiding is begeleiding van de persoon met een handicap en zijn gezin in de organisatie van zijn dagelijkse leven. Ook advies rond relaties of de opvoeding van de kinderen vallen hieronder. De begeleider komt langs bij de persoon met een handicap thuis.


    • Psychosociale Dienst (PSD) IJH

      PsychoSociale Dienst

  • Q

    • Quality of Life (QOL)

      Quality of Life wordt naar het Nederlands vertaald als ‘Kwaliteit van Bestaan’ (zie Kwaliteit van Bestaan).
  • R

    • Raad van Bestuur (RvB)

      De Raad van Bestuur is het hoogste leidinggevende orgaan van een vereniging of organisatie. De mensen in de Raad van Bestuur bepalen samen het beleid van de vereniging of organisatie. Zij worden verkozen door de leden van de Algemene Vergadering. De Raad van Bestuur moet steeds verantwoording afleggen aan de Algemene Vergadering.
    • Raad van Gebruikers (RvG)

      De Raad van Gebruikers is een provinciaal orgaan binnen het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap dat de gebruikersvertegenwoordigers vanuit de lidorganisaties die deelnemen aan het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg verenigt. De doelstelling van de Raad van Gebruikers is om door informatie-uitwisseling en discussie te komen tot gemeenschappelijke standpunten over de actualiteit van het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg. De Raden van Gebruikers komen doorgaans maandelijks samen.
    • Raadgevend Comité binnen het agentschap jongerenwelzijn (RC)

      Het Raadgevend Comité is het belangrijkste adviesorgaan van het agentschap jongerenwelzijn. Dit Comité verstrekt advies over alle thema’s die het agentschap jongerenwelzijn aanbelangen. De vragen tot advies kunnen komen van de leidend ambtenaar van het agentschap jongerenwelzijn, maar het Comité kan ook op eigen initiatief adviezen formuleren.
    • Raadgevend Comité binnen het VAPH (RC)

      Het Raadgevend Comité is het belangrijkste adviesorgaan van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Dit Comité verstrekt advies over alle thema’s die het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap aanbelangen. De vragen tot advies kunnen komen van de leidend ambtenaar van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, maar het Comité kan ook op eigen initiatief adviezen formuleren.
      In het Raadgevend Comité van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap zitten 24 vertegenwoordigers:
      • 6 afgevaardigden van de gebruikersverenigingen;
      • 6 afgevaardigden van de Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap -diensten en – voorzieningen;
      • 6 afgevaardigden van de vakbonden voor personeel in de diensten en voorzieningen die door het Vlaams Agentschap voor Personen met een handicap erkend zijn en
      • 6 onafhankelijke deskundigen.
      Er worden ook plaatsvervangers aangesteld. Het Raadgevend Comité wordt om de vier jaar opnieuw samengesteld.

    • Rechtstreeks Toegankelijke Hulpverlening (RTH)

      Rechtstreeks Toegankelijke Hulp is beperkte, handicapspecifieke ondersteuning waarvoor een volwassen persoon met een handicap geen goedkeuring van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap nodig heeft. Met ‘beperkt’ bedoelen we van korte duur of aan een zeer lage frequentie. De ondersteuningsvrager moet dus geen aanvraag indienen bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.
      Je kan Rechtstreeks Toegankelijke Hulp nooit gelijktijdig met Niet-Rechtstreeks Toegankelijke Hulp krijgen. Rechtstreeks Toegankelijke Hulp bestaat in vier vormen: mobiele begeleiding, ambulante begeleiding, dagopvang en nachtverblijf. Je kan kiezen voor één van deze vormen of voor een combinatie. De hulp kan bv. bestaan uit enkele dagen dagopvang en verblijf en/of enkele uren begeleiding. Meestal dien je een eigen financiële bijdrage te betalen.
    • Rechtstreeks Toegankelijke Jeugdhulp (RTJ) IJH

      Het is beperkte, handicapspecifieke ondersteuning waarvoor een minderjarige persoon met een handicap geen goedkeuring van de Integrale jeugdhulp nodig hebt. Deze jeugdhulp is voor iedereen toegankelijk. Het zijn diensten waar jongeren of hun ouders zelf naar toe kunnen stappen om informatie, hulp of ondersteuning te vragen. Ze hebben dus geen contactpersoon-aanmelder of jeugdhulpregisseur nodig.

    • Reconversie

      Reconversie betekent de omschakeling of herstructurering binnen een voorziening of dienst van een (aantal) plaats(en) van een bepaalde zorgvorm naar een andere zorgvorm.
    • Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg (ROG)

      Het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg is een provinciaal overleg tussen voorzieningen en diensten, erkend door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, en gebruikers en verwijzers. Ze moeten de zorgregie in praktijk brengen:
      • Ze bepalen op welke manier alle vragen van personen met een handicap voor ondersteuning  in de Centrale databank van Zorgvragen moeten komen.
      • Ze zoeken actief naar oplossingen voor personen die nood hebben aan opvang of begeleiding.
      • Ze proberen het bestaande zorgaanbod maximaal af te stemmen op de vragen.
      Ze werken een meerjarenplan uit om alle bestaande en toekomstige zorgvragen te kunnen beantwoorden. 
    • Regionaal Welzijnsoverleg (RWO) IJH

      Regionaal WelzijnsOverleg

    • Regionale Instroomcommissie GES (RIG)

      Deze commissie beslist welke zorgvragers een status Gedrags-en Emotionele Stoornissen krijgen en op de opnamelijst komen voor de internaatsplaatsen met een spe­ciaal aanbod voor cliënten met (zeer) ernstige gedrags- en emotionele problemen. In elk Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg is minstens één regi­onale instroomcommissie Gedrags-en Emotionele Stoornissen werkzaam.

    • Regionale Prioriteiten Commissie (RPC)

      In elke provincie is er een Regionale Prioriteitencommissie. Deze commissie heeft verschillende taken. De belangrijkste zijn:

      • Het toekennen van een prioriteitengroep (1, 2, of 3) aan de vraag van personen met een handicap die een vraag naar een persoonsvolgend budget stellen, en
      • Het nagaan of er sprake is van maatschappelijke noodzaak. De personen die in een situatie van maatschappelijke noodzaak verkeren, krijgen onmiddellijk een budget.

      De regionale prioriteitencommissie gebruikt bepaalde vastgelegde criteria om de situatie van de ondersteuningsvragers in te schatten.
      Deze commissie vergadert met 5 leden en bestaat uit minstens één ervaringsdeskundige, minstens één professionele deskundige en een ambtenaar van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.  Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap stelt het huishoudelijk reglement van de regionale prioriteitencommissies vast.

    • Registratie en bemiddeling (R&B)

      Registratie en Bemiddeling zijn twee van de vier luiken van de Zorgregie. Zorgvraagregistratie is het hele proces waarbij kandidaat- ondersteuningsvragers zich inschrijven bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, en een bepaalde ondersteuningsvraag stellen. Dit gebeurt door de cliënt en zijn zorgvraag te registreren in de Centrale Registratie Zorgvragen. Vanaf dan kan de Zorgbemiddeling starten. Ondersteuningsvragers die een actieve zorgvraag hebben, gaan – samen met de contactpersoon – actief op zoek naar een oplossing. Hiertoe kunnen zij zich kandidaat stellen voor opname in een open plaats met het juiste profiel, en/of kan een status Prioritair te Bemiddelen worden aangevraagd indien het om een zeer dringende zorgvraag gaat.
    • Regularisatie

      (oude term)
      Regularisatie betekent ‘het in regel stellen’. Plaatsen in voorzieningen regulariseren betekent dat niet erkende plaatsen worden omgezet naar erkende plaatsen.
    • Reguliere diensten of reguliere welzijnsdiensten

      Reguliere diensten of reguliere welzijnsdiensten zijn openbare wel­zijnsdiensten uit de sociale voorzieningen. Elke burger kan vrij beroep doen op de reguliere diensten. Voorbeelden zijn gezinszorg, thuisverpleging, thuis­zorg en maaltijddiensten. Deze diensten zijn erkend en worden deels betaald door de Vlaamse Overheid. Ze vragen een bijdrage die meestal afhankelijk is van het inkomen.
       

    • Residentieel

      Residentieel betekent: verbonden zijn aan een plaats of (vast) verblijf. Een residentiële voorziening is een voorziening waar cliënten vol­tijds kunnen wonen en verblijven. Voorbeelden van residen­tiële voorzieningen zijn: tehuizen voor werkenden en tehuizen voor niet-werken­den.  Residentieel staat tegenover ambulant.
    • Respijtzorg

      Respijtzorg is een tijdelijke en volledige overname van zorg en ondersteuning om de mantelzorger een adempauze te geven/tijdelijk te kunnen ontlasten

    • Responsabilisering

      Responsabilisering is het aanzetten tot het nemen van verantwoordelijkheid over beheer van financiële middelen.
    • Reuma

      Met reuma wordt een grote groep aandoeningen van spieren en gewrichten bedoeld. Er is een zeer grote verscheidenheid in reuma en de behandeling ervan. Reuma is een verzamelnaam voor meer dan 200 verschillende ziekten. De reumatische aandoeningen kan men onderverdelen in vier grote groepen:
      • De ontstekingsreuma’s;
      • De artrosen of slijtagereuma’s;
      • De weke delen reuma’s (de reuma’s buiten de gewrichten);
      • De reuma’s van het skelet.
    • Reva vzw

      Deze organisatie informeert over producten en diensten voor personen met een handicap. Ze organiseert informatiebeurzen voor personen met een handicap, ouderen met een handicap en hun netwerk en voor professionelen.

    • Revalidatie (reva)

      Soms hebben mensen na een operatie, ziekte of ongeval moeite om te bewegen of functioneren. Een voorbeeld hiervan is dat ze niet meer goed kunnen stappen of spreken, of dat ze moeilijk dingen kunnen onthouden. Dan gebeurt er revalidatie om opnieuw zo goed mogelijk te  leren bewegen of functioneren. 

    • RIVIZ

      Rijksdienst voor ziekte- en invaliditeitsverzekering

    • ROJ

      Regionaal overleg jeugdhulpverlening

    • ROZ

      Actiegroep van ouders voor RECHT OP ZORG

    • RR(-nummer)

      RijksRegister(-nummer)

    • RSZ

      Rijksdienst voor sociale zekerheid (nu FOD Federale overheidsdienst sociale zekerheid)

    • RTJ

      Rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp

    • Rust- en VerzorgingsTehuis (RVT)

      Een Rust- en Verzorgings-Tehuis (RVT) is een tussenvorm tussen een ziekenhuis en een rusthuis. De bedoeling van een RVT is bejaarden een aangepaste opvang te geven in een thuisvervangend milieu. Alleen bejaarden met een grote zorgbehoefte kunnen terecht in een RVT.
  • S

    • Samenwerkingsinitiatief Eerstelijnsgezondheidszorg (SEL)

      Een SEL is een samenwerkingsverband tussen verschillende zorgaanbieders binnen de gezondheidszorg. Partners binnen een SEL zijn bijvoorbeeld de diensten voor gezinszorg, de huisartsen, de lokale dienstencentra en regionale dienstencentra, de CAW’s en OCMW’s, de woonzorgcentra, de verpleegkundigen en vroedvrouwen, etc. Ook de verenigingen voor mantelzorgers, gebruikers en vrijwilligers kunnen lid worden van een SEL. Het doel van een SEL is het verbeteren van de dienst- en zorgverlening voor de patiënten. Op grotere schaal werkt een SEL ook aan de afstemming van de zorgverlening op de vraag in de regio, en aan onderlinge afstemming tussen de partners. Een SEL is in de eerste plaats gericht op professionelen (o.a. stimuleren van de samenwerking en het aanbieden van vormingen), maar kan ook individuele cliënten doorverwijzen naar de juiste zorgverlener(s). Alle Vlaamse provincies hebben –  onderverdeeld per arrondissement of regio – meerdere SEL-initiatieven. Ook het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft een eigen SEL.
    • Sectorspecifieke Minimale Kwaliteitseisen (SMK)

      Sectorspecifieke Minimale Kwaliteitseisen zijn de eisen op het vlak van de kwaliteit van de  dienstverlening waaraan een aanbieder van zorg- en ondersteuning in ieder geval moet beantwoorden. Ze hebben dus het statuut van erkenningsvoorwaarde. Elke sector heeft zijn eigen sectorspecifieke minimale kwaliteitseisen. Ze zijn vastgelegd in het kwaliteitsdecreet.

    • Secundair onderwijs (SO)

      Secundair onderwijs volgt op het basisonderwijs. Het is onderwijs voor leerlingen tot 18 jaar. Het bereidt hen voor op hoger onderwijs of op de arbeidsmarkt. Leerlingen kunnen kiezen uit verschillende studierichtingen.

    • Semi-Internaat (SI)

      Semi-internaten richten zich net zoals internaten naar minderjarigen tot de leeftijd van 21 jaar. Deze voorzieningen zijn (meestal) verbonden aan een onder­wijsinstelling voor buitengewoon onderwijs. Semi-internaten bieden enkel ondersteuning overdag (van 8 tot 18u). Men kan er dus niet overnachten

    • Semi-residentieel

      Semi-residentieel duidt erop dat de het verblijf of de opvang niet residentieel is: men kan er niet 24 uur per dag verblijven, alleen overdag. Semi- residentiële voorzieningen richten zich tot personen met een handicap die overdag opvang of begeleiding nodig hebben. ’s Avonds, ‘s nachts en in de weekends verblijven de cliënten thuis of elders. Voorbeelden van semi-residentiële voorzieningen zijn dagcentra en semi-internaten.
    • SIMILES

      SIMILES vzw is een vereniging voor personen met een psychische of psychiatrische problematiek en iedereen die bij hem of haar betrokken is. Similes vzw doet aan dienstverlening en organiseert activiteiten voor haar leden. Meer informatie vind je op: www.similes.be.
    • SIS-schaal

      De SIS (Support Intensity Scale, ofwel de Ondersteunings- Intensiteit schaal) is een methodiek om de nood aan ondersteuning, welke een persoon met een handicap nodig heeft, te kunnen bepalen.
    • Sociaal netwerk

      Het sociaal netwerk van een persoon is het netwerk van vrienden, familie, buren, ... die zich rond hem bevinden en zich op hem betrokken voelen.
    • Sociale Dienst Jeugdrechtbank (SDJ)

      Sociale Dienst Jeugdrechtbank

    • Sociale werkplaats (SW)

      (oude term)
      Een Sociale Werkplaats biedt tewerkstelling aan mensen die gedurende lange tijd niet of nauwelijks werk vinden binnen de reguliere arbeidsmarkt. De werknemers van een Sociale Werkplaats vinden geen job in een regulier bedrijf omwille van allerlei redenen, zoals gebeurtenissen en problemen in het persoonlijke leven, een verstandelijke of fysieke handicap, gezondheidsproblemen, te lage scholing, enzovoort. De werknemers in een Sociale Werkplaats krijgen een job op maat en worden zeer intensief begeleid op de werkvloer. In Vlaanderen zijn er 97 erkende Sociale Werkplaatsen waar samen zo’n 7000 mensen een vast contract hebben. 
    • SOM (federatie van Sociale Ondernemingen)

      Zie Federatie Sociale Ondernemingen

    • Spoedprocedure

      Sommige personen die snel achteruit gaan omwille van een ziekte, hebben snel ondersteuning nodig. Indien deze ziekte op een lijst voorkomt die het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap of Integrale Jeugdhulp heeft opgesteld, en je het laatste jaar achteruitgegaan bent, kan je meteen een budget voor ondersteuning krijgen. Deze lijst is een heel beperkte lijst. De ondersteuningsvrager moet nog niet ingeschreven zijn bij het betrokken agentschap.

    • SPOND vzw

      SPOND vzw is ontstaan uit de Federatie Diensten Begeleid Wonen. SPOND vzw wil alle organisaties verenigen, die vanuit een ambulante visie ondersteuning bieden aan personen met een handicap. SPOND is de afkorting voor Samenwerken om te komen tot Professionele Ondersteuning van personen met een handicap door Netwerken en Dialoog.

    • Steungroep

      Een steungroep is binnen Persoonlijke Toekomstplanning de groep mensen die rond de persoon met een handicap wordt gevormd, om gezamenlijk het proces van Persoonlijke Toekomstplanning te doorlopen. Een facilitator ondersteunt een steungroep. De steungroep bestaat meestal uit vrienden, familie, kennissen van de persoon met een handicap. Het sociaal netwerk is ruimer. In een steungroep zitten maximaal 12 personen.
      Ook de meeste Diensten Ondersteuningsplan werken met een steungroep bij het opstellen van een Individueel Ondersteuningsplan
    • Steunpunt Expertisenetwerken (SEN)

      Het Steunpunt Expertisenetwerken vzw wil de deskundigheid van professionelen en dienstverlenende organisaties inzake preventie, diagnose en behandeling van volgende doelgroepen bevorderen:

      • Personen met een niet aangeboren hersenletsel;
      • Personen met autisme;
      • Personen met een visuele handicap;
      • Personen met een verstandelijke handicap en bijkomende gedragsproblemen.

      Het Steunpunt Expertisenetwerken doet dit door het aanbieden of organiseren van praktijkgerichte studiedagen, opleidingen, thematische werkgroepen, projecten, ...
       
      SEN is een vzw met als basisopdracht:  kennisbeheer en netwerkvorming rond handicapspecifieke expertise. Sen vzw wordt daarvoor erkend en gesubsidieerd door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.  SEN richt zich tot iedereen die personen met een handicap ondersteunt.   SEN stimuleert en ontwikkelt partnerschappen met en tussen al wie betrokken is bij het oplossen en aanpakken van (handicapspecifieke) problemen of thema's.

    • Stuurgroep ROG

      De stuurgroep ROG is het bestuursorgaan van het Regionaal overleg Gehandicaptenzorg, zoals vermeld in het Besluit Zorgregie. De Stuurgroep neemt de uiteindelijke beslissingen binnen het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg in het kader van de Persoonsvolgende Financiering. 
    • Sub-Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg (Sub-ROG)

      Binnen de zorgregie betekent ‘regionaal’ hetzelfde als provinciaal. Sub-regionaal is dan een kleinere regio binnen de provincie. In sommige provincies is er een nauwe samenwerking op subregionaal niveau en kunnen we spreken van een Sub-Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg. (zoals bijvoorbeeld in Antwerpen). In andere provincies of in bepaalde regio’s is die samenwerking minder sterk of zelfs onbestaande.
    • Support Intensity Scale of SIS-schaal

      De Support Intensity Scale, ofwel de Schaal Intensiteit van Ondersteuning is een methodiek om de nood aan ondersteuning bij een persoon met een handicap te bepalen.

  • T

    • Task Force Minderjarigen

      De Task Force Minderjarigen is een project met als doel oplossingen te zoeken voor het grote aantal jongeren met een beperking die een ondersteuningsvraag hebben en die wachten op een oplossing. Verschillende acties en maatregelen moeten ervoor zorgen dat er toch oplossingen worden gevonden voor deze jongeren. Zo is er het experiment met de Multifunctionele Centra (zie Multifunctionele Centra) en kwamen er in 2012 bijkomende middelen om de groeiende groep meerderjarige jongeren een oplossing te bieden binnen meerderjarigenzorg.
    • Task Force Persoonsvolgende Financiering (TF PVF)

      De Task Force Persoonsvolgende Financiering is een tijdelijk overlegtafel binnen het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. In dit overleg bespreken de verschillende geledingen (voorzieningenkoepels, gebruikersverenigingen, mutualiteiten, Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap,…) de omschakeling naar Persoonsvolgende Financiering voor volwassen personen met een handicap. De taskforce  geeft advies aan de leidend ambtenaar van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap en het kabinet van de minister van Welzijn over deze omschakeling.


    • Tehuis (niet-werkenden) bezigheid (TNWb of TNWbez)

      (oude term)
      zie tehuis voor niet werkenden.

    • Tehuis (niet-werkenden) nursing (TNWn of TNWnur)

      (oude term)
      zie tehuis voor niet werkenden.

    • Tehuis kortverblijf (TKV)

      Tehuis kortverblijf

    • Tehuis voor niet werkenden (TNW)

      (oude term)
      Mensen met een handicap die niet gaan werken en niet voldoende ondersteu­ning en opvang hebben in de thuissituatie, of die in groep willen leven,  kunnen terecht in een Tehuis voor Niet-werkenden. Tehuizen voor Niet-Werkenden richten zich meestal tot mensen met een ernstige handicap. Om van een Tehuis voor Niet-Werkenden gebruik te kunnen maken moet de ondersteuningsvrager een positieve beslissing van het Vlaams Agent­schap voor Personen met een Handicap krijgen. Tehuizen voor Niet-Werkenden bieden twee verschillende zorgvormen aan:

      • Tehuis voor niet werkenden Nursing: hierbij ligt de nadruk op zorg en (para)medische behandeling, zoals kinesitherapie. Men besteedt veel aandacht aan het comfort van de bewo­ners.
      • Tehuis voor niet werkenden Bezigheid: men voorziet activiteiten en vaardigheidstrainingen. Men biedt persoonlijke be­geleiding aan de bewoners. 
    • Tehuis voor werkenden (TW)

      (oude term)
      Mensen met een handicap die uit werken gaan of een andere dagbesteding hebben, kunnen voor residentiële opvang en ondersteuning terecht in een Tehuis voor Werkenden. Er zijn Tehuizen voor Werkenden voor mensen met een verstandelijke handicap en/of een motorische handicap. De bewoners van de Tehuizen voor Werkenden kunnen beroep doen op (persoonlijke) begeleiding en assistentie van het personeel. Een speciale vorm van een Tehuis voor Werkenden is het gezinsvervangend tehuis. Hier leven de bewoners in een kleinere groep, zodat er een gezinssfeer wordt gecreëerd.

    • Terugvalbasis

      Personen die binnen de twee jaar na de overstap van een tehuis naar beschermd wo­nengeïntegreerd wonen of Dienst Inclusieve Ondersteuning de vraag stellen om terug te keren naar hetzelfde of een minder intensief type tehuis als voordien, stellen een terugvalvraag. Sinds de invoering van Flexibel Aanbod Meerderjarigen (FAM) zijn terugvalvragen geschrapt uit de regelgeving aangezien deze woonvormen in dezelfde FAM-categorie zitten en dus als migratievragen geregistreerd moeten worden.  
       

    • Thuisbegeleiding (TB)

      (oude term)
      Thuisbegeleiding is een vorm van hulpverlening waarbij de begeleiding in het gezin, in de thuissituatie zelf gebeurt. Er zijn verschillende soorten thuisbegeleiding: thuisbegeleidingsdiensten voor personen (en hun omgeving) met een motorische, auditieve, visuele, verstandelijke handicap en voor personen (en hun omgeving) met autisme. Ook in de Bijzondere Jeugdbijstand wordt thuisbegeleiding georganiseerd als ondersteuning voor gezin­nen in problematische opvoedingssituaties. Binnen thuisbegeleiding richt men zich op de begeleiding van ouders en/of familie, ondersteuning van de broers en zussen, begeleiding van het kind of de jongere. Ook volwassenen met een handicap kunnen beroep doen op een soort thuisbegeleiding, maar dit wordt Begeleid Wonen genoemd.


    • Thuisbegeleidingsdienst (TBD)

      Thuisbegeleidingsdienst

    • Tijdelijk Onderwijs aan Huis (TOAH)

      Tijdelijk Onderwijs Aan Huis

    • Tijdelijke Afzondering van Anderen (TAVA)

      Tijdelijke Afzondering van Anderen (TAVA)  

    • Toekomstgerichte vraag

      (oude term)
      Bij een toekomstgerichte vraag of passieve vraag is ondersteuning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap ten vroegste nodig over één jaar. De ondersteuningsvrager beslist samen met de contactpersoon of de zorgvraag toekomstgericht is. De vraag staat wel al geregistreerd in de Centrale Registratie van Zorgvragen, maar een oplossing op korte termijn is nog niet noodzakelijk. De registratie van passieve vragen laat toe om de behoeften aan ondersteuning op langere termijn in te schatten.


    • Totaal IntelligentieQuotiënt (TIQ)

      Het (totaal) intelligentiequotiënt is een getal dat men verkrijgt als resultaat van een intelligentietest. Het totaal intelligentiequotiënt bestaat uit het verbaal IQ en het performaal IQ. Dit getal geeft aan hoe een persoon zich op vlak van intelligentie situeert ten opzichte van andere personen van zijn leeftijd. Het gemiddelde intelligentiequotiënt is 100

    • Trajectbegeleiding (TRAB of Tr(a)B)

      Trajectbegeleiding

  • U

    • Uitbreidingsbeleid (UBB of UB)

      Het Uitbreidingsbeleid is het beleid dat de Vlaamse Minister van Welzijn voert om het aanbod van zorg en ondersteuning in Vlaanderen te vergroten. De minister stelt daartoe jaarlijks aan alle Vlaamse provincies een budget ter beschikking en schuift daarmee samenhangend ook beleidsprioriteiten naar voor. 

    • Uitstroom

      (oude term)
      Met uitstroom bedoelt men het aantal mensen dat een bepaalde ondersteuningsvorm verlaat. Instroom is het aantal nieuwe mensen dat met ondersteuning binnen een bepaalde ondersteuningsvorm begint.  Doorstroom is het verschil tussen de uitstroom en de instroom.

    • Uitvoeringsrichtlijnen Zorgregie (UR)

      (oude term)
      Uitvoeringsrichtlijnen zorgregie zijn richtlijnen die de opdrachten of bepalingen uit het Besluit op de Zorgregie van 13 maart 2006 verder verduidelijken en concreter benoemen wie iets moet doen en op welke manier dat moet gebeuren. De richtlijnen gaan over zorgvraagregistratiezorgbemiddeling enz. Bijvoorbeeld:

      • Wie moet de zorgvragen registreren en hoe?
      • Wie bepaalt welke vraag eerst wordt beantwoord en hoe?
      • Wie kan bemiddelen en hoe?

      Wie zorgt voor de eerste opvang in noodsituaties en hoe? 

    • Universal Design (UD)

      Universal Design is een manier van denken die ervoor wil zorgen dat gebouwen, producten en omgevingen toegankelijk zijn voor iedereen, dus ook voor mensen met een handicap

    • UrgentieCategorie (UC)

      UrgentieCategorie

  • V

    • Verbaal Intelligentiequotiënt (VIQ)

      Dit is een getal dat uitdrukt hoe goed het taalgevoel, de woordenschat en het vermogen om te redeneren van een persoon zijn. Samen met het Performaal intelligentiequotiënt (PIQ) vormt het verbaal Intelligentiequotiënt het Totale Intelligentiequotiënt (TIQ).

    • Verbond van Sociale Ondernemingen (VSO)

      Verbond van sociale ondernemingen oude benaming van Federatie van Sociaal Ondernemen (SOM) 

    • Verdunning

      Verdunning wordt soms gebruikt in de context van opnamebeleid van voorzieningen. Met verdunning wil men zeggen dat men enkele mensen ondersteunt wiens zorgvragen “afwijken” van de grote groep. Meestal gaat het over het opnemen van mensen die een erg specifieke ondersteuning nodig hebben in een voorziening die daar niet helemaal is op voorzien. Op die manier kunnen sommige complexe zorgvragen toch een antwoord krijgen, zonder dat men moet zitten wachten op een gespecialiseerde voorziening. Maar ook gespecialiseerde voorzieningen willen verdunnen. De ondersteuningsnood van hun doelgroep is vaak zwaarder en men wil deze “verdunnen” met een aantal zorgvragers die een minder zware ondersteuningsvraag hebben, zodat de ondersteuning voor het personeel haalbaar blijft. De term “verdunning” wordt vooral gebruikt in het kader van de VIPAbuffer 2009 (zie VIPA-buffer).
    • Vereniging Personen met een handicap vzw (VFG vzw)

      Een gebruikersvereniging die zich richt op personen met een beperking, hun familieleden en vrienden en de brede maatschappij. VFG is een socio-culturele vereniging, een vrijwilligersorganisatie en partner van de Socialistische Mutualiteiten. De vereniging ijvert voor het volwaardig burgerschap voor personen met een beperking. Meer informatie vindt u op: www.vfg.be
    • Vereniging van Blinden En Slechtzienden Licht en Liefde vzw (VeBeS)

      De Vereniging van Blinden en Slechtzienden (VeBeS vzw) is een gebruikersvereniging voor mensen die blind of slechtziend zijn en hun netwerk. De vereniging komt op voor de belangen van blinden en slechtzienden en hun netwerk. De vereniging informeert over de problematiek, biedt ontspanning en helpt zijn leden met al hun vragen.  Deze vereniging richt zich op alle aspecten van de blindenproblematiek. De Vereniging voor Blinden en Slechtzienden wordt geleid door ervaringsdeskundigen. Meer informatie vind je op: www.vebes.be
    • Vereniging Zonder Winstoogmerk (vzw)

      Een Vereniging Zonder Winstoogmerk streeft naar de verwezenlijking van een doelstelling zonder de bedoeling daar geld mee te verdienen (dus zonder winstoogmerk). Een vzw bestaat uit minstens drie personen. Alle gebruikersverenigingen binnen Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap zijn vzw’s. Het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap is ook een vzw. 
    • Vergunde zorgaanbieder

      Zie zorgaanbieder

    • Verhaalprocedure

      Verhaal(procedure) tegen beslissingen van de Regionale Prioriteitencommissie

      De Regionale Prioriteitencommissie (RPC) beslist of een zorgvrager een prioritair te bemiddelen (PTB) status krijgt of niet. Als de commissie weigert, kan de contactpersoon in overleg met de zorgvrager opnieuw een aanvraag indienen bij de Regionale Prioriteitencommissie. Dit kan alleen als de bestaande situatie verandert en als de zorgvrager nieuwe informatie aan zijn dossier kan toevoegen.
      Bv. Men heeft plots meer of andere hulp nodig of men vergat iets te melden.

    • Verlengde minderjarigheid

      Zie bewindvoering.

    • Vermaatschappelijking van de zorg

      Vermaatschappelijking van de zorg verwijst naar het streven om iedereen met een ondersteuningsnood een eigen zinvolle plek in de samenleving te laten innemen. Het streven is om hen daarbij waar nodig te ondersteunen en de zorg en ondersteuning zoveel mogelijk geïntegreerd in de samenleving te laten verlopen. Dit houdt bijvoorbeeld in dat personen met een handicap hun zorg en ondersteuning niet uitsluitend bij vergunde zorgaanbieders moeten kopen. Zij kunnen ook gebruik maken van diensten die voor alle burgers toegankelijk zijn, zoals poetshulp, gezinszorg, psychotherapie, vrijwilligers enzovoort. 

    • Versnelde Indicatiestelling en Toewijzing (VIST)

      Versnelde indicatiestelling en toewijzing procedure

    • Verstandelijke handicap

      Mensen met een verstandelijke handicap hebben een beperking in het intellectuele functioneren en in de sociale (zelf)redzaamheid. De officiële definitie van een verstandelijke handicap werd geschreven door de American Association on the Intellectual and Developmental Disabilities (AAIDD). Volgens deze definitie zijn er drie criteria nodig om de diagnose verstandelijke handicap te kunnen stellen:

      • Een duidelijke beperking in intelligentie;
      • Een duidelijke beperking in vaardigheden die mensen nodig hebben om te overleven in het dagelijkse leven, zoals communicatie, zelfzorg en zelfbepaling, sociale vaardigheden, enzovoort; 
      • De beperkingen moeten optreden voor de leeftijd van 18 jaar.

      Er zijn verschillende oorzaken van een verstandelijke handicap, zoals zuurstofgebrek bij de geboorte, ziekte op jonge leeftijd, genetische factoren, enzovoort. Het vaststellen van een verstandelijke handicap gebeurt onder meer door het bepalen van het intelligentiequotiënt (IQ). Wanneer het IQ lager is dan 70 of 75, spreken we van een verstandelijke handicap. Daarnaast worden er beperkingen vastgesteld in de praktische en/of sociale vaardigheden. 
      Bovenstaande definitie en criteria zijn echter niet voldoende om de ondersteuningsnood van een persoon met een verstandelijke handicap vast te stellen. Deze ondersteuningsnood wijst op de ondersteuning die iemand nodig heeft en wenst om zelfstandig en naar eigen keuze te kunnen leven. 
      Bovenstaande definitie en criteria zijn enkel gebaseerd op de hedendaagse en westerse normen en verwachtingen naar individuen. De nadruk ligt dan ook op cognitieve en verbale mogelijkheden. Er wordt weinig tot geen rekening gehouden met niet-cognitieve en niet-verbale mogelijkheden, en ook niet met cultuur en leefomgeving.

    • Verwijzers

      Verwijzers zijn diensten die een erkenning hebben als Multidisciplinair Team van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.
      Er zijn een negental werkvormen van multidisciplinaire diensten:
      ·         Diensten maatschappelijk werk van de mutualiteiten
      ·         Revalidatiecentra
      ·         Consultatiebureaus
      ·         Centra voor Ontwikkelingsstoornissen
      ·         Centra voor Leerlingbegeleiding
      ·         Observatie- en Behandelingscentra
      ·         K-diensten
      ·         Centra Geestelijke Gezondheidszorg
      ·         Onthaal-, oriëntatie- en observatiecentra

    • VFG Vereniging Personen met een handicap (VFG vzw)

      VFG is een gebruikersvereniging die zich richt op personen met een handicap, hun familieleden en vrienden en de brede maatschappij. VFG is een socio-culturele vereniging, een vrijwilligersorganisatie en partner van de Socialistische Mutualiteiten. De vereniging ijvert voor het volwaardig burgerschap voor personen met een handicap. De oudere benaming voor VFG is Vlaamse Federatie Gehandicapten, maar deze benaming wordt niet meer gebruikt. Meer informatie vind je op: www.vfg.be.

    • VIPA-buffer

      (oude term)
      De VIPA-buffer is het specifiek budget dat het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden geeft aan residentiële en semi-residentiële welzijns- en gezondheidsdiensten (o.a. woonzorgcentra, aanbieders voor personen met een handicap,…):
      • In een eerste fase krijgt de dienst de vergunning en financiering voor infrastructuuraanpassingen (nieuwbouw en/of verbouwingswerken)
      • In een tweede fase , bij ingebruikname van de gebouwen, krijgt de dienst ook de werkingsmiddelen en de definitieve erkenning.
    • Visuele handicap

      Een visuele handicap is een beperking van het gezichtsvermogen. Deze beperking kan gedeeltelijk (slechtziend) of volledig (blindheid) zijn.
    • Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH)

      Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap is een agentschap onder de bevoegdheid van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. Bij dit agentschap kan een persoon met een handicap terecht voor:

      • hulpmiddelen en aanpassingen
      • een persoonsvolgend budget

      Een organisatie of dienst die ondersteuning aanbiedt aan personen met een handicap kan bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap terecht voor financiering

    • Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid (VAZG)

      Het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid is een agentschap onder de bevoegdheid van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. Dit agentschap heeft de opdracht de beleidsbeslissingen rond gezondheid en welzijn van alle Vlamingen uit te voeren. Bij dit agentschap kan je terecht voor bijvoorbeeld erkenningen aan woonzorgcentra en subsidies voor gezinszorg aan huis. 

    • Vlaams Communicatie Assistentie Bureau voor Doven vzw (CAB)

      Het Vlaams Communicatie Assistentie Bureau voor Doven  is een vereniging zonder winstoogmerk die tolkondersteuning organiseert voor mensen met een auditieve handicap. Iedereen kan bij het Vlaams Communicatie Assistentie Bureau een tolk aanvragen. De dienst probeert voor iedere opdracht een tolk te vinden.

    • Vlaams Fonds (VFSIPH)

      Het Vlaams Fonds is een oude benaming van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap en was de verkorte benaming van Vlaams Fonds voor Sociale Integratie van Personen met een Handicap

    • Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap (VGPH)

      Het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap is een overlegplatform voor en van verenigingen voor personen met een handicap. Het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap ondersteunt de gebruikersvertegenwoordigers van de gebruikersverenigingen door:
      • Het informeren van personen met een handicap via hun verenigingen;
      • het organiseren van overleg over de ondersteuning van meerderjarige personen met een handicap;
      • Het organiseren van overleg over de ondersteuning van minderjarige personen met een handicap;
      • Het helpen van ondersteuningsvragers bij de klachtenprocedure binnen de ondersteuning voor personen met een  handicap
      Het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap vertrekt hierbij van de ervaringen van personen met een handicap en hun netwerk. Zo wil het platform hen maximaal en op elk niveau volwaardig laten participeren aan beleids- en overlegtafels rond de organisatie van zorg en ondersteuning.
      Het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap vindt dat alle personen met een handicap recht hebben op kwaliteit van bestaan en wil personen met een handicap versterken zodat zij volwaardig kunnen deelnemen aan de maatschappij.

       

    • Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden (VIPA)

      VIPA is de afkorting van Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden. Dit agentschap onder de bevoegdheid van de Vlaamse minister van Volksgezondheid en Gezin geeft financiële middelen aan welzijns- en gezondheidsaanbieders voor infrastructuuraanpassingen.
      Zie ook VIPA-buffer.

    • Vlaams Intersectoraal Akkoord (VIA)

      Een Vlaams Intersectoraal Akkoord is een afspraak tussen de Vlaamse Regering enerzijds, en de werknemers- en werkgeversorganisaties anderzijds. Het vierde Vlaams Intersectoraal Akkoord (VIA 4) werd afgesloten op 2 december 2011. De VIA-akkoorden gelden telkens voor een periode van vijf jaar.
      Het doel van de Vlaamse Intersectorale Akkoorden bestaat erin de arbeidsvoorwaarden van de werknemers in de non-profitsector te garanderen en te verbeteren. 
    • Vlaams Welszijnsverbond (VWV)

      Het Vlaams Welzijnsverbond is, net zoals de Federatie van Sociale Ondernemingen, een koepelorganisatie die welzijnsvoorzieningen, -centra en -diensten groepeert. Het Vlaams Welzijnsverbond ondersteunt, begeleidt en vertegenwoordigt de aangesloten ledenvoorzieningen uit de gehandicaptenzorg, Bijzondere Jeugdzorg, gezinszorg, revalidatie, kinderopvang en vrijwilligerswerk. Daarnaast adviseert de organisatie over beleidsmateries. 

    • Vlaams Zorgfonds

      Het Vlaams Zorgfonds is een administratieve dienst van de Vlaamse overheid. Het Vlaams Zorgfonds beheert de Vlaamse zorgverzekering. Dit Vlaams Zorgfonds keert het Basisondersteuningsbudget uit. Opgelet: niet te verwarren met het Vlaams Fonds, de vroegere benaming van het huidige Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap

    • Vlaams-Brabant en Brussel (VBB)

      De regio Vlaams-Brabant en het Brussels hoofdstedelijk gewest vormen samen het Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg Vlaams-Brabant en Brussel.

    • Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB)

      De Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding is een Vlaamse overheidsdienst. Deze overheidsdienst begeleidt werkzoekenden bij het vinden van een passende job en brengt werkgevers en werkzoekenden met elkaar in contact

    • Vlaamse Liga NAH vzw (of Vzw Vlaamse Liga voor personen met niet-aangeboren hersenletsel)

      De vzw Vlaamse Liga NAH is een gebruikersvereniging die betrokkenen en professionelen verenigt rond de problematiek van niet-aangeboren hersenletsel. Het voornaamste streefdoel van deze vereniging is het verbeteren van de kwaliteit en toegankelijkheid van de ondersteuning, zorg en hulpverlening voor personen met een niet-aangeboren hersenletsel  en hun omgeving. Meer info vind je op: www.vlaamseliganah.be.

    • Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP)

      De Vlaamse Ondersteuningspremie is één van de tewerkstellingsondersteunende maatregelen van de overheid om de tewerkstelling van personen met een (arbeids) handicap te stimuleren. Een Vlaamse Ondersteuningspremie moet het in dienst nemen en houden van een persoon met een (arbeids)handicap aantrekkelijker maken voor werkgevers. Een Vlaamse Ondersteuningspremie compenseert het mogelijke rendementsverlies van de persoon met een (arbeids)handicap of eventuele ondersteuning door collega’s .
    • Vlaamse Openbare Instelling (VOI)

      Vlaamse Openbare Instelling

    • Vlaamse Reumaliga vzw (VRL vzw)

      De Vlaamse Reumaliga is een gebruikersvereniging die zich inzet en een stem wil zijn voor alle reumapatiënten. De vereniging biedt praktische hulp en steun, en informeert mensen die aan reuma lijden over de verschillende reumatische aandoeningen. De organisatie wil ook een trefpunt zijn voor reumapatiënten en andere betrokkenen. Daarnaast komt de Reumaliga vzw op voor de belangen van de patiënt. Meer informatie vind je op: www.reumaliga.be.
    • Vlaamse Sociale Bescherming (VSB)

      De Vlaamse Sociale Bescherming is een administratieve dienst van de Vlaamse overheid. Zij  organiseert de Vlaamse Zorgverzekering.

    • Vlaamse Vereniging Autisme vzw (VVA)

      Vlaamse Vereniging Autisme  is een gebruikersvereniging en brengt mensen met autisme, hun ouders, familie en sociaal netwerk samen.
      De Vlaamse Vereniging Autisme wil onze samenleving motiveren en activeren zodat mensen met autisme en hun omgeving zichzelf kunnen zijn, vertrekkend vanuit hun kwaliteiten en rekening houdend met hun specifieke noden.
      Het ideaal van de vereniging is een samenleving die openstaat voor alle facetten van autisme en waar diversiteit als een meerwaarde wordt ervaren.
      De vereniging - met zijn vele ervaringsdeskundige vrijwilligers - is de stuwende kracht achter tal van initiatieven en tracht haar missie te realiseren door middel van:
      • Bondgenotenwerking
      • Sensibilisering van verschillende partners
      • Het autismefonds
      Om dit alles te realiseren doet de vereniging beroep op tal van geëngageerde vrijwilligers, die met hun ervaringsdeskundigheid veel betekenen voor tal van bondgenoten. Ervaringsuitwisseling met én tussen persoonlijk betrokkenen staat centraal. De  vrijwilligers en medewerkers verlenen geen diensten, maar versterken de eigen kracht van mensen om zelf hun situatie ten goede te veranderen.
      Meer informatie vind je op : www.autismevlaanderen.be
    • Vlaamse Vereniging Neuromusculaire Aandoeningen vzw (NEMA vzw)

      De Vlaamse vereniging neuromusculaire aandoeningen vzw is een gebruikersvereniging voor mensen met een neuromusculaire aandoening en hun familieleden en vrienden. Neuromusculaire aandoeningen  zijn aandoeningen van het centrale zenuwstelsel (de hersenen en het ruggenmerg). In de volksmond wordt naar deze ziekten vaak verwezen met de term ‘spierziekten’. Meer informatie vind je op: www.nema.be
    • Vlaamse zorgverzekering

      De Vlaamse zorgverzekering is een verzekering voor wie ernstig en langdurig nood heeft aan zorg en ondersteuning. Wie aangesloten is bij de Vlaamse zorgverzekering en ernstig en langdurig zorgbehoevend is, kan maandelijks een tegemoetkoming krijgen in de kosten voor niet-medische zorg. Dit wordt een tenlasteneming genoemd. Het is een vaste vergoeding die de Zorgkas maandelijks  uitbetaalt.
      In alle Vlaamse provincies, met uitzondering van Brussel,  is iedere inwoner verplicht zich aan te sluiten bij een zorgverzekering. Brusselaars kunnen zich wel vrijwillig aansluiten bij een Vlaamse zorgverzekering. Om een Basisondersteuningsbudget te kunnen krijgen, is aansluiting bij een Vlaamse zorgverzekering een voorwaarde. 

    • VN verdrag voor de Rechten van Personen met een Handicap

      Een verdrag is een afsprakennota. Een VN verdrag is een afsprakennota tussen de lidstaten van de Verenigde Naties. In een verdrag worden algemene principes afgesproken.  De lidstaten die het verdrag ondertekenen, engageren zich om de wetgeving in de richting van die principes aan te passen.
      Het VN verdrag voor de Rechten van personen met een Handicap is een verdrag dat de rechten van personen met een handicap verzekert.  Het verdrag wil  de hindernissen wegwerken die personen met een handicap tegenhouden om volwaardig aan de samenleving deel te nemen. De Verenigde Naties keurden het verdrag goed op 13 december 2006 en België bekrachtigde het verdrag op 2 juli 2009. 

    • Voltijds Equivalent (VTE) of Fulltime Equivalent (FTE)

      De Nederlandstalige benaming voor Fulltime Equivalent is voltijds equivalent. Deze rekeneenheid drukt uit hoe groot een personeelsbestand is, ongeacht of de werknemers voltijds of deeltijds werken. Een personeelsbestand met 6 voltijdse werknemers is dan even groot als een personeelsbestand met 4 voltijdse en 2 halftijdse personeelsleden.
    • Voogd

      Wanneer een minderjarige géén ouder meer heeft, of wanneer de enige ouder onmogelijk het ouderlijke gezag kan uitoefenen, dan benoemt een vrederechter een voogd voor de minderjarige. Om een goede voogd aan te duiden, overlegt de vrederechter met familieleden, en eventueel het parket of de sociale dienst. De voogd beheert de goederen van de minderjarige, en bekommert zich om zijn opvoeding en opvang. Alle (belangrijke) beslissingen over en voor de minderjarige worden genomen in samenspraak met de vrederechter, en ook de minderjarige zelf heeft inspraak vanaf 12 jaar. Vanaf 16 jaar kan een minderjarige ontvoogd worden. In normale omstandigheden heft men de voogdij op zodra de minderjarige meerderjarig wordt. Enkel in het geval van bewindvoering geldt dit niet.
    • Voorkeurregeling

      Zie Weduwen(aars), Invaliden, Gepensioneerden en Wezen (-statuut) (WIGW)

    • Voorlopige bewindvoering

      Zie Bewindvoering
    • Voortraject

      Het voortraject is de fase die iemand met een (handicapspecifieke) ondersteuningsvraag moet doorlopen voor hij is ingeschreven bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Tijdens het voortraject wordt de vraag van de ondersteuningsvrager duidelijk gesteld en wordt er – al dan niet met begeleiding van de Dienst Ondersteuningsplan – een ondersteuningsplan opgesteld. De bedoeling is om te kijken welke ondersteuning de ondersteuningsvrager juist nodig heeft, en waar hij terecht kan voor die ondersteuning.
    • Voorziening

      (oude term)
      Een voorziening is een organisatie die door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap is erkend. Ze biedt opvang, behandeling en/of begeleiding aan personen met een handicap.

    • VormingsInstituut voor Begeleiding van Personen met een Handicap (VIBEG)

      VIBEG is een sociaal-culturele vormingsinstelling. De organisatie werkt met en voor mensen met een handicap en mensen die samenleven of werken met personen met een handicap. VIBEG geeft vorming aan volwassenen met een verstandelijke en/of meervoudige handicap. Daarnaast organiseert VIBEG ook vormingen over handicap- en zorg- en ondersteuningsgerelateerde onderwerpen voor professionelen. Op deze manier hoopt de organisatie mee te werken aan de emancipatie van mensen met een handicap en aan een inclusieve samenleving. VIBEG maakt deel uit van de KVG-groep.
    • Voucher

      Een voucher is een cheque of waardebon. Met de voucher kan een budgethouder terecht bij een vergunde aanbieder van zorg en ondersteuning. De budgethouder kiest zelf van welke vergunde aanbieder(s) hij ondersteuning wenst en sluit een contract af met die vergunde aanbieder(s). De voucher wordt uitgedrukt in punten (niet in euro’s). Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap betaalt die vergunde aanbieders rechtstreeks. De budgethouder beheert niet zelf het voucherbudget. Personen met een handicap kunnen een persoonsvolgend budget ontvangen in de vorm van een cashbudget, een voucher of een combinatie van beiden. 

    • Vraaggestuurde ondersteuning

      Vraaggestuurde ondersteuning is ondersteuning die vertrekt vanuit de wensen, de noden en de mogelijkheden van de persoon met een handicap zelf. De tegenhanger van vraaggestuurd, is aanbodgestuurd. Aanbodsgestuurd wil zeggen dat het (beschikbare) aanbod bepalend is voor de zorg en ondersteuning die de persoon met een handicap krijgt. De Persoonsvolgende financiering werd ingevoerd om meer vraaggestuurde ondersteuning mogelijk te maken. Voorheen konden personen met een handicap alleen kiezen uit een aantal zorgvormen. Dit kwam overeen met  totaalpakketten van zorg en ondersteuning waarvoor de voorzieningen een erkenning van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap konden krijgen.
    • Vraagverduidelijking of vraagverheldering

      De ondersteuningsvrager zoekt uit  welke ondersteuning hij nodig heeft om te leven, wanneer en in welke mate. Dat kan op vlak van wonen, werken, vrije tijd, enzovoort. Bij elke verandering in de leefsituatie kan dus ook de vraag veranderen. En bij elke nieuwe vraag, kan men deze best ook verduidelijken. Er zijn diensten die de ondersteuningsvrager hierbij ondersteunen. Deze diensten geven informatie en maken de ondersteuningsvrager wegwijs in de ondersteuningsmogelijkheden. Op deze manier kan de ondersteuningsvrager een goede en weldoordachte keuze maken.
      Eén van de diensten die hierbij begeleiden zijn Diensten Ondersteuningsplan.

    • Vrij Orthopedagogisch Centrum (VOC)

      Vrij Orthopedagogisch Centrum

    • Vrijwilliger

      Een vrijwilliger is iemand die uit vrije wil werkzaamheden verricht, buiten een vast dienstverband. Het werk dat vrijwilligers verrichten is onbetaald, of er staat een vergoeding tegenover die lager ligt dan het minimumloon bij betaald werk. Soms krijgen vrijwilligers ook een kostenvergoeding. Toch kunnen vrijwilligers, net als betaalde krachten, professioneel en deskundig te werk gaan. Voor vele (kleine) organisaties is de inzet van vrijwilligers zeer belangrijk. Ook het Vlaams Gebruikersoverleg voor Personen met een Handicap werkt grotendeels met ervaringsdeskundige vrijwilligers. 
  • W

    • Weduwen(aars), Invaliden, Gepensioneerden en Wezen (-kaart) (WIGW)

      Personen die een WIGW-kaart hebben, komen – mits een inkomstenbeperking - in aanmerking voor bijzondere rechten in de sociale zekerheid en een verhoogde tussenkomst van het ziekenfonds bij medische kosten. Dit is de zogenaamde voorkeurregeling.
    • Welzijn, Volksgezondheid en Gezin (WVG)

      Welzijn, Volksgezondheid en Gezin is een beleidsdomein van de Vlaamse Overheid. Dit beleidsdomein behandelt materies over kinderen en jongeren, gezinnen, ouderen, personen met welzijnsnoden, personen met gezondheidsnoden en personen met een handicap. Het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap valt onder de bevoegdheid van dit beleidsdomein. 
    • Welzijnsdiensten of Reguliere Welzijnsdiensten

      Deze diensten zijn er voor elke burger. Enkele voorbeelden: thuiszorg, thuisverpleging, gezinshulp, maaltijd- en vervoersdiensten en oppasdiensten. Deze diensten zijn erkend en worden deels betaald door de Vlaamse Overheid. Ze vragen een bijdrage die meestal afhankelijk is van het inkomen.

    • Werkgroep (WG)

      Dit is een groep van mensen die regelmatig samenkomen om te werken rond een bepaald onderwerp. Binnen een Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg zijn er dikwijls verschillende werkgroepen die specifieke onderwerpen uit de stuurgroep verder uitwerken of voorbereiden voor de stuurgroep. 

    • West -Vlaanderen (WVL)

      Dit is één van de vijf Vlaamse provincies. De andere zijn: Oost-Vlaanderen, Antwerpen, Limburg en Vlaams Brabant.

    • Westhoek Vrijetijd Anders vzw (WVA vzw)

      Westhoek Vrijetijd Anders vzw is een gebruikersvereniging in West-Vlaanderen voor personen met een handicap, hun familieleden en vrienden en professionelen. Westhoek Vrijetijd Anders vzw is een vrijetijdsorganisatie die bestaat uit verschillende deelwerkingen. De organisatie geeft vormingen, biedt vrijetijdsbesteding aan, doet aan sociale dienstverlening en informeert haar leden over verschillende handicap-gerelateerde onderwerpen. In samenwerking met enkele diensten erkend door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap biedt Westhoek Vrijetijd Anders vzw in de Westhoek een aantal diensten aan, aan personen met een handicap. Tenslotte is Westhoek Vrijetijd Anders vzw ook actief rond toegankelijkheid. Meer info vind je op: www.wvavzw.be.

    • Witboek

      Het witboek is een document van Jo Vandeurzen (minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin) dat beschrijft hoe de overheid een probleem gaat aanpakken. Het witboek geeft informatie die gebruikt wordt bij het nemen van beslissingen. In het witboek staat een concreet stappenplan met de acties die men zal ondernemen.

    • Wonen onder begeleiding/met ondersteuning van een particulier (WOP)

      (oude term)
      Wonen onder begeleiding of met ondersteu­ning van een particulier is een ondersteuningsvorm waarbij de persoon met een handicap zelfstandig woont, maar daarbij ondersteuning krijgt van een vrijwilliger. Dit is meestal iemand uit het netwerk van de persoon met een handicap, bijvoor­beeld een vriend(in) of een familielid. De vrijwilliger wordt op zijn beurt ondersteund door een dienst Pleegzorg of Wonen onder begeleiding met ondersteuning van een Particulier.

    • Woongarantie - ondersteuningsgarantie (WGOG)

      Woongarantie - ondersteuningsgarantie

    • Woonondersteuning

      Dit is ondersteuning die een persoon met een handicap voor en na het werk of de dagbesteding en ook ’s nachts krijgt. Dit kan gebeuren door te overnachten bij een zorgaanbieder. Ook assistenten kunnen bij de persoon met handicap thuis woonondersteuning aanbieden. 

  • Z

    • Zelfredzaamheidschaal

      De zelfredzaamheidschaal is net zoals de Support Intensity Scale een vragenlijst die de ondersteuningsnoden en de zelfredzaamheid van een persoon met een handicap in kaart brengt. Het instrument is vooral geschikt voor mensen met een zware ondersteuningsnood.

    • Zelfstandig Wonen (ZeWO)

      (oude term)
      Zelfstandig Wonen is een ondersteu­ningsvorm die ondersteuning biedt aan personen met een fysieke handicap die zelfstandig wonen. De dienst Zelfstandig Wonen ondersteunt meestal een 10 tot 15-tal mensen die een woning huren in een sociale woonwijk. Ondersteuningsvragers kunnen 24 uur op 24 uur ADL-assistentie oproepen via een intercom­systeem. Een andere term die soms voor Zelfstandig Wonen wordt gebruikt is Focus-wonen.

    • Zelfzorg

      Dit is de zorg die een persoon met een handicap voor zichzelf kan opnemen.

    • Zoom vzw

      Zoom vzw is een bijstandsorganisatie. Daarnaast zijn ook Alin vzw, Absoluut vzw en Onafhankelijk Leven vzw bijstandsorganisaties.

      Zoom vzw helpt personen met een handicap met een persoonsvolgend budget om zelf hun handicapspecifieke zorg en ondersteuning te regelen. Deze vereniging helpt mensen met een cashbudget, maar ook mensen met een voucher. De vereniging helpt de budgethouders bij het opstarten, uitgeven en beheren van hun budget. Op vraag van de budgethouder kan deze vereniging ook helpen in de onderhandeling met de zorgaanbieders.
       
      Meer informatie vind je op : http://www.zoomvzw.be
    • Zorg In Natura (ZIN)

      (oude term)
      Zorg in natura is alle ondersteuning, behandeling, opvang en begeleiding in en door een voorziening of door een dienst erkend door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Er zijn vele diensten en voorzieningen. Er is een verschil tussen residentiële voorzieningen (gebouwen waar personen met een handicap wonen en leven) en ambulante diensten (diensten die personen met een handicap ondersteunen in hun thuissituatie). Deze diensten en voorzieningen bieden ‘Zorg in Natura’ of directe zorg. Er zijn heel wat ondersteuningsvormen zoals thuisbegeleidingbegeleid wonen, dagcentrumtehuis werkendeninternatenpleegzorg. Een andere manier om zorg en ondersteuning te organiseren is via het Persoonlijke Assistentie Budget.

    • Zorgaanbieder

      Een zorgaanbieder is een organisatie die zorg en ondersteuning biedt aan personen met een handicap. Wanneer het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap een organisatie erkent en financiert, spreken we van een vergunde (zorg)aanbieder. De organisatie moet dan aan specifieke voorwaarden voldoen, zoals het naleven van de kwaliteitsvoorwaarden,  het verantwoorden van het ontvangen geld van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, … . 

    • Zorgafstemming

      Zorgafstemming betekent dat men het bestaande aanbod (dit is begeleidings-, behandelings- en opvangvormen) beter op de ondersteuningsvragen afstemt. Als er bijvoorbeeld meer vragen zijn voor een bepaalde ondersteuning dan dat er aanbod is, zal men er proberen voor te zorgen dat er meer aanbod komt.

       

    • Zorgbemiddeling (ZB)

      (oude term)
      Ondersteuningsvragers die een actieve zorg­vraag hebben, gaan samen met de contactpersoon actief op zoek naar een oplossing. Zij kunnen zich kandidaat stellen voor opname in een open plaats met het juiste profiel, en/of kunnen een status Prioritair te Bemiddelen aan­vragen als het om een heel dringende zorgvraag gaat.
      Contactpersonen melden nieuwe ondersteuningsvragers aan bij het beschikbare ondersteuningsaanbod. De voorzieningen en diensten zoeken telefonisch, elektronisch en/of via overleg naar gepaste oplossingen en invullingen voor de ondersteuningsvragers. Met zorgbemiddeling wil men een zo gepast mogelijk begeleidings-, behandelings- of opvangaanbod voor elke ondersteuningsvrager. Men houdt hierbij rekening met de zorgvraag, de prioriteitengroep van de ondersteuningsvrager en het beschikbare aanbod.


    • Zorgbemiddelingsvergadering

      (Oude term)
      De zorgbemiddelingvergadering is de vergadering waarin ondersteuningsvragen die door de Regionale Prioriteitencommissie erkend werden als Prioritair te Bemiddelen Dossiers – en die niet binnen een aanvaardbare termijn een antwoord krijgen, bemiddeld worden. Daarnaast kan op een zorgbemiddelingsvergadering ook de hantering van de noodsituaties conform het protocol noodsituatie besproken worden. Op vraag van een contactpersoon kan tenslotte ook een individuele zorgvraag besproken worden. In ad hoc-zorgbemiddelingsvergaderingen komen alle betrokken actoren van één (of meerdere) ondersteuningsvragers die na verschillende bemiddelingspogingen nog steeds geen oplossing hebben, samen om intensief naar een oplossing te zoeken. 
    • Zorgconsulent

      Een persoon met een Persoonlijke-Assistentiebudget  of budgethouder kan hulp krijgen van een zorgconsulent die erkend is door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Erkende zorgconsulenten zijn budgethoudersverenigingen en thuisbegeleidingsdiensten.
      De budgethouder en de zorgconsulent stellen samen een assistentieplan op. In dat assistentieplan geven ze aan welke ondersteuning de zorgvrager nodig heeft bij welke activiteit. De zorgconsulent helpt ook bij de planning van deze ondersteuning en ziet erop toe dat het plan wordt uitgevoerd en bijgestuurd als dat nodig is.

    • Zorggradatie

      Zorggradatie betekent een onderscheid aanbrengen in de mate van zorgbehoefte: er zijn verschillende niveau’s van zorgbehoevendheid.
    • Zorginspectie

      Zorginspectie is de verkorte term voor het Intern Verzelfstandigd Agentschap Zorginspectie. Dit agentschap is belast met de inspectietaken in de sector personen met een handicap. Inspectietaken zijn dan vooral de controles op de Sectorale Minimale Kwaliteitseisen die het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap aan de voorzieningen stelt.

    • Zorgkas

      Een Zorgkas is een instantie die de administratie van de Zorgverzekering beheert. Een Zorgkas wordt ofwel opgericht door een ziekenfonds of door een verzekeringsmaatschappij. Er zijn zeven zorgkassen in Vlaanderen. Ook de Vlaamse overheid heeft een Zorgkas opgericht: de Vlaamse Zorgkas. Iedereen kan er terecht. Wie niet binnen de voorziene tijd aansluit bij de zorgkas van zijn keuze, wordt automatisch lid van de Vlaamse Zorgkas. Iedereen in Vlaanderen is dus lid van een Zorgkas.

    • Zorgplanning

      Zorgplanning wil een planning over meerdere jaren uitwerken om zoveel mogelijk huidige en toekomstige ondersteuningsvragen te kunnen beantwoorden.

    • Zorgregie (ZR)

      (Oude term)
      Zorgregie bestaat uit:

      • Zorgvraagregistratie: Iemand heeft een zorgvraag en wil ondersteuning. De vraag wordt opgenomen in de Centrale Registratie van Zorgvragen.
      • Zorgbemiddeling: Iemand heeft een zorgvraag. Men zoekt een oplossing.
      • Zorgafstemming: Welke ondersteuning is er? Welke vragen zijn er? Geeft de ondersteuning een gepast antwoord op de vragen?
      • Zorgplanning: Er zullen nog vragen komen. Welke ondersteuning is er dan nodig?
    • Zorgvernieuwing

      Zorgvernieuwing is een bepaalde visie op hoe de zorg georganiseerd zou moeten worden.
      Zorgvernieuwing heeft als doelstelling dat elke persoon met een handicap over de zorg en ondersteuning beschikt die hij wenst en nodig heeft om als volwaardige burger deel te nemen aan de samenleving. Om deze doelstelling te bereiken, probeert men de huidige aanbodgestuurde zorg en ondersteuning om te zetten in vraaggestuurde ondersteuning. Een voorbeeld van zorgvernieuwing is het creëren van nieuwe zorgvormen die beter aansluiten bij de ondersteuningsvragen van de ondersteuningsvragers.
    • Zorgvorm

      (oude term)
      Een zorgvorm is een vorm van begeleiding, opvang en ondersteuning voor volwassen personen met een handicap. Zorgvormen zijn erkend en betaald door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap.

    • Zorgvraag of ondersteuningsvraag


      Een zorgvrager stelt een zorgvraag. Dit is een concrete vraag naar ondersteuning in een bepaalde zorgvorm.
      Een zorgvraag wordt opgenomen in de Centrale Registratie van Zorgvragen. Zodra een zorgvrager een (definitieve) oplossing heeft, wordt de zorgvraag afgesloten.

    • Zorgvraagregistratie

      (oude term)
      Zorgvraagregistratie is het hele proces waarbij kandidaat-ondersteuningsvragers zich inschrijven bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap en een ondersteuningsvraag stellen.  Dit gebeurt door de ondersteuningsvrager en zijn zorgvraag op te nemen in de Centrale Registratie Zorgvragen.

    • Zorgvrager of ondersteuningsvrager

      De persoon met een handicap met een (geregis­treerde) zorgvraag.
       

    • Zorgzwaarte

      (oude term)
      Zorgvraagregistratie is het hele proces waarbij kandidaat-ondersteuningsvragers zich inschrijven bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap en een ondersteuningsvraag stellen.  Dit gebeurt door de ondersteuningsvrager en zijn zorgvraag op te nemen in de Centrale Registratie Zorgvragen.
    • Zorgzwaarte-instrument (ZZI)

      Het zorgzwaarte-instrument bepaalt voor personen met een handicap zo nauwkeurig mogelijk  hoeveel ondersteuning hij nodig heeft. Het zorgzwaarte-instrument bestaat uit een aantal vragenlijsten. Een multidisciplinair team neemt deze vragenlijsten af. Er zijn drie “waarden” die samen de “zorgzwaarte” van een persoon met handicap bepalen:

      • een inschatting van hoeveel begeleiding nodig is (B-waarde);
      • een inschatting van hoeveel permanentie of toezicht er tijdens de dag nodig is (P-waarde);
      • een inschatting van hoeveel permanentie of ondersteuning er tijdens de nacht nodig is (N-waarde).